Вы находитесь на странице: 1из 159

MACHINEFABRIEK

^BR-STORKsd

HENGELO

39

MACHINEFABRIEK GEBR. STORK 6 Co.

$>f2 3

MACHINEFABRIEK
GEBR. STORK & C2
HENGELO

O P G E R I C H T 1868

FEBRUARI

1 9

D R U K K E R I J M O U T O N 6 Co. D E N H A A G .

INLEIDING.

De uitgave van dit geschrift over de geschiedenis, de producten en de sociale


instellingen der machinefabriek Gebr. Stork & Co. werd voorbereid met het oog op
het 50-jarig bestaan der firma op 4 September 1918. De tijdsomstandigheden, waaronder deze gedenkdag viel, maakten evenwel toen de uitgave te bezwaarlijk.
In plaats van een omvangrijk boek deed de firma op haar vijftigjarig feest een feestnummer der Hengelosche Fabrieksbode verschijnen, dat, door illustraties van den
kunstschilder H . Heyenbrock opgeluisterd, in een twaalftal bladzijden een kort overzicht der afgeloopen vijftig jaren gaf, hetwelk, eenigszins gewijzigd en aangevuld, hier
is opgenomen.
Ook verscheen een levensschets van den stichter onzer zaken C. T . Stork. Een uittreksel van dit boekje, dat slechts in beperkten kring werd verspreid, Vormt het eerste
hoofdstuk van dit boek.

C. T. STORK.
1822 9 Februari 1922.

HOOFDSTUK L

C T. STORK.
T E R H E R D E N K I N G O P ZIJN H O N D E R D J A R I G E N G E B O O R T E D A G .

De geschiedenis onzer fabriek is tot het midden van 1895 saamgeweven met die
van den man, wiens beeltenis wij de eereplaats in dit boek geven: C. T. Stork. Is
ook de stichter onzer zaken begonnen als textielfabrikant, hetgeen hij tot zijn dood
bleef, de groote zakenliefde van zijn rijper leven was de Machinefabriek.
Charles Theodorus Stork was geboren als tweede zoon van een groote familie. Hij
kon reeds jong zijn buitengewone energie toonen, toen hij op 14-jarigen leeftijd met
behulp van een verstandig en bekwaam vader deze was postdirecteur en ontvanger een calico-weverijtje begon. Op de Oldenzaalsche onderwijsinrichtingen
uitgeleerd, moest hij zich door eigen studie verder ontwikkelen.
De oudere broeder, C . H . Stork, later een bekend advocaat, werd voor studie
opgeleid; de jongere broeders, J. E . Stork en C. Craan Stork bezochten later een technische school in Duitschland en de Delftsche academie. De studiekosten van eenige
jongens tegelijk zouden voor de financin van den vader te hoog zijn geloopen en vermoedelijk zag deze toen wel reeds, dat zijn tweede zoon zich ook zonder verdere
schoolstudie een weg zoude weten te banen.
Zoo bleek het te zijn. Ondanks alle moeilijkheden wist de jongeman zijn zaken vooruit te brengen, tot de veelbewogen jaren na 1847 het hem z moeilijk maakten, dat
hij na zijns vaders dood in dat jaar zelfs naast het fabrikantschap de betrekking van
postdirecteur waarnam, zij het ook slechts voor enkele jaren. Toen zijn broeder J. E .
Stork hem kwam bijstaan in zijn zaken werd eerst te Denekamp een afdeeling voor
ververij opgericht, terwijl in 1853 het hoofdbedrijf naar Hengelo werd overgebracht.
De jonge fabrikanten begonnen zich toe te leggen op de vervaardiging van bontgeweven goederen. Dat was geen gemakkelijke zaak in die dagen. Java was het voornaamste afzetgebied, maar Duitschers, Zwitsers en Engelschen waren veel beter op de
hoogte van de eischen der markt aldaar dan de Nederlandsche fabrikanten. Op reizen
7

HET GEBOORTEHUIS V A N C. T. STORK A A N DE MARKT T E OLDENZAAL,


van 17171838 achtereenvolgens bewoond door G. W . Stork, J. E. Stork en D. W .
Stork. In 1901 brandde het huis af, waarbij de steen van den geveltop op straat viel en in
stukken brak. De steen is hersteld en later geplaatst op de koppelboer" in de Lutte bij
Oldenzaal.

in Engeland, Duitschland en Zwitserland leerde C. T . Stork wat aan de zaken ontbrak


en, toen hij met zijn broeder J. E . Stork en hun lateren zwager H . J. Ekker de firma
C. T . Stork & Co gevormd had, wist deze firma hare Bontweverij tot een fabriek van
groote beteekenis op textiel-gebied te ontwikkelen.
De jongste broeder, C. Craan Stork, had intusschen zijn ingenieurs-studie aan de
toenmalige Kon. Academie (later Polytechnische school, nu Technische Hoogeschool)
te Delft met goed gevolg voleindigd en in Engeland en Belgi een zeer vruchtbaren
leertijd doorgemaakt. Thans kon een sinds lang gekoesterd lievelingsdenkbeeld van
C. T. Stork verwezenlijkt worden, toen hij dezen jongen broeder steunde bij de oprichting van een kleine reparatie-werkplaats met gieterij in het stadje Borne, in compagnonschap met een bekwaam smid, den Heer Meylink.
De oprichting had plaats in 1859 en de toekomst scheen voor de jonge zaak niet
slecht. Helaas overleed de knappe nog veel belovende broeder reeds eenige jaren later,
in 1862.
Ondanks zijn onbekendheid met het machinevak zette C . T. Stork de fabriek met
den Heer Meylink, later ook met zijn broeder J. E . Stork voort. Toen de Heer Meylink,
wien de Hengelosche compagnons waarschijnlijk wat al te ondernemend waren, uittrad,
werd met den Heer H . J. Ekker de firma Gebr. Stork & Co. opgericht, die lange jaren
met de zusterfabriek C. T. Stork 6 Co. onder ne leiding stond.
Voor de uitbreiding der zaken was het gewenscht Borne te verlaten voor Hengelo, na
de opening der Nederlandsche Staatsspoorwegen en den spoorweg Almelo-Salzbergen,
in wier tot standkoming C . T . Stork een groot aandeel had, in 1865 een spoorwegkruispunt geworden. In de nabijheid der spoorlijn, zoodat een goede spoorweg-aansluiting
kon worden verkregen, werd een flink terrein aangekocht, waar op 4 September 1868
de tegenwoordige Machinefabriek werd in werking gebracht. Met de technische leiding
was een flink technicus ook vooral in de praktijk doorkneed de Heer A . A .
Parmentier, eerst te Borne, later te Hengelo belast, terwijl C . T. Stork de commercieele leiding op zich nam, daarin ter zijde gestaan door zijn broeder J. E . Stork.
C. T. Stork bleef te Oldenzaal wonen, waar nog steeds een deel der textielzaken
gedreven werd, en waar hij met den Heer Eekhout, burgemeester van Oldenzaal, en
H . P. Gelderman een groote katoenspinnerij had opgericht, welke later aan de bekende
firma H . P. Gelderman & Zonen overging.
Niet tot de fabrieken alleen beperkte hij zijn werk; aan het politieke leven van zijn
land nam hij in alle opzichten deel en zijn medestanders toonden zijn karakter en bekwaamheid te waardeeren door hem in 1867 naar de Eerste Kamer af te vaardigen,
waarvan hij tot kort voor zijn dood lid bleef, en waar hij door zijn practische staatsmanswijsheid en ervaring dikwijls grooten invloed uitoefende.
Sedert de oprichting der Machinefabriek te Hengelo gaf C. T. Stork, voor zoover
het zakenleven betreft, al zijn energie aan deze nieuwe onderneming, terwijl het dagelijksch beheer van de Weverij meer in het bijzonder in handen van zijn broeder J. E .
Stork en zwager H . J. Ekker berustte.
Toch zoude ook de oudste firmant nog eens al zijn zorgen aan deze zuster-zaak
9

De machinefabriek in 1878.

moeten geven, toen als gevolg van een ernstige zakencrisis in 1869 en volgende jaren
het voortbestaan van de Hengelosche textiel-industrie ernstig bedreigd werd. Met behulp van oude en nieuwe vrienden kwam men de moeilijkheden te boven en al duurde
het verscheidene jaren voordat de Machinefabriek haar eerste balansen zonder verlies
afsloot, de Ijzerfabriek", zooals men haar noemde, wist naast de textiel-industrie in
Twente een eervolle plaats te veroveren.
In de leiding der fabriek werd Stork sedert 1872 door zijn zoon D . W . Stork, later
door den bekwamen ingenieur C. H . Strumphler, die den Heer Parmentier vervangen
had, krachtig ter zijde gestaan. Werd met hun medewerking het commercieele en technische beheer der Machinefabriek zoodanig verbeterd dat zij zich krachtig kon ontwikkelen, C. T . Stork bleef daarbij door zijn nooit verflauwende energie en vooral
ook door zijn dagelijksch voorbeeld van plichtsbetrachting, een groote stuwkracht. Hij
was, gelijk wij zagen, in het machinevak niet technisch ontwikkeld en hield zich zorgvuldig buiten alle technische bemoeienis, maar hij voelde dikwijls technische tekortkomingen als bij intuitie. Innig genoot hij, als hij de resultaten van technisch kunnen
in het werk zag en hij leidde zijn vrienden gaarne en met trots rond in de fabriek, die
hem zoo na aan het hart lag. Heeft hij haar ook niet tot vollen wasdom zien komen en
het niet meer ten volle mogen beleven, dat zij ook door de Nederlandsche industrieelen
geheel als gelijkwaardige van de eerste fabrieken in binnen- en buitenland werd erkend,
vr zijn dood was ze de moeilijkste tijden glansrijk te boven. In 1893 mocht onder
zijn opperleiding het feest van het 25-jarig bestaan luisterrijk worden gevierd; wee10

moedig was het daarbij voor hem dat zijn broeder en vriend J. E . Stork, zijn trouwe
medewerker in zaken, dit jubileum niet meer mocht beleven. Hij was in het begin van
dat jaar overleden.
Behalve aan de eigen fabrieken en veel zaken van algemeen nut, gaf C . T . Stork
zijn werkkracht aan tal van andere ondernemingen van industrieelen aard. Hij was
o.a. in latere jaren nauw betrokken bij de oprichting van de Nederlandsche Fabriek
van Werktuigen en Spoorwegmateriaal, thans als Werkspoor algemeen bekend, die
onder leiding van den Heer Strumphler op de puinhoopen van de vroeger bloeiende,
later achteruit gegane, Koninklijke Fabriek van Stoom- en andere Werktuigen te Amsterdam verrees. Ook vele andere, thans bloeiende industrieele ondernemingen op
textiel- en machinegebied hadden mede aan zijn krachtigen steun in moeilijke dagen
hun lateren bloei of hun voortbestaan te danken. W i j noemen slechts de Twentsche
Bontweverij te Hengelo en de Werf Conrad te Haarlem.
Hij overleed op 19 Juli 1895, nog in de volle kracht van zijn leven, dankbaar voor
wat dit leven hem geschonken had, niet minder dankbaar nagestaard door zoovelen
aan wie hij veel had weten te schenken.
In het zaken- en maatschappelijk leven van ons land, natuurlijk in de eerste plaats
van Twente, heeft C. T . Stork door werkzaamheid en bekwaamheid, maar vooral door
zijn nobel karakter, door bewustzijn van eigen kracht, gepaard aan onbaatzuchtigheid
en beminlijken eenvoud een plaats van beteekenis weten in te nemen.

11

HOOFDSTUK II.

GESCHIEDKUNDIG OVERZICHT.

De machinefabriek te Hengelo vindt haar oorsprong in eene reparatiewerkplaats,


die bij acte van 13 Mei 1859 te Borne werd opgericht door Coenraad Craan Stork,
civiel ingenieur en Jan Meyling. In het eerste hoofdstuk van dit boek vindt men
eenige bijzonderheden omtrent dit fabriekje, dat gedurende een zestal jaren te Borne
bestond.
In het jaar 1864 werd door de firmanten der Weefgoederenfabriek: C . T . Stork,
J. E . Stork en H . J. Ekker de firma Gebr. Stork & Co. gevestigd, die op 4 Sept. 1868
haar fabriek te Hengelo in bedrijf bracht. E r behoorde ondernemingsgeest toe om dit
te doen, want de stichting eener machinefabriek eischt kapitaal, maar nog meer werkkracht en bekwaamheid. Het eerste was niet overvloedig aanwezig bij de stichters,
de genoemde eigenschappen gelukkig wel. Geen moeite was voor de firmanten te veel
om de nieuwe zaak naast de oudere tot bloei te brengen, en ondanks groote moeilijkheden zijn zij geslaagd. W e zullen thans niet herhalen wat in het Gedenkboek der
fabriek, na het vijf-en-twintig-jarig bestaan uitgegeven, beschreven is. Slechts zij in
herinnering gebracht, dat het vele jaren duurde, voordat de eerste balans zonder verlies
werd afgesloten, hoewel in deze jaren reeds belangrijke werken werden uitgevoerd. In
oude brieven van en aan C. T. Stork vinden wij voortdurend melding gemaakt van
de zorgen die de fabriek hem gaf, maar ook van de groote vreugde, dat bestellingen
werden verkregen, wier goede uitvoering een eervollen naam zouden helpen vestigen.
Sedert 1876 traden de Heeren D . W . Stork en C . H . Strumphler als directeuren op. De
laatste verving den technischen directeur Parmentier, die was afgetreden; sedert 1877
werkte de Heer P. A . N . Jansen als chef-constructeur met hen samen.
Onder de nieuwe directeuren begon het tijdperk, waarin de grootste moeilijkheden
overwonnen werden en de fabriek tot bloei geraakte. Langzaam maar gestadig ging
het bedrijf vooruit en toen eenmaal de levensvatbaarheid gebleken was, had de firma
moed de eerste belangrijke verbouwing te ondernemen. Eerst werd de Gieterij, later
de Ketelmakerij vergroot, daarna een groote Stelplaats gebouwd, samengaande met
13

uitbreidingen van de Draaierij. Ook nieuwe magazijnen werden gebouwd. Eindelijk


werd met vergrooting der teekenbureaux en plannen voor nieuwe kantoorgebouwen
het eerste vijf-en-twintig-jarig tijdperk besloten.
In de leiding der zaken was intusschen vrij wat wijziging gekomen. De Heer H . J.
Ekker was in 1881 uit de firma getreden, en de Heer Strumphler had in 1891 Hengelo
verlaten om het beheer van de Nederlandsche Fabriek, thans genaamd Werkspoor"
te Amsterdam op zich te nemen. Verder had 1 Januari 1893 C . T . Stork de firma
C. T . Stork 6 Co. en J. E . Stork de firma Gebr. Stork 6 Co. verlaten, waarin
C. T . Stork zijn drie zonen opnam, die tot het einde toe de firma bleven vormen, en
thans als Directeuren der nieuwe N . V . zijn opgetreden. Voor de oudere firmanten
was het een groote voldoening hun levenswerk stevig bevestigd te zien. Jammer genoeg beleefde J. E . Stork, die weinige dagen na zijn uittreden, na een kortstondige
ziekte overleed, het vijf-en-twintig-jarig bestaan niet meer; hij ging 19 Januari 1893
van ons heen, betreurd in kleinen en grooten kring als een man aan wien Hengelo veel
verplicht was en die voor talloozen een steeds toegankelijke raadsman en helper in
nood was geweest.
Degenen onder ons, die meer dan vijfentwintig jaar aan de fabriek verbonden zijn,
zullen zich de eerste Septemberweek van het jaar 1893, de herdenking van het 25-jarig
bestaan der fabriek, herinneren als n der mooiste en aardigste tijdperken van hun leven.
14

Een der oudste en een der nieuwste stoommachines.

Waardig werd het feest geopend door C. T. Stork's woord in de Fabrieksbode. Dit
vertelde op aantrekkelijke wijze hoe de fabriek was opgericht, en wat men van de toekomst hoopte. Hij alln kon dat zoo zeggen, want hoeveel hulp hij ook had gehad van
de mede-firmanten en beambten, hij alln had al de zorgen gekend aan de oprichting en
de eerste moeilijke jaren zijner zaken verbonden, alln hij die boven allen uitstak door
karakter en werkkracht, mocht zoo eenvoudig treffend spreken tot het gemoed als
hij het deed in dit stukje.
Waardig was de openingsplechtigheid in de groote feesttent, die gebouwd was op de
plaats waar nu het Vereenigingsgebouw staat. In een uitvoerige rede sprak daar de
Heer D. W . Stork over de beteekenis van het feest. Daar herdacht hij, en wij met
hem, de mannen die veel voor de fabriek waren en hen die het waren er toen gelukkig nog niet velen reeds heengegaan uit dit leven, noode gemist werden.
Waardig was de feestviering op het oogenblik dat C. T. Stork in een kort woord
mededeeling van de feestgave der firma deed, de teekening van het Vereenigingsgebouw aanbiedend aan het Bestuur der Vereeniging. Niet zonder belang was ook de
tentoonstelling der voortbrengselen van de fabriek in de toen nieuw gebouwde pakplaats, met de eerste electrische loopkraan. Daar stonden o.a. een suikerriet-moleninstallatie opgesteld en een compound-machine met twee centrifugaalpompen, welke laatste
toen nog uit Engeland of Duitschland moesten komen, en een snelloopende, gesloten
machine voor electrisch bedrijf. Daar was ook het werk der jongens, teekeningen en
werkstukken met als glanspunt de door hen vervaardigde modellen eener pompmachine,
als voor de Groningsche waterleiding gemaakt, en van een locomotiefketel.
Zoo gingen we de tweede vijf-en-twintig jaren in. Was het niet te mooi gegaan, vroegen we ons wel eens af, en zoude op de periode van voorspoed niet achteruitgang
volgen? De uitkomst heeft bewezen, dat we niet angstig behoefden te zijn. Voortdurend
ging de fabriek vooruit in bloei. Er kwamen wel eens weer moeilijke tijden, maar ze
vonden ons gelukkig in staat aan de bezwaren het hoofd te bieden.
In de laatste jaren der vorige eeuw werden op sociaal gebied belangrijke maatregelen
genomen. In 1894 werd de werktijd van 9 / uur tot 9 uur per dag (na aftrek der schaftkwartieren) verkort, na uitvoerige besprekingen in de Kern, de vertegenwoordiging van
3

15

De 1000ste ketel.

De 2000^ ketel.

het personeel. Daar werd in dienzelfden tijd ook de oprichting van het Invaliditeits-,
Weduwen-, en Weezenfonds behandeld.
Op 19 Juli 1894 overleed C. T. Stork de stichter der fabriek. Hij had gelukkig
zijn zaken krachtig gevestigd gezien, en kon het hoofd neerleggen in het bewustzijn zijn
levenstaak goed te hebben volbracht. Maar toch, wie hem het naast stonden en al wie
onder hem werkten, betreurden het diep dat hij niet langer getuige was van den vooruitgang der Machinefabriek. Eenige weken na C. T . Stork's dood, werd deze vooruitgang bewezen door de bestelling op de K 1000, de grootste klepmachine tot dien tijd
vervaardigd, voor de Spinnerij Bamshoeve te Enschede. Daarmede werd getoond dat
op het gebied van modernen stoommachinebouw, waarop wij wel wat lang waren achtergebleven, de fabriek met goed gevolg de concurrentie kon ophouden, en dat zij ook in
Twente als volwaardig werd erkend. Op 12 November 1896 werd deze machine voor
het eerst in werking gebracht. Ook in volgende jaren vlotte het met bestellingen; de Heer
Kroese, onze vertegenwoordiger op Java, zond talrijke orders, de Werf Conrad te
Haarlem met wie onze fabriek nauw verbonden was eveneens; er was reden tot hoop
voor de toekomst, gelegenheid ook om tot nieuwe plannen voor uitbreiding- over te

gaan. Zoo werd in 1898 het begin gemaakt met de vervaardiging van hijschwerktuigen als afzonderlijke tak van bedrijf, en werd overgegaan tot groote uitbreiding
der gebouwen, eerst van de Ketelmakerij, daarna van Draaierij en Stelplaats.
In de constructie zagen deze jaren belangrijke dingen. De eerste machine-installaties
met hoogoververhitten stoom werden gebouwd in samenwerking met den beroemden
uitvinder Wilhelm Schmidt, en wij slaagden daarmede zoo goed dat in 1900 op de
tentoonstelling te Parijs een compound machine kon vertoond worden, die blijkens de
proefnemingen bij de firma B. W . en H. ter Kuile te Ensched, onze trouwe klanten
sinds die dagen, de zuinigst-bekende machines naar de kroon stak. In datzelfde jaar 1900
werd door de opening van de badinrichting een tweede belangrijke instelling de
eerste Was het sedert 1895 in gebruik genomen Vereenigingsgebouw als eigendom
der Vereeniging in exploitatie gebracht.
Het jaar der Parijsche tentoonstelling, waar wij ook op suikermachinegebied lof
inoogstten voor ons werk, vormde een hoogtepunt wat drukte betreft; daarna trad teruggang in, gelukkig niet voor lang en niet ernstig.
Het jaar 1901 bracht reeds weder belangrijke bestellingen voor de Electrische Centrales van Amsterdam, Groningen en Haarlem en ondanks de minder goede tijden
werd met den bouw van een geheel nieuwe Gieterij begonnen. Op 29 Maart 1920 werd
deze in bedrijf genomen. In ditzelfde jaar werd de nieuwe loonregeling doorgevoerd,'
die sedert, in hoofdzaak ongewijzigd, geldt, en die als de beste uiting moet worden
beschouwd van het beginsel van winstdeeling, sedert de oprichting van het Pensioenfonds in 1881 en eigenlijk reeds ten deele vroeger gehuldigd.
17

In 1904 werd de complete machine- en ketelinstallatie voor de Gemeente-Centrale


in Den Haag geleverd, een werk van groote beteekenis, welks voltooiing een groote
reclame voor de fabriek was. Hoe groot was sedert de vooruitgang der techniek, als
we bedenken, dat, nu we dit schrijven, bijna deze geheele installatie is gesloopt om
plaats te maken voor nieuwe werktuigen!
In 1905 werden de eerste Lentzklepmachines gemaakt.
Het volgend jaar was belangrijk voor de fabriek wegens het 25-jarig bestaan der
Vereeniging, dat zeer feestelijk werd gevierd. Bij gelegenheid van dit feest werd door
de leden der firma aan de Vereeniging een schenking gedaan van f 100.000, onder
voorwaarde dat zij voor deze som Commanditaire deelgenoote in de fabriek zou
worden, en dat zij dit kapitaal, verdeeld in certificaten op naam a f 100. a pari voor
de leden van het personeel beschikbaar zou stellen.
Thans is het aandeel van het personeel als certificaathouders in ons aandeelenkapitaal gestegen tot ca. 300.000.>.
In ditzelfde jaar 1906 werd de grootste landstoommachine besteld, die we
maakten, n.1. de 2600 P.K. machine voor de Centrale van Den Haag, en wat nog
gewichtiger was: de eerste Zoelly-stoomturbine. Aan den toenmaligen DirecteurGeneraal der Staats-mijnen, den HeerWenckebach, dankten wij deze laatste bestelling,
18

Aan de groote klinkmachine.

die bewijs gaf van een vertrouwen in onze fabriek, dat gelukkig niet werd beschaamd.
In 1907 genoten wij de eer van het bezoek van H . M . de Koningin en Prins Hendrik,
waarvan de beste herinneringen achterblijven bij allen die er getuige van mochten zijn.
In 1908 vestigden wij een agentschap op Cuba, dat ons zeer belangrijke bestellingen
deed, en een zeer goeden naam in de suikerindustrie verkreeg.
In de volgende jaren was er veel werk en werd er veel gebouwd, zoodat de laatste
deelen van de oude houtdraaierij-gebouwen verdwenen.
Als nieuwe takken van fabricage noemen wij de vervaardiging, volgens contract
met de bekende Engelsche firma, van Babcock-Wilcox-waterbuisketels en die van mijnschacht-bekleedingen, voor de Staatsmijnen uitgevoerd.
In 1910 was de prachtige, fleurige tentoonstelling te Brussel, waar de Nederlandsche
Machine-industrie, ook door onze medewerking, zoo goed voor den dag kwam.
In 1912 werd de Ketelmakerij belangrijk vergroot. Helaas stierf de chef dier werkplaats, de Heer Rietjens, in datzelfde jaar, zoodat hij deze uitbreiding zijner afdeeling
niet mocht beleven. Groot feest werd gevierd voor de voltooiing van de 2000ste
machine en den 3000sten ketel. Die 2000ste machine was vooral belangrijk, daar zij
diende voor het drijven van een polder-centrifugaalpomp.
Sedert eenige jaren waren we er toe overgegaan zelf deze pompen te bouwen, en de
fabricage van centrifugaalpompen werd een bloeiend onderdeel van de turbine-afdeeling.
Op dat gebied werd in later jaren met goed gevolg verder gewerkt, zoodat we het
voorrecht hadden de grootste polderpompen van ons land te bouwen, voor het poldergemaal Electra" te Lammerburen. Daarvoor leverden wij drie electrisch gedreven
schroefpompen, welke ieder 950 M . water per minuut opbrengen. Daarnaast is voor
3

19

A a n de horizontale-fraismachine.

de fabricage van serie-centrifugaalpompen, die op de wereldmarkt gebracht worden,


een afzonderlijke afdeeling ingericht.
Het rampjaar 1914 was onder zeer gunstige vooruitzichten begonnen. Het tuindorp
het Lansink", het jongste kind der fabriek op sociaal gebied, met behulp van onze
vrienden G . Dikkers & Co. en de Nederlandsche Katoenspinnerij tot stand gebracht,
was, voor zoover het voorloopige plan reikte, bijna voltooid. Aan een aantal dergelijke
ondernemingen hier te lande had het onder leiding van den Heer Karei Muller gebouwde dorp tot voorbeeld gestrekt. In 1913 was het 't doelpunt van een welgeslaagde
excursie van het Internationaal Woningcongres, in Den Haag gehouden. In den zomer
van 1914 werd de kroon op deze belangstelling gezet door het bezoek van H . M . de
Koningin, die met groote vriendelijkheid het dorp bezichtigde en verschillende bewoners bezocht. Bij diezelfde gelegenheid werden ook onze herhalings- en technische
lessen bijgewoond door de Koningin, die met groote belangstelling het onderwijs
volgde. In aansluiting aan dit bezoek werd besloten tot den reeds te lang uitgestelden
bouw van onze nieuwe school, die bij het vijftigjarig bestaan der firma werd ingewijd.
Weinige dagen na dit Koninklijk bezoek brak de oorlog uit, ten gevolge waarvan gedurende het najaar 1914 de productie onzer fabriek ontwricht was en alle bestellingen
werden opgeschort. Door den langen duur van den oorlog moesten we ons aanpassen
aan den oorlogstoestand alsof deze normaal ware, en dat is niet al te slecht gelukt. Zelfs
zeer belangrijke bestellingen zijn gedurende den oorlog gedaan en tot uitvoering gebracht. W e wijzen op de suikerfabriek Tjepiring, een der grootste van Java, op geheel
moderne wijze door ons ingericht, welke in de campagne van het jaar 1918 met uitnemend gevolg, wat de machinerie betreft, in gebruik werd genomen.
Wat de machinerie betreft! want helaas verkeerde de Java-suikerindustrie, door de
20

belemmering van het suikervervoer, toen in uiterst moeilijke omstandigheden. Dat deze
moeilijkheden in hooge mate terugwerkten op onze fabriek, behoeft wel geen betoog.
Evenmin, dat over ons bedrijf in deze jaren niet veel goeds is mede te deelen.
W i j hebben niet van den oorlog geprofiteerd, gelijk zoovele andere industrien. Integendeel, wegens materiaal-gebrek moesten wij allerlei werk onvoltooid laten, in andere
opzichten onze toevlucht nemen tot nood-constructies of nieuw werk gaan maken, dat
als niet geschikt voor ons bedrijf gegolden zou hebben in andere tijden.
Als voornaamste verbeteringen in de inrichting der fabriek in dezen tijd mogen gelden de bouw van Modelmakerij en Drijfwerkfabriek en de verbouwing der kantoren.
Als voornaamste maatregel op sociaal gebied mag wel gelden de invoering van de
48-urige werkweek die in het jaar 1917 eerst tijdelijk werd toegepast met het oog op
kolenbesparing, en later definitief werd ingevoerd.
N a den oorlog is een periode van bloei ingetreden, die voornamelijk te danken was
aan veel bestellingen voor de suiker-industrie en voor den scheepsbouw. Deze bloei
was van voorbijgaanden aard, maar heeft het gelukkige gevolg gehad, dat de malaise,
die in tal van bedrijven zich in den loop van 1921 reeds ernstig deed gevoelen, in onze
fabriek eerst in het einde van dat jaar begon merkbaar te worden. Mede tengevolge
van dezen tijdelijken toestand werd overgegaan tot een reeds lang voorbereide groote
verbouwing van draaierij, montage en expeditiegebouw met opslagruimten, waaraan
de bouw van een geheel nieuwe pijpleidingen-werkplaats vooraf moest gaan.
Wanneer de bestellingen op turbines en suikermachinerien weer in ruimer mate
gaan binnenkomen, zal tengevolge van deze verbouwingen de afwerking en montage
vlugger dan tot dusverre kunnen geschieden.
21

E N K E L E CIJFERS OVER D E ONTWIKKELING DER FABRIEK.


Personeeloo
neeiop
31Dec.

IA A R
JAAK.

T o t a a l

Jaarlijksche
sa
enloonen.
8 8 6 1 1

1894

| 453

\f

1896

480

289.600

1898

576

350.440

1900

Aantal
gepentot
sion
.

d e r

Kapitaal der
Vereeniging behartiging
J^I

n e e r

d e n

259.488

\f

) ~
8.
15

Kolenverbruik in K . G .
y
V

a n het
.

P e r s o n e e l

Producten in K . G . gewicht.

Gieterij.

160.500.391 1.677.300

Smederij.
I

stoomproductie

Smeed, ,
-

Cokes.

k o l e n

Totaal
verw. opp.
derafge,
,
leverde
ketels.

Totaal
vermogen
, ,
.
afgeleverde
.
machines.

Bebouwd
PP
der

d e r

r v l a k

s t o o m

f a b r i e k

872.750

169.125

1.243.6001 268.000 I 1.209.8201

4.431 M . 1

4.198 P.K.

237.125.71

1.872.570

1.218.100

188.605

1.219.000

265.000

1.111.000

6.330 ..

5.503

,.

10.062 M .

328.184.98

2.037.620

1.396.900

202.060

1.650.000

345.000

1.320.000

6.247

5.575

,.

12.257

L 433.724.81

~
2

690

431.907

29

2.251.772

1.653.213 274.344

1.787.435

517.460

1.530.908

6.485

8.540

14.697 ..

1902 )

764

.. 462.428

41

574.907.96

2.350.031

1.326.245 248.691

1.890.800

457.100

1.563.500

4.561 ..

6.306

,.

21.308

1904

879

534.770

50

..

713.952.07

3.029.660

2.045.186

270.195

1.640.000

470.000

1.678.000

7.499

11.596

23.109 ..

1905

924

562.702

63

773.787.68

3.184.210

2.363.011

299.175

1.822.000

398.000

1.380.000

9.930 ..

11.548

..

23.546

1906

922

574.603

70

940.578.69

2.992.700

1.648.109 296.567

1.690.000

408.000

1.705.000

6.335

12.398

..

25.616 ..

1907

940

739.436 )

77

1.007.557.05 2.852.300

2.339.106

282.238

1.606.980

427.200

1.464.000

8.321

14.418

26.762 ..

1908

1055

826.194

77

1.102.064.49 3.879.346

2.685.275

310.022

2.043.300

396.200

1.815.000

10.821 ..

16.126

..

27:095 .,

1909

1143

912.903

84

1.205.741.58

6.589.788

2.513.298

313.394

2.473.200

439.660

2.645.600

11.507

17.571

27.295

1910

1245

973.687

87

1.305.267.63

5.821.625

2.483.200

364.010

2.256.635

350.415

2.417.000

11.873

22.470

127.600 ..

359.705

2.703.470

356.260

2.139.000

8.363

24.638

31.975

2.920.100

13.180

32.736

34.655

..
..

.,

1911

1341

1.153.116

91

1.422.080.24

5.570.570

2.707.675

1912

1483

1.252.823

97

1.589.513.71

7.008.190

4.043.280 409.660

1913

1509

1.322.650

106

1.724.567.31 6.125.296 )

3.852.000

346.800 )

3.370.000

315.000

2.746.000

12.820

36.010

137.346

1914

1496')

1.191.250

112

1.859.821.39

4.208.381

3.078.310

303.042

4.448.620

165.000

2.480.000

13.153

48.489

37.596

1915

39.633 .,

1671 )

1.280.600

119

1.996.418.36

4.836.500

3.240.000

390.000

3.574.160

237.000

2.800.000

10.511

39.038

1916 ) 2074')

1.808.072

123

2.130.649.52

5.768.950

3.434.700

499.250

3.992.460

160.000

3.400.000

18.100

40.519

42.112

1917

2133')

1.950.390

! 129

2.367.231.97

5.430.700

3.328.260

318.300

2.643.650

106.000

2.325.000

10962

21.734

46.208

1918

2023 )

2.210.630

136

2.550.983.87

3.439.230

2.609.100

331.285

3.691.000

156.000

1.897.000

9.481

28.605

46.573

.,

1919

2070')

2.768.988

150

2.666.116.20

4.556.000

2.784.388

379.134

3.745.000

348.000

2.147.000

11.318

65.740

47.793

1920

2427 )

4.266.711

145

2.922.438.56

5.640.900

3.583.600

459.600

5.453.000

181 000

3.281.000

12.445 ..

32.955

..

51.233 .,

1921

2467

5.116.609

j 5.584.000

3.637.498

424.545

7.151.000

191.000

3.446.000! 18.869

29.978

| 53.293

) Vanaf 1907 is in het opgegeven totaalbedrag der jaarl. salarissen en loonen het winstaandeel inbegrepen. *) Bovendien werd in 1912 van buiten besteld: 297.287
K . G gegoten ijzer en 651.924 K . G . gegoten staal.
) Bovendien werd in 1913 van buiten besteld: 365.356 K . G . smeedwerk.
) Behalve het personeel der fabriek
voor hijschwerktuigen, die in dit jaar van de hoofdfabriek werd gescheiden.
) Pensioenfonds opgericht in 1881, wrkte vanaf 1895 ook als Invaliditeitsfonds.
) Vanaf 1916 zijn in deze cijfers die van de N . V . Hijschwerktuigen weder inbegrepen.
) Hiervan zijn in deze jaren in militairen dienst resp. 238, 242, 228, 274
126 en 27 personen.
) Vanaf 1920 zijn ta deze cijfers die van het Bouwbedrijf inbegrepen.
x

HOOFDSTUK III.

V E R T E G E N W O O R D I G I N G E N IN NEDERLANDSCH-INDI
EN H E T BUITENLAND.

Sedert een veertigtal jaren bijna is de fabricage van machinerien voor de suikerfabricage een der afdeelingen van ons bedrijf. Voornamelijk naar Java worden onze
producten geleverd, maar op Cuba zijn ze goed bekend en ook voor Suriname, Mexico,
Brazili en Zuid-Afrika werden in den loop der jaren belangrijke bestellingen uitgevoerd.
Onze eerste vaste vertegenwoordiger op Java was de Heer T . Drayer, die te Solo
wonende, van 1883 tot 1894 onzen goeden naam vestigde. Als adviseur trad in die
jaren op een Duitsche specialiteit op dat gebied, de ingenieur F . Walkhoff te Maagdenburg. In samenwerking met dezen werd in 1887 een der eerste diffusie-batterijen
voor suikerriet gemaakt voor de suikerfabriek Klaling, welker ondernemende eigenaar,
de Heer H . H . Borel, evenals de Machinefabriek voor rietverwerking veel heil zag in
het diffusie-procd. Doch nadat de moeilijke kinderziekten waren doorgemaakt en de
diffusie bevredigend werkte, waren toch te veel bezwaren aan deze werkwijze verbonden om haar op den duur tot een succes te maken. Een zestal jaren later werd door een
ander ondernemend fabrikant de proef nog eens herhaald, welke technisch toen geen
moeilijkheden meer opleverde, maar op Java, evenals in andere rietsuikerlanden, werd
de ervaring bevestigd, dat met de groote verbeteringen in de constructie der rietmolens
en de rationeele toepassing van imbibitie in verband met meervoudige persing meer kon
worden bereikt dan met diffusie, welke bezwaren had, die hier thans niet in den
breede kunnen worden besproken. W i j meenden alleen in dit historisch overzicht van
ons werk op Java enkele woorden aan de pogingen tot vooruitgang op dit gebied te
moeten wijden.
Om onze fabriek nog beter op de hoogte te brengen van de eischen der suikerindustrie maakte de Heer C . F . Stork in 1891 een reis naar Java. De Heer Drayer had
reeds het succes eenige bijna complete fabrieksinstallaties besteld te krijgen, zoodat
de fabriek gelegenheid had te toonen wat zij op het geheele gebied der machinale inrichting kon presteeren. Hij vertrok van Java, veel goede vrienden van hem en van
23

Maalfeest suikerfabriek Tjepiring.

de fabriek achterlatende, en was tot zijn dood als gewaardeerde medewerker aan het
bureau voor de behandeling der Java-zaken in Holland verbonden.
Onder zijn opvolger, den Heer A . Kroese, die van 1894 tot 1904 de fabriek met groot
succes in Indi vertegenwoordigde, breidden de zaken zich zeer uit. Op allerlei gebied
werd veel geleverd en de constructie van vele werktuigen werd op adviezen uit Indi
belangrijk verbeterd. Vooral in Oost-Java werden de relaties belangrijker, zoodat het
Agentschap van Salatiga, waar de Heer Kroese zich gevestigd had, naar het zakencentrum van Java, Soerabaia, verplaatst werd. Ook in Midden- en West-Java was,
ondanks sommige crisisjaren, voortdurend stijging van den omzet. In 1904 kwam de
Heer Kroese naar Holland, op Java opgevolgd door den Heer F . W . Bolk, die echter
reeds in het volgende jaar tot technisch leider van het Proefstation der Java-suikerindustri werd benoemd. Hij werd opgevolgd door den Heer A . D . R. Verbeek. De
Heer Kroese maakte met dezen de reis naar Java. In Holland leidt de Heer Kroese
nu nog de suikerafdeeling als directeur der naamlooze vennootschap die sedert 1912
de Indische en andere overzeesche exportzaken der fabriek behandelt.
De samenwerking met den Heer Verbeek tot 1912, daarna met den Heer J. Overweg,
die ons van 1912 tot 1919 op Java vertegenwoordigde, droeg zeer goede vruchten.
In Indi werden door onze vertegenwoordigers gewaardeerde adviezen gegeven en
24

menige belangrijke bestelling werd geboekt. Hier te lande werden op constructief gebied veel nieuwe verbeteringen ter hand genomen. Speciaal op het moeilijke gebied
der molen-fabricage werd de concurrentie met buitenlandsche speciale fabrieken met
succes gevoerd, terwijl in sapzuiverings-, verdampings-, en vacuum-installaties tal van
veel geprezen verbeteringen werden aangebracht. Ook voor andere fabrieken waren
we werkzaam. Door onze bemiddeling werden een groot aantal gebouwen van de
firma de Vries Robb, pompen van de Machinefabriek Reineveld en centrifuges van
Watson Laidlow te Glasgow geleverd.
Van de groote nieuwe fabrieken, die in de laatste jaren geheel of gedeeltelijk naar onze
plannen en door onze fabriek werden geleverd, noemen we: Djatiroto, Medarie, Bandjaratma, Tjepiring. Thans zijn nog belangrijke installaties voor de nieuwe fabrieken
Tjomal en Kedoeng-Banteng onderhanden. Sedert 1919 is de Heer L. Koetse als vertegenwoordiger van het Agentschap werkzaam, evenals zijne voorgangers bijgestaan
door een staf van technici en teekenaars.
In den loop der jaren breidde de levering van machines in Indi, ook buiten de suiker,
zich zeer uit. Met het oog daarop werd in 1918 te Weltevreden een tweede afdeeling
van het Agentschap gevestigd onder leiding van den Heer J. Vrins. Deze afdeeling
houdt zich hoofdzakelijk bezig met de levering van waterbuisketels, systeem Babcock
Wilcox, die vooral in haar nieuwsten vorm, als z.g. C.T.M.-ketels, door ons voor electrische centraal-stations vervaardigd worden, evenals stoomturbines volgens het
systeem Zoelly. Daarnaast behandelt deze afdeeling van het agentschap de projecten
voor waterturbines volgens de bekende constructie Piccard en Pictet. Zij behandelt
ook de levering van centrifugaalpompen en van hijschkranen en liften, door de N . V .
Hijschwerktuigen vervaardigd.
Een derde afdeeling van het Agentschap is op Cuba werkzaam, waar als vertegenwoordiger optreedt de Heer J. W . Steenblik, wiens kantoor te Havana gevestigd is.
Ook deze vertegenwoordiging heeft belangrijke bestellingen voor suikerfabrieken behandeld; o.a. leverden wij een groot deel der machinerien voor de suikerfabriek Moron,
n der grootste van Cuba, die hoofdzakelijk volgens de plannen van den Heer
Steenblik werd gebouwd.
Ten slotte zij vermeld, dat wij met onze verdere exportzaken sedert eenige jaren een
afzonderlijke naamlooze vennootschap hebben belast n.1. de Hollandsche Ingenieurs Mij.
(verkort Holima), die te Amsterdam gevestigd is en in verschillende landen voor ons
en andere machinefabrieken of verwante bedrijven als vertegenwoordigster optreedt.

25

HOOFDSTUK IV.

D E P R O D U C T E N DER FABRIEK.

De Machinefabriek Gebr. Stork & Co. vervaardigt in hoofdzaak de volgende


producten:
1. Stoommachines voor Landgebruik met toebehooren.
2. Stoommachines voor Scheepsgebruik met toebehooren.
3. Stoomturbines voor land- en scheepsgebruik met toebehooren.
Waterturbines
4* Stoomketels voor land- en scheepsgebruik, met toebehooren als mechanische
stookinrichtingen, mechanische trekinrichtingen met ventilatoren. Verder:
reservoirs en tanks en apparaten voor de chemische industrie.
5* Centrifugaal- en Schroefpompen, speciaal: Polderbemalingsinstallaties.
6. Complete Suikerfabriekinstallaties, zoowel als onderdeden daarvan.
7. Compressoren en Luchtpompen'
8. Drijfwerken, zoowel onderdeden als complete installaties.
9* Gietwerk.
De met de machinefabriek verbonden N . V . Hijschwerktuigen vervaardigt
10 Hijsch- en Transportwerktuigen
In dit hoofdstuk zullen deze producten in de bovengenoemde volgorde nader
worden behandeld.

27

Gelijkstroom-stoommachines, ieder max. 1800 I.P.K. bij 125 omw., cil.-diam. 960 mM., slag 1000 mM.

1. STOOMMACHINES VOOR LANDGEBRUIK.


In de eerste 25 jaren van het bestaan der fabriek werden als normale typen afgeleverd:
100 Hoogdrukmachines van 1280 N.P.K. met
condensatie,
35

1280

zonder
240 Machines
21-15
99 Compound Stoommachines van 10-500 I.P.K.
Bovendien werden een groot aantal Hoogdruk-Compound en Triple Compound
Stoommachines van afwijkende typen vervaardigd.
De n-cilinder stoommachine, waarmede de stoommachinebouw begonnen was,
werd al spoedig, ter verkrijging van een gunstiger stoomverbruik, gevolgd door de
twee-cilinder compound machines en daarna door de triple-compound machine.
Zoo was o.a. de 1000ste, door defirmaafgeleverde machine, eene 1000 P.K. TripleCompound Stoommachine, die in het jaar 1896 werd vervaardigd voor de katoenspinnerij
Bamshoeve te Ensched.
De latere ontwikkeling ging in omgekeerde richting. Tengevolge der toepassing
van oververhitten stoom bleek dat met een twee-cilinder compound machine met oververhitten stoom een gunstiger stoomcijfer te bereiken was, dan met een triple-compound
machine met verzadigden stoom.
Terwijl de benoodigde machinekamerruimte voor een triple-compound stoommachine
van 1000 P.K. gestegen was tot ca. 180 M . , daalde deze weder tot 90 M . voor een
2

28

gelijkstroommachine van hetzelfde vermogen met een ca. 25% gunstiger stoomverbruik.
Wij fabriceeren thans de volgende soorten van machines:
Encylindermachines zonder condensatie in horizontale en verticale uitvoering in
alle grootten en met tegendrukken tot 5 atm. voor bedrijven, die allen afgewerkten
stoom voor verwarmings- en kookdoelinden gebruiken kunnen, b.v. Suikerfabrieken,
Chemische fabrieken, Zuivelfabrieken, enz.
Compound Stoommachines met condensatie, in horizontale en verticale uitvoering,
in alle grootten, voor bedrijven, waarin niet alle afgewerkte stoom gebruikt kan worden,
maar de benoodigde hoeveelheid uit den receiver kan worden afgetapt.
Gelijkstroom-stoommachines met en zonder condensatie, in horizontale en verticale
uitvoering en alle grootten, voor alle bedrijven waarin gering brandstofverbruik hoofdvereischte is.
A l deze machines worden op de meest moderne wijze uitgevoerd in zwaren bouw,
met groote loopvlakken, sierlijke vormen en afwerking.
De frames worden hoofdzakelijk als gaffelframes gebouwd; alle onderdeden worden
van de meest daarvoor geschikte materiaalsoorten vervaardigd.
De verschillende regulateursystemen, die wij uitvoeren, worden naar gelang van de
aan de machines gestelde eischen, toegepast. W i j construeerden o.a. een specialen z.g.
oliedrukregulateur, waarvan de werking berust op veranderlijken oliedruk, verkregen
29

Oliedruk-regulateur.

door een kleine hulppomp. Dit nieuwe regulateurtype, waarvoor patent is aangevraagd,
heeft het voordeel van eene zeer snelle, krachtige regeling, terwijl bovendien het aantal
omwentelingen der machine, welke ermede is toegerust, binnen zeer wijde grenzen versteld kan wprden. De bijbehoorende afbeelding toont de toepassing op eene kleppenmachine voor het aandrijven eener rietsuiker-moleninstallatie. Het aantal omwentelingen dezer machine kan gedurende het bedrijf op zeer eenvoudige wijze van 20 tot
70 per min. worden gewijzigd.
Behalve het streven naar een gering stoomverbruik, hebben wij ook steeds getracht
ondanks varhooging van het aantal omwentelingen het olieverbruik te verminderen.
Met ons Draksmeringsysteem, waarbij tusschen alle loopende deelen olie met 1-3 atm.
druk geperst wordt, hebben wij zeer goede resultaten bereikt. De frames worden bij
deze smering geheel oliedicht verpakt uitgevoerd. Alle machinesoorten kunnen van deze
smeerwijze voorzien worden. Gevallen waarbij de smeerolie een jaar in het frame blijft
zonder zuivering, zijn tegenwoordig geen uitzondering meer.
Onze 2000ste machine, eene gelijkstroom-stoommachine voor den Echtener Veenpolder, werd afgeleverd in het jaar 1913. Totaal werden door de fabriek tot 1 Jan. 1922
afgeleverd ruim 2500 land-stoommachines.

30

Gelijkstroom-stoommachine, systeem StorkStumpf.


1000 I.P.K., slag 1000 mM., cyl. diam. 750 mM., 115 omwentelingen per minuut.

Door de toepassing van het gelijkstroom-systeem volaens de vindina van Prof.


Stumpf te Berlijn werd een n-cilinder gelijkstroommachine verkregen met een ongekend laag stoomcijfer, geringe plaatsruimte en zeer gering aantal bewegende deelen.
2. STOOMMACHINES VOOR SCHEEPSGEBRUIK.
Bootmachines worden door de fabriek vervaardigd sedert 1877. Aanvankelijk waren
zij bijna alle van het Compound-systeem, met Stephensonsche scharen of Klug's
koppelingen.
In de eerste 25 jaren van het bestaan der fabriek werden geleverd:
65 bootmachines, met totaal vermogen van 87501.P.K.; hiervan alleen aan de firma
Thomas Figee, later Werf Conrad" te Haarlem 31 machines, met een totaal vermogen
van 5965 I.P.K.
Sedert werden door de fabriek vervaardigd (tot 1 Jan. 1922):
289 bootmachines met een totaal vermogen van 73765 I.P.K. De overgroote meer31

Triple-compound scheepsmachine 2000 I.P.K.

derheid dezer machines was bestemd voor baggermaterieel, gebouwd door de Werf
Conrad", zoowel voor voortstuwing als voor aandrijving der werktuigen, zoodat ze
over de geheele wereld verspreid zijn. Zij voldoen aan zeer speciale eischen, uit hoofde
der scheepsconstructie eenerzijds, en der eindbestemming anderzijds, daaraan gesteld.
Omtrent deze leveringen van scheepsinstallaties vermelden wij de volgende bijzonderheden :
In 1897 bouwden wij de eerste bootmachine met drievoudige expansie, voor een
bakkenzuiger, bestemd voor Cheribon. Naar Argentini leverden wij alleen in het jaar
1903 10 scheepsmachines, niet medegerekend de aandrijfmachines voor drijvende grondmolens, welke in dat jaar werden gebouwd, en in Puntas Arenas hunne bestemming
vonden. Voor de Russische groote rivieren werden in 1903 en volgende jaren eenige
baggermolens door de Werf Conrad" gebouwd, voortgestuwd door hekwielers, welke
door ons van horizontale stoommachines werden voorzien.
In 1909 leverde de Werf Conrad" een grooten, zeevarenden Kleizuiger voor de La
Plata rivier waarin door ons 4 triple comp. machines van ieder 500 P.K., twee aan twee
32

bij 150 omwentelingen per minuut.

achter elkaar werden geplaatst, zoodanig dat ze zoowel op de beide schroefassen, als op
de twee groote slikpompen konden aangekoppeld worden.
In 1911/12 werd een dergelijke installatie van grooter capaciteit, met totaal 2600
P.K. aan machine-vermogen gebouwd. Deze Kleizuiger had de grootste capaciteit, ooit
aan een dergelijk werktuig gegeven.
In hetzelfde jaar leverde de Werf Conrad" 4 graan-elevatoren voor de haven van
Rotterdam, ieder met een verticale triplemachine van 600 P.K. en 2 horizontale dubbelwerkende compressoren van speciale constructie. Het machinale gedeelte van deze
levering werd door ons vervaardigd.
De grootste scheepsmachines door ons gebouwd hebben een vermogen van 2000
P.K. bij 92 omw.
Deze voorbeelden mogen een beeld geven van het veelsoortige, en aan speciale
eischen voldoende werk, dat door onze afdeeling voor scheepsmachines wordt vervaardigd.
33

Turbo-generatoren en Turbo-compressoren in de centrale der staatsmijn Emma",


waarvan 5 stuks geleverd door de machinefabriek Gebr. Stork & Co.

3. S T O O M T U R B I N E S V O O R L A N D - E N S C H E E P S G E B R U I K ,
E N WATERTURBINES.
Toen in het begin dezer eeuw de stoomturbines steeds meer in toepassing kwamen,
besloot de Directie tot oprichting eener Afdeeling voor de fabricage dezer krachtwerktuigen. N a eene grondige voorbereiding en studie omtrent de verschillende turbinesystemen werd het actie-type boven het reactie-type verkozen, en werd de firma in
December 1905 licentie-houdster van het Zoelly-syndicaat, waartoe behalve de stamfabriek, de firma Escher Wyss te Zrich, een aantal belangrijke fabrieken, waaronder
de Siemens-Schuckert-Werke te Berlijn, behoorden.
Tezamen met laatstgenoemde firma werd de eerste turbogenerator in Juni 1907 afgeleverd aan de Staatsmijnen, nadat de leiders der nieuwe afdeeling zich te Zrich
door langdurige studie bij de firma Escher Wyss in de nieuwe fabricage hadden ingewerkt, en daar ook de eerste turbines hadden geconstrueerd.
De eerste turbine werd spoedig door andere gevolgd, en de moeilijkheden, die zich
voordeden, konden overwonnen worden, dank zij de jarenlange ervaring van het
Zoelly-syndicaat, die ons geheel ten dienste stond. De jonge afdeeling breidde zich snel
34

2 Turbo-generatoren a 8000 K . W . normaal, 12000 K . W . maximaal, in het Gemeentelijk Electriciteits Bedrijf,


te 's-Gravenhage.

uit, en verkreeg een goeden naam door de levering van een groot aantal turbineinstallaties aan gemeentelijke en provinciale electriciteitsbedrijven, aan de Staatsmijnen,
aan het Departement van Kolonin voor haar Centrales in Indi en aan de particuliere
nijverheid.
Behalve voor het aandrijven van electrische generatoren worden turbines vervaardigd voor samenbouw met centrifugaalpompen en compressoren. Verder vervaardigt
deze afdeeling complete condensatie-inrichtingen. Als speciale uitvoeringen noemen wij
hier nog kleine turbo-generatoren voor licht en kracht aan boord van schepen, en
turbo-ketelvoedingpompen.
De eerste stoomturbines werden alle uitgevoerd voor 1500 omwentelingen per minuut.
Thans geldt dit toerental slechts voor de grootste turbines en worden overigens alle
turbo-generatoren (tot 16000 K.W.) voor 3000 toeren uitgevoerd. Voor directe aandrijving van compressoren werden een aantal turbines met 4500 omw. per min. gebouwd.
Het meerendeel onzer turbines is gebouwd volgens het zuivere Zoelly-systeem. Het
Curtis-type wordt toegepast bij de turbines voor licht en kracht aan boord van schepen
35

Turbine-condensor, 1500 M . verkoelend oppervlak.


J

(waarvan reeds een groot aantal werden geleverd), en verder bij voedingpompturbines
en hulpturbines voor de condensatie.
Een aantal der geleverde turbines werd gebouwd voor bijzondere doeleinden, zooals
aftap-turbines, met automatisch geregelden druk van den aftap-stoom, meng-turbines voor
stoom van twee verschillende spanningen en tegendruk-turbines, de laatste voornamelijk
voor Suikerfabrieken.
Door de turbine-afdeeling werden bovendien een groot aantal complete oppervlakcondensatieinrichtingen afgeleverd. Bij deze turbo-condensatieinrichtingen worden in
den laatsten tijd uitsluitend roteerende pomp-aggregaten uitgevoerd, gedreven door
electro-motor of hulpturbine. (In het eerste geval voor 1500 omw./min., in het laatste
veelal 2000 omw./min.) Bij de nieuwste constructie wordt een tandwiel-overbrenging,
onder druksmering toegepast, waarbij de turbine met 4500 omw./min. loopt, terwijl
voor de pompen het zeer gunstige toerental 1000 per minuut is gekozen.
Een zeer gewilde uitvoering van deze pomp-aggregaten is die, waarbij zoowel hulpturbine als electro-motor aanwezig zijn. De eerste dient dan voor het aanloopen en kan
worden afgekoppeld, zoodra de stroom voor den motor is opgewekt.
Circulatie- en condensaatpomp worden als centrifugaalpompen uitgevoerd. Voor de
roteerende luchtpompen wordt het systeem Westinghouse-Leblanc" toegepast, waarvan onze firma licentie-houdster is. Daarnaast wordt ook een waterstraalluchtpomp
volgens de patenten van Mller gebouwd.
36

Scheepsturbine-installatie met kamwieloverbrenging, vermogen 1800 as P.K., in montage in onze werkplaats.

Tot 1 Jan. 1922 werden afgeleverd 136 stoomturbines met een totaalvermogen van
340.000 P.K.
Onze Scheepsturbines worden vervaardigd volgens het Stork-Zoelly systeem, met
een betrekkelijk gering aantal wielen, evenwel met een Curtis-wiel met 2 snelheidstrappen voor de eerste expansie, zoowel in de vooruit- als in de achteruit-turbine. De
schoepen worden vervaardigd van speciaal materiaal, goed bestand tegen eventueele
inwerking van zeewater. De straalpijpen worden begrensd door roestvrij staal van
bijzondere samenstelling.
Ten einde over voldoende reserve te kunnen beschikken worden de turbines niet
in n huis gebouwd, doch als hooge- en lage-drukturbine in twee huizen gescheiden,
in elk waarvan een achteruit-turbine wordt ondergebracht. Bij een defect aan de H. D.
Turbine kan de versche stoom direct in de L. D. Turbine worden gebracht, en omgekeerd kan, bij een defect aan de L. D. Turbine de stoom uit de H. D., door toepassing
van hulpstukken, direct in den condensor worden geleid.
Het vermogen van H. D. en L. D. turbine wordt door middel van eene dubbele kamwiel-overbrenging overgebracht op de schroefas, die 80 a 90 omwentelingen maakt.
De omwentelings-snelheden van H.D. en L. D. turbine zijn verschillend gehouden (resp.
37

Electrisch gedreven Turbine-condensatie voor 1500 K.W. Turbo-installatie.

3600 en 3400 omw. per min.), om eene wisselende ingrijping der tanden van de dubbele
overbrenging, en daardoor eene minimale slijtage te verkrijgen. De kamwieloverbrenging
is ondergebracht in eene geheel gesloten kast, en zeer groote zorg is besteed aan het
snijden der tanden, op speciaal daarvoor aangeschafte banken, zoodat eene zeer zuivere
ingrijping wordt verkregen.
V a n de door ons afgeleverde of onderhanden scheepsturbine-installaties noemen wij
die voor de volgende schepen:
Het s.s. Ares" van de Kon. Ned. Stoomboot Mij.,: installatie van 1800 as P.K.
Het s.s. Jaarstroom" van de

1300
Het s.s. Soekaboemi" van de Rotterdamsche Lloyd,

,, 3400
Het s.s. Soemba"
Mij. Nederland
,
2400
De schepen Ares" en Soemba" zijn gebouwd door de Werf Conrad" te Zaandam,
de Jaarstroom" door Meijer's scheepsbouw-werf te Zalt-Bommel, en de Soekaboemi"
op de werf der firma Bonn 6 Mees te Rotterdam.
In den laatsten tijd legt onze Turbine-afdeeling zich ook toe op den bouw van
Waterturbines. Door de groote ervaring, die onze fabriek bezit op het gebied van
stoomturbines en centrifugaalpompen, lag de constructie van waterturbines reeds eenigszins op haren weg, en vooral de vooruitzichten, die in de laatste jaren voor den bouw
38

, i uroogeneraror voor ncnt en Kracht aan boord van schepen. Vermogen 200 K . W . bij 3000 omw. voor gelijkstroom.

van waterkrachtwerken in Ned. Oost-Indi zijn ontstaan, deden ons besluiten tot deze
fabricage over te gaan. Toch werd de eerste door ons vervaardigde waterturbine
geplaatst in eene kleine electrische centrale van den Rijkswaterstaat in Limburg.
De valhoogten der in Indi beschikbare waterkrachten varieeren zeer sterk. Voor
de geringe en middelmatige valhoogten zijn voornamelijk Francis-turbines met horizontale of verticale as het aangewezen type, terwijl voor de grootere valhoogten hoofdzakelijk de zoogenaamde Pelton-turbines in aanmerking komen. Deze laatste kunnen
evenwel ook in vele gevallen bij kleine valhoogten en debieten uit technisch en economisch standpunt de voorkeur verdienen boven Francis-turbines.
De waterturbines worden f door middel van een riem f wel direct gekoppeld met
electrische machines voor het opwekken van kracht en licht. Voorts worden zij veel
toegepast voor het aandrijven van fabriekstransmissies, vooral in de fabrieken van
thee-, koffie- en rubberondernemingen, rijstpellerijen, e.a.
Met het verrichten van opmetingen en het uitwerken van projecten voor Ned. Indi
belast zich ons Agentschap te Weltevreden (Batavia), waaraan speciale technische
krachten voor dit doel verbonden zijn.

1053

Turbogenerator 8000 K . W .

39

Ketels in montage.

4. STOOMKETELS.
De afdeeling Ketelmakerij leverde in de eerste 25 jaren van het bestaan der fabriek:
465 Cornwa-ketels met een totaal verw. oppervl. van
15873 M
95 Galloway-ketels

7000 M
202 Vlampijpketels (laag- en hoog tubulaire ketels, locomotiefketels,
vlampijpketels met bouleurs, dubbele vlampijpketels) met een
totaal verwarmend oppervlak van
12715 M
333 Verticale ketels met horizontale waterbuizen met een totaal verwarmend oppervlak van
. . . . . .
2409 M
2

totaal

37997 M

benevens een aantal waterpijpketels, verdamplichamen, vacuumpompen, voorwarmers,


enz.
40

Lancashire-ketelinstallatie met werpstokers.

Sedert het 25-jarig jubileum vervaardigde de fabriek tot 1 Jan. 1922 totaal 2765
stoomketels, met een totaal verwarmend oppervlak van 287.560 M .
De voornaamste keteltypen, welke door ons worden vervaardigd, zijn de navolgende:
Cornwall en Lancashire ketels met een, twee en drie kanalen.
Hoog- en laag tubulaire ketels.
Verticale ketels.
Bouilleur ketels.
Gecombineerde ketels met 1, 2 en 3 kanalen.
Babcock en Wilcox Waterpijpketels van verschillende typen.
In den aanvangstijd van de ontwikkeling der groote electrische krachtstations leverden wij vele:
Gecombineerde Lancashire-vlampijpketels* het eerst gebouwd in 1901 voor de
Electrische Centrale Leidschendam voor de Z.H.E.S. en daarna langen tijd een gewenscht type voor diverse electrische centrales o.a.: Amsterdam, Utrecht, Arnhem. De
grootste ketel van dit type, 400 M . met een driekanaals-Lancashire ketel is in 1920
door ons vervaardigd. Het toenemend gebruik van stoomturbines van steeds grooter
2

41

B.W.-ketelinstallatie met kettingroosters.

vermogen maakte het evenwel noodzakelijk, de ketelhuizen uit te rusten met ketels van
eene capaciteit per M . grondvlak, veel grooter dan met bovengenoemde gecombineerde
ketels bereikbaar was. De oplossing van dit vraagstuk werd gevonden in den waterpijp'
ketel van verschillende typen, die spoedig in de ketelhuizen van provinciale en gemeentelijke electrische centrales, en ook van andere groote bedrijven, werd ingevoerd.
N a zorgvuldige studie viel onze keuze op het systeem Babcock 6 Wilcox, en in
1908 verkregen wij door een contract met de firma Babcock & Wilcox te Londen
het uitsluitende recht der vervaardiging der bekende waterpijpketels van dit type voor
Nederland en Kolonin.
De steeds stijgende eischen, gesteld aan de economie der ketelhuizen, samengaand
met eene stijgende capaciteit, bracht de laatste jaren de vervaardiging van den Waterpijpketel voor Hooge Verdamping, volgens het principe der ketels voor zeeschepen,
in zwang. Deze ketels, in constructie geheel aangepast aan de groote mechanische
stokers, die daaronder worden geplaatst, vormen n geheel met hun bovenliggende
economisers en hun mechanische trekinrichtingen en zijn ter vermijding van stralingsverliezen en nadeelige lekkage in metselwerk, door een plaatijzeren ommanteling, met
isoleerende massa bekleed, omsloten. Dit keteltype, waarmede eene verdamping van
2

42

Scheepsketels met Howden's trekinstallatie.

45 K . G . water per M . V . O. bereikt kan worden, wordt door ons gebouwd in eenheden tot een capaciteit van 25000 K . G . stoom per uur.
In 1895 werd door ons de eerste installatie, werkende met oververhitten stoom, gebouwd in den vorm van een verticalen ketel van 9 M . met bijbehoorenden oververhitter, voor stoomlevering aan een zoogenaamden oververhitterstoommotor.
In 1898 sloot de firma een contract met Wilhelm Schmidt te Kassei, waarbij zij het
recht verwierf tot vervaardiging van oververhitters systeem Schmidt, en sedert dat jaar
dateert de vervaardiging in 't algemeen van Cornwall en Lancashire ketels voor oververhitten stoom, voorzien van genoemde oververhitters. In combinatie hiermede werden
de Schmidtsche economisers en voorwarmers aangebracht. De eerste installatie volgens
dit systeem, voor het stoomgemaal van den Middelpolder bij Amsterdam, werd spoedig
gevolgd door vele andere, zoodat tegenwoordig zelden ketelinstallaties voor stoomlevering aan stoommachines geleverd worden, zonder dat oververhitters worden ingebouwd.
Ter vervanging of als aanvulling van gemetselde schoorsteenen leveren wij
Mechanische Trekinstallaties volgens het systeem Finsterbusch, met bijbehoorende
2

43

luchtventilatoten, in diverse grootten en typen, al naar gelang van de eischen in het


bedrijf daaraan gesteld. De kleinste, door ons gebouwde, installatie was passend voor
slechts 110 Kilo kolen per uur, de grootste voor 3500 Kilo petroleum residu.
Deze installaties hebben hun eigen, korten plaatijzeren schoorsteen of worden samen
gebouwd, met een bestaanden gemetselden schoorsteen, ter verbetering van den trek.
Dank zij een regeling, welke in Nederland en in vele andere landen gepatenteerd is, is
zoowel bij de maximale als bij lagere belastingen het krachtverbruik zeer laag. De
economie van de ketelinstallatie, wordt door deze inrichting zeer verhoogd, daar de
rookgassen tot veel lagere temperatuur kunnen worden afgewerkt, als dit bij natuurlijken trek het geval is.
Hoewel wij eerst sedert 1915 met den bouw van deze installaties begonnen en het
laatste jaar de algemeene omstandigheden der industrie de fabrikatie zeer tegenwerkten
ontvingen we reeds bestellingen op mech. trekinrichtingen voor het verstoken van
totaal 97500 K . G . vaste brandstof en 132000 K . G . hoogovengas per uur.
De door ons vervaardigde stoomketels worden voorzien van vele soorten van
44

stook-inrichtingen, al naar de eischen van het bedrijf en de te verstoken brandstof.


Wij noemen slechts:
Trappenroosters en voorvuren voor hout en bruinkolen.
Wilton vuren voor arme en magere brandstoffen (bruinkolen).
Wandel- en Kettingroosters, al of niet met onderwind, onder water pijpketels (roosters voor ampasstoken, (zie onder 6).
Hoewel de Werf Conrad te Haarlem steeds onze grootste afneemster voor bootketels bleef, leverde de fabriek ook aan anderen vele z.g. Schotsche ketels", vooral
in de laatste jaren, toen de sterk toenemende Nederlandsche Scheepsbouw een groote
vraag naar deze ketels deed ontstaan. Zeer te stade kwam ons hierbij de wijziging
welke de H . S. M . op haar traject Hengelo-Almelo kon aanbrengen, ter verruiming
van het laadprofiel, waardoor het ons sedert mogelijk is bootketels van de grootste
afmetingen tot Almelo per spoor en van daar te water te vervoeren.
Voor de Werf Conrad bouwden we tevens verschillende typen van ketels, te plaatsen in door haar gebouwd baggermaterieel en aanpassend aan soms zeer speciale eischen,
W e noemen slechts:
45

Transport van een Lancashire-ketel op Java.

Laag tubulaire ketels, tot 160 M V . O . , soms met n zeer groot kanaal, passend
voor houtstoken, of wel locomotiefketels met uithaalbaar binnenwerk.
Vlampijpketels voor goud- en tinmolens, bestaande uit een ketel met binnenvuur, verbonden met achterliggenden vlampijpketel, speciaal gebouwd voor moeilijk transport.
Solignac waterpijpketels, snel demonteerbaar in stukken van voorgeschreven maximum
gewicht, geschikt voor draagtransport.
Sedert enkele jaren worden ook door ons als Hoofd-licentiehouders vervaardigd
Babcock en Wilcox waterpijpketels voor scheepsgebruik. Door verschillende Nederlandsche scheepvaartmaatschappijen werd ons de levering van ketels van dit type
opgedragen, waarvan reeds vele werden afgeleverd.
Naast stoomketels en elders beschreven apparaten voor de suikerfabrikage vond
2

onze Ketelmakerij geregeld werk in reservoirs en tanks, installaties voor koolteer-

distillatie, verhardingsketels voor kalkbranderijen of onontplofbare tanks voor benzine, vele apparaten voor de petroleum- en aanverwante industrie; (vooral de Bataaf-

sche Petroleummaatschappij was hiervoor eene onzer belangrijkste afnemers), enz., enz.

10/6
Transport van een B.W. scheepsketel.

46

5. C E N T R I F U G A A L - E N S C H R O E F P O M P E N .
Het feit, dat bijna voor elke turbine-installatie, die door de afd. Stoomturbines werd
afgeleverd, een aantal centrifugaalpompen noodig was, heeft als van zelf geleid tot het
ontstaan onzer afd. Centrifugaalpompen. In den aanvang werden al deze pompen elders
besteld, doch al spoedig overwoog men een eigen fabricage, te meer daar ook voor
zoovele andere doeleinden deze pompen meer en meer in zwang kwamen.
De eerste door ons zelf vervaardigde Centrifugaalpomp, die in het jaar 1908 werd
afgeleverd was een pomp voor een injectie-condensatie voor de suikerfabriek Somobito
op Java, voor een opbrengst van 10 M . per min. en eene opvoerhoogte van ca. 10 M .
bij 350 omw. per min. geconstrueerd. Zij loopt in Indi nog steeds tot tevredenheid
onzer afnemers.
Vele soortgelijke pompen werden nadien voor injectie-condensatie naar Indi afgeleverd, welke f direct met electromotor gekoppeld, f wel voor riemaandrijving
zijn uitgevoerd. Langzamerhand kregen we nu ook verschillende kleinere en grootere
pompen hier te lande in bestelling. De eerste centrifugaalpompen voor een drinkwaterleiding werden geleverd aan de Gemeente Boskoop. Hier werden twee aggregaten opgesteld, elk bestaande uit een hoogdruk- en een lagedrukpomp, welke
pompen door middel van een riemschijf koppeling vast aan elkaar verbonden zijn. Het
zijn de eerste boogdrukcentrifugaalpompen met leiwielen en meerdere trappen, die aan
onze fabriek vervaardigd zijn. De meeste der bestelde pompen werden, voor zij werden
afgeleverd, eenigen tijd in onze werkplaatsen beproefd, waarbij vele ervaringen werden
opgedaan.
Een belangrijk feit voor de pompenafdeeling was de bestelling der eerste hoogdrukcentrifugaalpomp voor mijnbedrijf. De Directie der Staatsmijnen was zoo welwillend
ons de levering van deze pomp op te dragen onder voorwaarde evenwel, dat zij wat
betreft goede werking en krachtverbruik niet behoefde onder te doen voor het
fabrikaat der machinefabriek Sulzer te Winterthur, die tot dusverre steeds deze mijnpompen aan de Staatsmijnen had geleverd. De pomp moest in staat zijn een opvoerhoogte van 215 M . te overwinnen, bij eea opbrengst van 3 M . per min. Het aantal
omwentelingen bedroeg 1470 per minuut.
Deze pomp is met 5 trappen uitgevoerd en van een automatisch werkende ontlastingsinrichting voorzien, waardoor het optreden van axialen druk in de pomp geheel
wordt opgeheven. Deze axiale druk, welke bij eenigszins groote opvoerhoogte verscheidene duizenden kilogrammen kan bedragen, heeft in den beginne aan constructeurs
van centrifugaalpompen veel hoofdbrekens gekost. Men had herhaaldelijk te kampen
met het breken van kogellagers en het wegloopen van het witmetaal uit de kamlagers,
die dezen axialen druk moesten opnemen.
Onze eerste mijnpomp werd op de tentoonstelling te Brussel gexposeerd, waar zij
zeer gunstig werd beoordeeld en met een prijs werd bekroond. N a afloop der tentoonstelling werd de pomp aan de fabriek beproefd en eenigen tijd later in de mijn Wilhelmina bij Heerlen opgesteld, waar zij sedert tot tevredenheid der Directie in bedrijf is.
3

47

Lagedrukcentrifugaalpomp voor Polderbemaling.


Persbuisaansluiting 1500 mM. Opbrengst 250 M . p. minuut.
s

Pomp met vliegend

opgezette riemschijf.

Het aantal bestellingen op centrifugaalpompen nam van jaar tot jaar toe en voortdurend trachtte de afdeeling, vooral door proeven van allerlei aard, hare resultaten te
verbeteren, dikwijls doch niet altijd met succes. Eigenaardig kan in dit verband
het resultaat genoemd worden, dat met de toepassing van kogellagers werd verkregen.
Deze werden door ons in plaats van ringsmeerlagers aangebracht, teneinde de lagerwrijving tot op een minimum te beperken en de fabricatiekosten te verlagen. De verkregen resultaten waren over 't algemeen wel bevredigend. Het bleek echter na verloop van tijd, dat kogellagers voor zeer groote snelheden niet aan te bevelen zijn. Vooral de zoogenaamde dubbeldrukkogellagers voor het opnemen van axialen druk in beide
richtingen geven bij een hoog aantal omwentelingen zeer licht aanleiding tot brekage
tenzij hiervoor dure en gecompliceerde speciaalconstructies worden toegepast. Kogellagers worden daarom alleen daar door ons toegepast, waar de verkregen resultaten
gunstig waren.
Sedert de eerste centrifugaalpomp onze fabriek verliet zijn reeds meer dan 600 stuks
afgeleverd. Zooals te begrijpen valt, is in dit getal een groot aantal vermeldingswaardige uitvoeringen begrepen, waarvan we hier enkele zullen opnoemen:
Voor de Gemeentewaterleiding Amsterdam werd aan het pompstation te Leiduin
een filter- en een reinwatercentrifugaalpomp geplaatst, waarvan de laatste voor een
opbrengst van 27 M . per min. en 76 M . opvoerhoogte werd geconstrueerd. Deze
pomp is direct gekoppeld aan een 700 P.K. draaistroommotor met 750 toeren per min.
en is zeker de grootste die tot dusverre voor waterleidingsdoeleinden hier te lande
als centrifugaalpomp is geplaatst.
Een zeer gewild pomptype is de electrische- of stoomturbine-gedreven ketelvoedingcentrifugaalpomp, welke normaal voor 3000 resp. 4500 omw. per min. wordt vervaardigd. Deze pompen persen zonder bezwaar heet water van meer dan 90 Celsius
direct in de ketels. Natuurlijk moet het water bij deze hooge temperatuur naar de
3

49

427 '
H.D. Centrifugaalpomp voor eene gemeente-waterleiding.
Opbrengst 27 M . p.m., opvoerhoogte ca. 80 M., gedreven door electromotor van 700 P.K.
8

pompen toevloeien. Op meerdere schepen der Mij. Nederland bijv. zijn onze turboketel-voedingpompen in bedrijf, waar zij direct gekoppeld zijn met een tweede pomp,
die het condensaat onder een druk van ca. 5 atm. naar de condensaatstraalapparaten
voert, welke laatste apparaten het condensaat door middel van dit drukwater van 5
atm. uit den condensor zuigen.
Verschillende groote mijnpompen zijn in de laatste jaren door ons afgeleverd, waaronder twee stuks voor een opbrengst van 6 M . per min. en 370 M . opvoerhoogte. De
aandrijvende motoren hebben een vermogen van 750 P.K.
Verder werden vele stoomturbine-gedreven pompen uitgevoerd ten dienste van Suikerfabrieken voor het leveren van drukwater voor de centrifuges alsmede voor condensatieinrichtingen. De afgewerkte stoom dezer turbines wordt in de fabriek gebruikt.
Onder de hooge-drukpompen werden er enkele als transportabele pomp voor petroleumbronnen in Roemeni geleverd. Verder vermelden we hier onze ballastcentrifugaalpompen, welke in Nederlandsche onderzeebooten werden geplaatst.
Een bijzonder pomptype is de door ons vervaardigde schakelpomp systeem Schneider,
welke met meerdere trappen is uitgevoerd, die zoowel achter elkaar als in serie kunnen
worden geschakeld, waardoor het mogelijk is met hetzelfde krachtverbruik verschillende
opvoerhoogten en opbrengsten te verkrijgen.
Behalve de vele normale lagedrukcentrifugaalpompen, welke voor alle mogelijke
industrieele doeleinden worden gebruikt, zijn van deze laatste soort ook herhaaldelijk
speciale types vervaardigd, n.1. sappompen voor suikerfabrieken, houtstofpompen voor
papierfabrieken, slikpompen, condensaatpompen, enz. Deze laatste zijn zoowel verticaal
als horizontaal door ons uitgevoerd. De horizontale condensaatpompen, welke het condensaat uit den condensor moeten zuigen, waarin een luchtledig heerscht van ca. 96/o,
bleken bij toepassing van 2 trappen, die achter elkaar geschakeld waren, een grootere
3

50

Poldergemaal met Centrifugaalpompen en Stork-Stumpf Gelijkstroommachines.

bedrijfszekerheid te bezitten, dan indien zij met slechts 1 trap waren uitgevoerd.
De grootste afmetingen en het grootste gewicht bezitten de poldercentrtfugaalpompen, die een zeer belangrijk product van deze afdeeling vormen. Gewichten van
1015000 K.G. behooren voor deze pompen niet tot de uitzonderingen.
Met het oog op de aandrijving en in verband met speciale wenschen van den afnemer,
worden polderpompen uitgevoerd zoowel met n-zijdige als met twee-zijdige instrooming
met directe of indirecte aandrijving, met geheel horizontaal gedeeld pomphuis of wel met
n afneembaar zijdeksel, zoodat de waaier kan worden gedemonteerd. Steeds worden
deze groote pompen van groote deksels voorzien, teneinde het inwendige te kunnen
inspecteeren. Waar het aantal omwentelingen hoog is, wordt de waaier met 2-zijdige
instrooming uitgevoerd en ter verkrijging van een zoo klein mogelijken diameter van
z.g.n. Francisschoepen voorzien, welke uit staalplaat zijn vervaardigd en in de gietijzeren naaf worden vastgegoten.
De grootste poldercentrifugaalpomp, welke tot dusverre door ons is afgeleverd heeft
een buiswijdte van 1500 mM. De opbrengst bedraagt ca. 300 M /'min. of 5 M . water
per seconde bij een opvoerhoogte van 2V Meter. Zij is direct met een Stork-Stumpfgelijkstroommachine gekoppeld.
3

51

Stork-schrocfpomp in montage in onze werkplaats. Opbrengst 950 M . per minuut.


3

In den laatsten tijd wordt door ons een nieuw polderbemalingswerktuig uitgevoerd
waarvan de waaier van schroefvormige schoepen is voorzien en dat hiernaar den naam
Storkschroefpomp draagt. De met deze pomp bereikte resultaten zijn, vooral bij lage
opvoerhoogten van 02 M . , in verhouding tot de gewone centrifugaalpomp uitermate
gunstig. Reeds bij de eerstgebouwde pomp werd op onze beproevingsinrichting bij een
opvoerhoogte van 0,9 M . een nuttig effect bereikt, 'twelk zeker 40 /o gunstiger was,
dan met een centrifugaalpomp zou kunnen zijn verkregen.
Thans zijn reeds een aantal dezer schroefpompen door ons geleverd. De voornaamste daarvan zijn de drie groote pompen van het Waterschap Electra" in Groningen.
Dit gemaal dient voor de bemaling van ruim 94000 H . A . gronden, in Groningen en
Drente gelegen. Het is opgezet voor 5 electrisch gedreven schroefpompen, waarvan
er voorloopig 3 zijn opgesteld. Elke pomp wordt door middel van een electromotor
van 550 P.K. aangedreven. De krachtoverbrenging van motor op pomp geschiedt door
middel van een op bijzondere wijze geconstrueerde kamwieloverbrenging. De water52

Drie Stork-Schroefpompen in het Poldergemaal Electra" te Lammerburen.

opbrengst bedraagt voor elk der drie pompen gemiddeld 950 M ./min. bij een opvoerhoogte van 0.8 tot 1.3M., terwijl bij een opvoerhoogte van 1.75 M . nog 800 M '/min.
per pomp wordt opgevoerd.
De pompen slaan uit op een bergboezem van ongeveer 115 H . A . oppervlakte waarin
tijdens hoog water in zee het opgemalen water tijdelijk geborgen kan worden om tijdens
de volgende eb naar zee af te vloeien.
De afmetingen dezer pompen kunnen worden beoordeeld door vergelijking met de
locomotief, die op nevenstaande foto in de persbuis van een der pompen is opgesteld.
3

Met het oog op de zeer scherpe concurrentie-eischen van den laatsten tijd, geschiedt
de bouw van lagedruk-centrifugaalpompen, als serie-fabricage, in een afzonderlijk gebouw en met speciaal hiervoor aangeschafte werktuigen. Deze pompen zijn zorgvuldig
genormaliseerd en kunnen op de meest moderne wijze en in grooten getale tegelijk
worden vervaardigd.

53

Electrisch gedreven rietlosinrichtlng met patent-riethark.

6.

MACHINERIEN V O O R D E SUIKERINDUSTRIE.

De geschiedenis onzer afdeeling voor Suiker-machinerien wordt afzonderlijk behandeld in hoofdstuk III, Vertegenwoordigingen in Nederlandsch-Indi en in het
Buitenland", daar zij ten nauwste met de geschiedenis onzer agentschappen op Java
en Cuba te zamen hangt. W i j bepalen ons dus hier tot eenige mededeelingen omtrent
de voornaamste producten dezer afdeeling.
Rietlosinrichtingen.
Reeds in het jaar 1901 bestelde de suikeronderneming Sindanglaut" eene inrichting,
waardoor de rietladingen der railwagens gebracht zouden worden op een hooggelegen
schuin bordes, vanwaar het riet door handenarbeid op een korten, horizontalen carrier
werd geschoven. Deze inrichting, waarbij opstapelen van het riet en een lange schuine
carrier onnoodig zijn, werkt thans nog volkomen bevredigend.
In volgende jaren werden verschillende rietlosinrichtingen geleverd, waarvan de
55

Crusher en molen, gemonteerd in onze werkplaats.

meeste werden voorzien van mechanische rietharken, die het riet van het schuine bordes
op den carrier harken. Ze worden door eene stoommachine of door electriciteit aangedreven.
Op bladz. 54 en 56 zijn electrisch gedreven rietharken afgebeeld, zooals o. a.
in gebruik op de fabrieken Garoem, Gondang Winangoen, Poerworedjo (2 stuks),
Tjepiring enz.
In de laatste jaren is de constructie nog verbeterd overeenkomstig de afbeelding
op bladz. 55. Van deze nieuwe constructie leverden wij reeds een 23-tal naar Java.
Ook derietlosinrichtingenzijn de laatste jaren vereenvoudigd en verbeterd. Bladz. 56
vertoont daarvan een der nieuwere uitvoeringen.
Crushers
Wij leverden in 1904 den eersten crusher 26 X 60; hierbij liggen de cylinders loodrecht boven elkaar. Bij sommige latere uitvoeringen werden de cylinders schuin boven
elkaar geplaatst en de crushers boven den eersten molen opgesteld, zooals voorgesteld op bladz. 57 en 58. De aandrijving geschiedt f door eene afzonderlijke aandrijfmachine f door de machine, die den eersten molen drijft. De belasting van den
57

Crusher,

topcilinder geschiedt door middel van spiraalveeren of door middel van hydraulischen
druk.
Molens*
,

Moleninstallaties worden gebouwd in de volgende grootten: 30 X 60 , 32 X 72 ,


34' X 78", 36" X 78" en 36" X 84". Op bladz. 59 en 60 (boven) is een 30" X 60" moleninstallatie van het gewone type voorgesteld. V a n dit type werd ruim een honderdtal op
Java geleverd.
, ' ,
In het jaar 1908 leverden wij de eerste tandem-molen-installatie aan de suikerfabriek
Somobito, (zie bladz. 60, onder), afmetingen32" x 72". Deze werd spoedig gevolgd door
tientallen andere installaties. Op de tentoonstelling te Brussel in 1920 exposeerden wij
eene installatie, bestaande uit een crusher 26" X 78" en twee molens 34" X 78", gedreven
door een gemeenschappelijke stoommachine; deze installatie werkt thans op Brangkal.
In de laatste jaren hebben wij de meeste molenmachines met kleppen uitgevoerd; een
daarvan is op bladz. 61 afgebeeld. Evenals bij de machines met cylindrische schuiven
is het toerental onder het bedrijf tusschen zeer ruime grenzen in te stellen. De kleppenmachines hebben geringe schadelijke ruimte, munten uit door gering stoomverbruik
en zuivere regeling, zijn van eenvoudige constructie en hebben in de praktijk uitstekend
u

voldaan.
..
W i j installeerden de complete fabriek Tjepiring o. a. met de grootste molens, welke
tot nu toe op Java voorkomen nl. 36" X 84".
58

30"

60" MoleninstRllatir.

Voor de tweede fabriek op Java, welke dergelijke zware molens zal opstellen, nl.
voor de S. F . Tjomal, vervaardigden wij eveneens eene crusher- en molenbatterij van
36" X 84" (zie bladz. 62). Voor deze laatste batterij werden de bijbehoorende stoommachines geheel gesloten gebouwd met smering der bewegende deelen door olie onder
druk. Als verdere bijzonderheid kan vermeld worden, dat de machines met oververhitten stoom werken en voorzien zijn van speciale regulateurs, systeem Stork", waarvan
het toerental binnen zeer ruime grenzen verstelbaar is. W i j verwijzen hiervoor naar
bladz. 29 en 30. Voor Cuba leverden wij tal van moleninstallaties van groote afmetingen. Zie o.a. bladz. 63 (boven).
Aan de molencilinders wordt zeer bijzondere zorg besteed. De mantels zijn van een
speciaal mengsel gietijzer, dat zeer hard is en de eigenschap bezit in de praktijk een
ruw oppervlak te verkrijgen. Door de goede resultaten met onze molens behaald,
leverden wij alln voor de campagnes 19201922: 33 molens en 6 crushers.
De molens worden gebouwd met of zonder hydraulischen druk op de topmetalen.
De constructie is zoodanig, dat de drukcilinders onder het bedrijf kunnen worden
weggenomen. Bladz. 63 (onder) vertoont de overbrengende beweging van twee molens
30" X 60" en een crusher 26" X 60" voor Pagottan. Op bladz. 61 is een aantal molenstandaards op de groote schaafbank in onze werkplaats afgebeeld.
Verdamptoestellen.
Deze worden in verschillende typen en grootten gebouwd.
Bladz. 64 en 65 (boven) geven twee verschillende uitvoeringen. De eerstgenoemde
59
_

Twee molens en een crusher, gedreven door n machine.

Bezoek van Directeuren van Suiker-ondernemingen en andere belangstellenden bij eene Vijfvoudige Verdampingsinstallatie, opgesteld in onze werkplaats.

afbeelding is een moderne vijfvoudige verdamping, waarvan het eerste en tweede


lichaam elk 800 M . V . O. hebben.
In de laatste jaren is meer aandacht besteed aan ontledingsverliezen van het sap,
welke in de verdamping kunnen optreden. Het streven is daarom het sap gedurende
zoo kort mogelijken tijd in de verdamplichamen te laten. W i j vervaardigen daarvoor
o.a. verdamplichamen systeem Kestner" (bladz. 65, onder) f lichamen van eigen constructie, volgens bladz. 66. V a n onze speciale lichamen, systeem Stork" leverden wij
en hebben wij in bestelling totaal ca. 5950 M . oppervlak, waarbij lichamen zijn van
800 M . oppervlak per stuk.
Droge luchtpompen*
In de laatste jaren werden door ons meer dan 50 stuks droge luchtpompen gebouwd,
voorzien van ringkleppen van speciale constructie. Bladz. 91 vertoont de onderdeden
eener droge luchtpomp-klep. Bladz. 66, 67 en 68 geven uitvoeringen van door stoomen electrisch gedreven pompen.
Carriers.
Ten dienste der molens worden jaarlijks tal van carriers voor riet en ampas vervaar2

64

Electrisch gedreven droge luchtpomp.

Stoomgedreven Droge luchtpomp.

Droge luchtpomp, opgesteld in de centrale eener suikerfabriek.

digd van zeer verschillende constructie en afmetingen. Eenige er van worden voorgesteld op bladz. 69 en 70.
Sapmeet- en weegbakken.
De door ons vervaardigde sapmeetbakken zijn cylindrisch, hebben conischen bodem,
zijn van boven geheel open en van zeer breede overloop voorzien; ze worden op een
bordes opgesteld. (Zie bladz. 70 en 65).
W e leverden de laatste jaren veel weeginstallaties voor sap, die zoodanig van grendelinrichtingen zijn voorzien, dat verkeerde manipulaties worden verhinderd. Bladz. 71
vertoont een dergelijke weeginstallatie voor ruwsap.
Bezinkkisten*
Bezinkkisten voor schoon-, vuil- en diksap werden in groot aantal van verschillende
afmetingen vervaardigd.
Carbonatatie.
In de laatste jaren werden aan verschillende fabrieken carbonatatie-inrichtingen geleverd. Het type der kalkovens is voorgesteld op bladz. 73 en 74, dat der carbonatatie bakken op bladz. 72 en dat der koolzuurpompen op bladz. 71 (onder).
Voorwarmers.
Voorwarmers voor ruw-, schoon- en diksap, voor groote sapsnelheid, worden in
verschillende grootten gemaakt.
68

Sapmeetinstallatie, opgesteld in onze werkplaats.

Carbonatatie-inrichting, opgesteld in onze werkplaats.

Ze worden dikwijls zoodanig ingericht, dat ze achtereenvolgens kunnen dienen voor


ongekalkt ruwsap en gesulfiteerd sap, teneinde incrustatie in de voorwarmers te voorkomen. Dergelijke voorwarmers worden voorgesteld op bladz. 74 en 75.
Sulfitatie-inrichtingen.
Wij bouwen tal van inrichtingen voor de fabrikage van witte suiker. Luchtcompressors,
zwavelovens, gaswasschers en luchtreservoir zijn voorgesteld op bladz. 76, terwijl bladz.
77 (boven) eene voorstelling geeft van eene sulfitatie-inrichting voor diksap en stroop.

Injectiewaterpompen.
Voor opvoer van injectiewater bouwen wij centrifugaalpompen, direct gekoppeld
met electromotoren of stoommachines of stoomgedreven zuigerpompen. De zeer snelloopende stoommachines, welke direct met de centrifugaalpompen gekoppeld worden,
zijn met zeer veel zorg geconstrueerd, zoodat ze volkomen bedrijfszeker zijn. Tengevolge
der bijzondere betrouwbaarheid leverden wij alleen de laatste jaren circa 50 injectiewaterpompen. Blz. 76 (onder), 77 (onder) geven afbeeldingen van verschillende systemen.

Kookpannen.
Deze worden van verschillende constructies en grootten vervaardigd.
72

Bladz. 78 (boven) vertoont twee gietijzeren serpentijnpannen en een tubepan, elk van
400 H.L. inhoud. Bladz. 79 eenige serpentijnpannen, elk 300 H.L., compleet in onze
werkplaatsen voor de verzending gemonteerd.

Koeltroggen.
Wij bouwden U-vormige, sleufvormige en cylindrische koeltroggen in groot aantal.
Op bladz. 78 (onder) is eene batterij van sleufvormige koeltroggen afgebeeld.

Centrifuge-installaties met toebehooren.


Deze worden niet door ons gebouwd, doch als agenten van Watson Laidlaw & Co.
te Glasgow leverden wij ongeveer 3000 stuks centrifuges op Java.
De transportmiddelen voor vulmassa en suiker, zooals schroeven en schudgoten, worden door ons vervaardigd, evenals de suikerdrogers en Jacobsladders.Voorbeelden van
de door ons vervaardigde suikerdrogers met suikerzeven zijn afgebeeld op bladz. 80, 81
73

Kalkoven.

Voorwarmers.

Diverse suiker-apparaten, gemonteerd in onze werkplaats.

Stoomgedreven zuigerpomp voor centrale condensatie-inrichting

Kookpannen met leidingen, compleet gemonteerd in onze werkplaats.

en 82. Voor het aandrijven van de centrifuges bouwen wij stoommachines bij riembedrijf; verder waterpompen, stoommachines en stoomturbines die een dynamo drijven.
Bladz. 81 vertoont een tweeling-pompmachine voor de bediening van watergedreven
centrifuges, werkende met automatische expansie; de expansie staat onder den invloed
van den waterdruk.
Op bladz. 82 vindt men het stoomcylinder-diagram, genomen van zulk eene waterpompmachine en van eene duplexpomp. Uit beide diagrammen blijkt duidelijk dat het
stoomverbruik onzer tweeling-pompmachines veel geringer is dan van een duplexpomp.
Aan verschillende fabrieken leverden wij centrifugaalpompen voor watergedreven
centrifuges, aangedreven door eene stoomturbine, zooals voorgesteld opblz. 80 (onder).
Pompen.
De toepassing van electrische drijfkracht neemt ook in de Java-suikerindustrie steeds
toe. De centrifugaalpomp is dan het aangewezen werktuig om direct met een electromotor gekoppeld te worden.
De speciale sappompen eischen bijzondere zorgvuldige constructie. Ze worden door
ons vervaardigd. Bladz. 83 vertoont een aantal dergelijke pompen, gereed ter verzending.
79

Suikerdroger-installatie.

Stoomcylinderdiagram van eene centrifuge-pompmachine,


vervaardigd door Gebr. Stork & Co.

e
s

r
Stoomcylinderdiagram van eene duplex stoompomp.

Diverse electrisch gedreven pompen voor een suikerfabriek.

De normale plunger-sappompen worden niet door ons vervaardigd. Als hoofdagent


van de machinefabriek Reineveld" te Delft, leveren wij hiervoor de door deze fabriek
vervaardigde en zeer gunstig bekende Java" pompen.
Krachtcentrales
Deze worden ook voor suikerfabrieken compleet door ons geprojecteerd en geleverd.
Ze worden, met uitzondering van het electrisch gedeelte, geheel in onze werkplaatsen
uitgevoerd. Als drijfkracht dienen stoommachines of stoomturbines.
Bladz. 84 en 85 (onder) geven eenige uitvoeringen.
Ketelinstallaties
Wij vervaardigden een zeer groot aantal stoomketels speciaal ingericht voor het
stoken van ampas.
Bladz. 85 vertoont bijv. een batterij van zes ketels, elk van 300 M . verw. oppervlak.
De ketels zijn compleet met de pijpleidingen in onze werkplaatsen opgesteld, gereed
ter verzending.
Pompstations
Voor irrigatie der rietvelden leverden wij verschillende pompstations, voorzien van
verticale machines, (als op bladz. 86, onder) of van gelijkstroommachines.
Complete fabrieken*
W i j leverden diverse complete installaties voor suikerfabrieken en raffinaderijen.
De bladzijden 8689 geven kijkjes in de suikerfabrieken Medarie en Tjepiring op
Java.
2

83

Electrische centrale suikerfabriek Tjepiring.

Verticale snelloopcnde stoommachines met druksmering.

Kookpannen, Verdamping, Centrale condensatie, Koeltroggen. Medarie, Java.

Centrifugaalpomp voor bevloeing, direct gekoppeld met tandem-compound stoommachine met


gesloten frame en smering onder druk. Opbrengst 120 M . p. min. Opvoerhoogte 2,35 Meter.
3

Motorstation Suikerfabriek Tjepiring. (Molens 36" X 84".)

Sapzuiveringsstation Suikerfabriek Tjepiring.

Kooloxyde-Compound-Compressor, 1200 M , per uur op 10 atm, met stoommachine 175 P.K.


8

7. C O M P R E S S O R E N E N V A C U U M P O M P E N .
Als onderdeel van hare afdeeling Stoommachines" bezit de Machinefabriek eene
afdeeling voor den bouw van compressoren en vacuumpompen.
Compressoren worden in een luchtcilinder uitgevoerd tot een max. druk van 5 Atm.
en met twee luchtcilinders voor een hoogeren druk. Zij kunnen direct door een stoommachine of motor, of wel door middel van een riem worden aangedreven, en worden
gebouwd in uitvoering met n of twee krukken. Bij de uitvoering met n kruk rust de
kruk-as in een gaffel-frame met twee ingegoten lagers, en bovendien in een afzonderlijk
achter-lager, terwijl de krukas bij de uitvoering met twee krukken door twee gaffelframes wordt ondersteund en dus in vier lagers rust.
Verder worden de compressoren uitgevoerd met en zonder druksmering voor de bewegende deelen. Voor druksmering wordt het frame geheel gesloten uitgevoerd, en
onderhoudt een tandrad-oliepomp een constanten oliedruk van twee Atm. op lagers en
tappen.
Alle compressoren worden uitgevoerd met ringkleppen van speciale constructie,
welke een zeer ruimen doorlaat en een kleine lichthoogte hebben. Deze kleppen
90

Ringklep, voor droge luchtpompen.

werken bijna geruischloos en hebben een grooten levensduur, doordat slijtage van
eenige beteekenis niet voorkomt.
Bij compound-compressoren wordt de uit den L. D.-luchtcilinder komende perslucht
door een koeler gevoerd om te voorkomen een te hooge temperatuur in den H . D.cilinder, terwijl bovendien de luchtcilinders van mantels voor waterkoeling zijn voorzien.
Desgewenscht worden de compressoren voorzien van een opbrengst-regulateur,
welke de luchtopbrengst naar behoefte regelt, zoodat de zuigkleppen van den luchtcilinder steeds geopend blijven, wanneer geen lucht wordt afgenomen. Daarbij geschiedt dus het aanzuigen en persen door dezelfde kleppen en wordt geen lucht gecomprimeerd.
Behalve voor lucht, levert de fabriek eveneens compressoren voor alle andere in aanmerking komende gassen.
Tenslotte bouwt deze afdeeling vacuumpompen, uitsluitend met n luchtcilinder,
welke wat constructie en uitvoering betreft geheel met de n-cilinder-compressoren
overeenkomen (behalve hetgeen omtrent de opbrengst-regulateurs is vermeld, dat
hierop niet van toepassing is).

91

Drijfwerkinstallatie eener spinnerij.

VIII. D R I J F W E R K E N .
De machinefabriek heeft zich vanaf hare oprichting bezig gehouden met de fabricage
van drijfwerk, en leverde reeds in de eerste vijf en twintig jaren van haar bestaan vele
transmissies voor electrische installaties, spinnerijen en weverijen. De toenemende
vraag naar dit product, en vooral de steeds dringender eisch tot vlugge levering van
drijfwerk-onderdeelen maakte het noodig, eene afzonderlijke Drijfwerk-Afdeeling in
het leven te roepen, die onderdeden volgens standaard-model zooveel mogelijk uit
voorraad zoude kunnen leveren.
Deze afdeeling, die in 1904 op zeer bescheiden schaal begon, breidde zich snel uit,
en had voortdurend volop werk. Zij leverde geregeld een groote menigte onderdeelen, en vele complete installaties, waarvan bovenstaande afbeelding een voorbeeld
geeft. In 1918 werd de drijfwerk-af deeling, die tot dat jaar in een afzonderlijk gedeelte
der oude fabriek was gehuisvest, overgebracht naar een groot, nieuw, afzonderlijk gebouw (zie bladz. 93) waarin zij thans, toegerust met de beste, veelal Amerikaansche
werktuigen, voor groote productie berekend is. Samengaande met deze nieuwe inrichting werd de normalisatie van alle onderdeden van het fabrikaat geheel herzien, en
volgens moderne eischen, zooveel mogelijk volgens de tabellen van het Nederlandsche
92

Riem-overbrenging
met spanrol,
opgesteld in onze
werkplaats.

Diameter groote
schijf: 5800 m.M.
Diameter kleine
schijf: 550 m.M.

Normalisatie-bureau, doorgevoerd. De afdeeling bezit een groot magazijn, waaruit


de onderdeden (koppelingen, kussenblokken, hangers, muurconsoles, stoelen, muurkasten, etc.) omgaand geleverd kunnen worden. Het bezit van een aantal riemschijfvormmachines in onze gieterij stelt de afdeeling bovendien in staat, riemschijven van
200-1500 m/m diameter, (opklimmend met 25 m/m) in diverse breedten tot 500 m/m,
binnen enkele dagen af te leveren.
Als voorbeeld van de in den loop der jaren door deze afdeeling gefabriceerde hoeveemeid werk moge dienen, dat zij sedert Aug. 1904 ca. 37000 kussenblokken en ca.
JOUO riemschijven afleverde.
Het gebouw der

drijfwerk-fabriek.

93

IX. IJZERGIETERIJ E N L A B O R A T O R I U M .
De geheel modern ingerichte ijzergieterij der fabriek levert per jaar circa 6000 ton
gietwerk, hoofdzakelijk voor het eigen bedrijf. Zij bezit behalve de gewone zand- en
leemvormerij en een poetskamer een uitgebreide machinale vormerij, met meer dan 50
vormmachines en een afdeeling voor machinale zand- en leembereiding. 3 Koepelovens elk met een smeltvermogen van 6000 K G . per uur, leveren het vloeibare ijzer.
Het transport van vormijzer en gietstukken wordt bezorgd met twaalf electrische loopen draaikranen, met hefvermogens tot 40 ton, terwijl een electrische hangbaan den
vormers het geprepareerde vorm-zand aanbrengt. Gietstukken tot 40000 K G . gewicht
kunnen zonder bezwaar worden gegoten.

Chemisch laboratorium.

Physicallsch laboratorium.

In de nabijheid der Gieterij bevindt zich het chemisch en Physicalisch Laboratorium,


waar het ruw-ijzer en ieder gietsel chemisch wordt onderzocht. Tevens bezit het laboratorium moderne machines voor materiaal-onderzoek: een trekmachine, een buigmachine, een slagproefmachine en een inrichting voor metallografisch onderzoek en
fotografie ter bestudeering der structuur van metalen en legeeringen.
Verder worden in dit Laboratorium geregeld brandstoffen, olin, ketelvoedingwater, staalkabels, enz., onderzocht.

94

IX.

IJZERGIETERIJ E N L A B O R A T O R I U M

De geheel modern ingerichte ijzergieterij der fabriek levert per jaar circa 6000 ton
netwerk, hoofdzakelijk voor het eigen bedrijf. Zij >ezit behalve de gewone zand- en
ichinale vormerij, met meer dan 50
eemvormerij en een poetskamer een uitgebreide
vormmachines en een afdeeling voor machinale md- en leembereiding. 3 Koepel>vens elk met een smeltvermogen van 6000 K G . ier uur, leveren het vloeibare ijzer.
riet transport van vormijzer en gietstukken wordt ?zorgd met twaalf electrische loop:n draaikranen, met hefvermogens tot 40 ton. t wijl een electrische hangbaan den
/ormers het geprepareerde vrm-zand aanbrengt ietstukken tot 40000 K G . gewicht
cunnen' zonder bezwaar worden gegoten.

Physiealisch la

Chemisch

de nabijheid der Lriett


het ruw-ijzer en ieder

biografie ter b
Verder won
jvater. staalkab

bevindt zich h<

ng aer
iit Lab
onderz

lisch en Phvsicalisch Laboratoriurr


onderzocht. Tevens bezit het labo
zoek: een .trekmachine, een- buig
/oor metallografiscfa onderzoek e:
en en legeerinuen.
brandstoffen'; olin, ketelvoedinq

Bouw van havenkranen op het fabrieksterrein.

X . HIJSCH- E N T R A N S P O R T W E R K T U I G E N .
Met de fabricage van transportwerktuigen werd door de Machinefabriek in het jaar
1898 aangevangen, voorloopig in een der gebouwen van de hoofdfabriek. De groote
vraag naar deze werktuigen maakte reeds spoedig eene belangrijke uitbreiding noodig,
en in 1900 werd de fabricage in eene afzonderlijke afdeeling overgebracht naar een
aangrenzend terrein. Het voortdurende succes der afdeeling in de levering van kranen,
transportbanen en liften, zoowel voor Nederland als voor Export, deed het aantal
orders steeds groeien, en maakte een gestadige uitbreiding noodig. In 1912 werd de
Afdeeling omgezet in een afzonderlijke Naamlooze Vennootschap.
Doordat men zich aan deze fabriek toelegde op n bepaald artikel, kon de technische staf ruime ervaring opdoen. Eerder dan elders werd het groote nut van het
bouwen van standaard-kraantypes ingezien; ook het normaliseeren van onderdeden
werd reeds jaren geleden ter hand genomen. Goed doordachte en in de praktijk beproefde detailconstructies zijn hiervan het gevolg.
Van de productie noemen we in de eerste plaats de kranen voor handkracht. Onder
tal van omstandigheden, voor het hijschen van lichte lasten, ofwel op plaatsen, waar de
kranen slechts zelden gebruikt worden, zal het aanbeveling verdienen deze toe te passen.
96

Doch in de meeste gevallen beteekent de toepassing van stoom- of electrische beweegkracht zooveel besparing van arbeidstijd en -loon, dat de hoogere aanschafringskosten van op dergelijke wijze gedreven hijschtoestellen nauwelijks meer in aanmerking
komen. Daar vinden dan normale Stork-Hijsch electrische loopkranen, welke geschikt
zijn voor de meest uiteenloopende doeleinden, hunne toepassing. En waar door plaatselijke omstandigheden de kraanconstructie aan de meer bijzondere eischen van het bedrijf moet worden aangepast, is de fabriek steeds in staat elke speciale order uit te
voeren.
Voor het havenbedrijf moet als meest gebruikte type de poortkraan afzonderlijk genoemd worden. Deze is door Stork-Hijsch in allerlei verschillende vormen, zoowel voor
binnen- als buitenland in grooten getale vervaardigd.
Een bijzondere constructie van Stork-Hijsch is de topkraan. Want hoewel de gewone poortkraan, al of niet voorzien van vluchtverstelling, met tamelijke snelheid den
arbeid verricht, bereikt de speciale topkraan veel meer. Een eigen constructie stelt
hierbij in staat, met zeer gering arbeidsverbruik den te verplaatsen last met groote snelheid in een horizontaal vlak in radiale richting te bewegen. De capaciteit dezer kranen
wordt hierdoor aanmerkelijk vergroot.
Eveneens voor havenbedrijf dienen de drijvende stoomkranen, waarmee Stork-Hijsch
groot succes heeft gehad. Gewoonlijk worden deze uitgevoerd met grijpers voor kolen,
erts, etc. De constructie van den grijper is van grooten invloed op de bruikbaarheid van
grijperkranen. Vandaar dat Stork-Hijsch zich op dit onderdeel bijzonder heeft toegelegd. Haar grijper levert in het gebruik zeer goede resultaten op.
Veelal komen voor het verplaatsen van steenkolen, ertsen en dergelijke materialen,
laadbruggen met grijperloopkatten in aanmerking. Doch ook suikerbieten, aardappelen,
pulp en soortgelijke massa-artikelen worden aldus verwerkt.
Gaat het om het vervoeren over langere afstanden, dan bedient men zich van hangbanen. Ook op dit gebied bracht Stork-Hijsch reeds tal van inrichtingen tot stand.
97

Twee stoom-ponton-draaikranen voor kolentransport met eene capaciteit van ruim 70 ton per uur.

Dan zijn er nog de hijschwerktuigen, toegepast bij den scheepsbouw. Juist door een
scheepswerf worden de ingewikkeldste eischen gesteld voor het snelste en handigste
transport der materialen. V a n allerlei kranen komen hierbij in aanmerking, als toren-,
mast-, derrick- en armkranen, welke alle tot ons fabrikaat behooren.
Ook in de mijnindustrie stelt het hijschvraagstuk zich als een der belangrijkste op den
voorgrond. Het zij voldoende hier aan te teekenen, dat alle electrische ophaalmachines,
in gebruik in het Limburgsche mijngebied, afkomstig zijn uit onze werkplaatsen.
Ten slotte zij nog afzonderlijk genoemd de fabricage van personen- en goederenliften, waarbij alle onderdeden serie-gewijze bewerkt worden, waardoor uit de in
voorraad zijnde onderdeden, in den kortst mogelijken tijd complete liftinstallaties
samengesteld kunnen worden.

98

HOOFDSTUK V.

LOONSTELSEL E N WINSTDEELING.

De instelling van het persoonlijk winstaandeel der werklieden van de machinefabriek


Gebr. Stork 6 Co. dateert van het jaar 1902. Reeds voor dien tijd bestond eene winstdeeling voor de beambten, terwijl de werklieden indirect in de winst deelden, doordat
een gedeelte daarvan besteed werd ten bate der instellingen in het belang van het personeel (fondsen).
Het toen bestaande loonstelsel was een zuiver stukloon-systeem voor allen, voor
wier arbeid tarieven konden worden vastgesteld, dus voor het groote meerendeel der
werklieden. Een groot bezwaar tegen dit stukwerkstelsel school in de wijzigingen der
tarieven, die bij de voortdurende verbeteringen der werktuigen mogelijk, en met het
oog op de concurrentie noodig waren. Het onaangename hiervan was, dat schijnbaar
dikwijls ten nadeele der werklieden wijzigingen werden gemaakt, waarvan deze zelf de
noodzakelijkheid niet altijd konden inzien. Vaak scheen het hun, alsof tariefverlagingen
uitsluitend strekken moesten om de winst te vergrooten, waarbij de werklieden niet
anders dan door hun fondsen-winstaandeel betrokken waren. Het juiste inzicht omtrent
de noodzakelijkheid dezer verlagingen, teneinde aan de concurrentie het hoofd te
kunnen bieden, en omtrent het groote belang, dat de werklieden ook zelve daarbij
hadden, kon slechts van de verstandigsten en meest ontwikkelden onder hen worden
verwacht. Daarbij kwam, dat in eene fabriek, waar een groote verscheidenheid van
producten wordt vervaardigd, bij de voortdurende verbetering van werktuigen en werkmethodes de bepaling van juiste tarieven zeer moeilijk was, waardoor des te meer aanleiding bestond tot meeningsverschil daaromtrent tusschen werklieden en chefs.
Om in deze moeilijkheid te voorzien werd in 1902, na uitvoerige en herhaalde toelichting in het weekblad der fabriek, de Hengelosche Fabrieksbode", eene nieuwe loonregeling ontworpen en in overleg met de vertegenwoordiging van het personeel (de
Kern") vastgesteld. Deze regeling hield in beginsel het volgende in:
Door de werklieden wordt zooveel mogelijk volgens 'tarieven gewerkt, maar alle
werklieden ontvangen een vast uurloon. Ieder ontvangt een werkboekje, waarop van
elk werkstuk wordt genoteerd, het over- of tekort boven of beneden het aan dat stuk
100

verwerkte vaste loon. Eenmaal per kwartaal wordt in elk boekje het totale over- of
tekort vastgesteld. De batige saldo's (dus de bedragen, waarmede het totaal gemaakte
stukgeld het totale loon overtreft) worden aangeduid met den naam Over-Stukgeld".
Dit overstukgeld wordt opgevat als een gedeelte van het winstaandeel. Het wordt
driemaandelijks uitgekeerd (voorzoover de firma verwacht, dat het totale voor de
werklieden bestemde winstaandeel niet door het totale overstukgeld zal worden overschreden eene noodzakelijke beperking, die aan het beginsel niets afdoet.)
Jaarlijks wordt, na vaststelling der balans, het totale winstaandeel der werklieden
vastgesteld, in verband met de winst der fabriek (op de wijze, waarop dit bedrag werd
vastgesteld komen wij nader terug).
Van dit totale werklieden-winstaandeel wordt in de eerste plaats het totale overstukgeld in mindering gebracht. Het bedrag, dat daarna overblijft, wordt overschotwinstaandeel genoemd en dit bedrag wordt onder alle werklieden der fabriek verdeeld
naar verhouding van de totale inkomsten, die ieder in het afgeloopen jaar aan de fabriek
heeft genoten (waarbij dan behalve het vaste loon gerekend wordt: stukgeld, overurengeld, premies, gratificatin, enz.). Heeft iemand een tekort op zijn werkboekje, dan wordt
zijn overschot-winstaandeel daarmede verminderd.
Het totale overstukgeld der fabriek is in dit stelsel een onderdeel van het totale werklieden-winstaandeel, dat bepaald wordt als eene functie van de winst der fabriek, en dat
dan in totaal onafhankelijk is van de grootte van het stukgeld, dus van de hoogte der
tarieven. Een belangrijk deel van het bedrag, waarmede het totale overstukgeld tengevolge van tariefsverlagingen zou worden verminderd, (onder bepaalde omstandigheden zelfs dit geheele bedrag) komt aan de werklieden in den vorm van overschotwinstaandeel weder ten goede. E n zijn daarentegen de tarieven te hoog, zoodat het
overstukgeld abnormaal hoog zoude worden, dan is het overschot-winstaandeel, dat
den werklieden aan het einde van het jaar wordt uitgekeerd, dienovereenkomstig lager.
Dit stelsel sluit dus in, dat te hooge tarieven den werklieden van hun overschot-winstaandeel weder ontnemen, hetgeen zij er schijnbaar door hadden gewonnen, terwijl zij
bovendien de winst der fabriek, waarbij zij thans groot belang hebben, zeer nadeelig
benvloeden. E n daar zij uit den aard der zaak te lage tarieven niet wenschen, is het
belang der werklieden het beste gediend door eene zoo juist mogelijke tariefsbepaling.
Het groote struikelblok, bestaande in de moeilijkheden tengevolge van noodzakelijke
tariefsverlagingen, is dus uitgeschakeld. De verbetering van werktuigen en werkmethodes heeft nu niet langer te kampen met den tegenstand der werklieden, die thans
belang hebben bij de verhooging der winst, die er het gevolg van is.
De tariefsbepaling, die vroeger alleen bij de leiding berustte kon thans in overleg met
de werklieden geschieden. Zelfs kon de beslissing omtrent vele geschillen en klachten
aangaande de tarieven geheel aan de werklieden worden overgelaten.
Een der voornaamste consequenties van het bovenbeschreven loonstelsel was n.1. de
benoeming van zoogenaamde looncommissies" voor iedere werkplaats, bestaande uit
werklieden der afdeeling, aanvankelijk door de firma, later door de werklieden der afdeeling zelf gekozen. Omtrent alle klachten over de tarieven wordt door deze loon101

commissies, onder voorzitterschap van een deskundigen hoofdbeambte, zelfstandig beslist. In den allereersten tijd bestond bij hen wel eenigermate de begrijpelijke neiging
tot opdrijving der tarieven, doch spoedig werd het onjuiste van dit streven ingezien,
en eene praktijk van bijna 20 jaren heeft thans geleerd, dat op deze wijze zonder veel
bezwaren juiste tarieven verkregen worden.
De bepaling van het totale werklieden-winstaandeel geschiedde lange jaren volgens
eene eenigszins ingewikkelde methode. De regeling van 1902 stelde vast, dat het totale
werklieden-winstaandeel minstens 16000 gulden zoude bedragen, indien het voor de
fondsen en instellingen beschikbaar gestelde winstaandeel (dat het winstaandeel der
Vereeniging" wordt genoemd en een vast percentage van de netto winst was) 8000.
of minder bedroeg. Voor iedere 1000. die het laatstgenoemde winstaandeel boven
8000. steeg, werd het werklieden-winstaandeel met 4 maal dat cijfer verhoogd.
In beginsel bleef deze bepaling bestaan tot 1920, slechts de getallen werden gewijzigd,
naarmate fabriek en instellingen zich uitbreidden.
Tegen deze wijze van vaststelling van het werklieden-winstaandeel bestond het bezwaar, dat zij weinig overzichtelijk was en voor de werklieden moeilijk te begrijpen.
Bovendien lag de wijze, waarop het winstaandeel der Vereeniging" werd bepaald,
niet binnen hun gezichtsveld, zoodat de regeling hun weinig houvast bood.
Daarom werd in 1919 in beginsel aangenomen, dat het werklieden-winstaandeel voortaan verband zoude houden met het door de fabriek uitgekeerde jaardividend, volgens
eene nader vast te stellen regeling, die iederen werkman in staat zoude stellen op
eenvoudige wijze het werklieden-winstaandeel te berekenen, indien het dividend hem
bekend was. In afwachting van meer normale toestanden, die een definitieve regeling
mogelijk zouden maken, werd in den zomer van 1920 in overleg met de Kern eene
voorloopige regeling als volgt vastgesteld:
Jaarlijks wordt, na de vaststelling der balans, het werklieden-winstaandeel vastgesteld. Dit werklieden-winstaandeel houdt verband met het dividend, aan de aandeelhouders der Machinefabriek Gebr. Stork 6 Co. uit te keeren. Voor het boekjaar
19191920 wordt dit aandeel als volgt geregeld. Bedraagt het dividend 5 pCt., dan
bedraagt de grondslag der verrekening 17 pCt. van het loon.
Bij 6 pCt. dividend wordt dit cijfer 19 pCt.
7

21
8

23
9

25
10

27 enz.
Van de bovengenoemde grondslagcijfers wordt afgetrokken het cijfer voor het gemiddelde overstukgeld der productieve werklieden in het afgeloopen boekjaar. Het
percentage dat daarna overblijft, wordt als overschot-winstaandeel aan de vaste werklieden der fabriek uitgekeerd, met dien verstande, dat iemand geen recht op uitkeering
heeft wanneer hij op 1 Juli voorafgaande aan den datum der uitbetaling niet minstens
twee jaar aan de fabriek verbonden was.
102

In de eerstvolgende jaren zullen telkens, zoo spoedig mogelijk in het boekjaar, grondslagcijfers als de bovengenoemde worden vastgesteld, die voor het ingegane boekjaar
en overigens bij behoud van dezelfde regeling, gelden zullen. Zoo spoedig als de omstandigheden dat toelaten zullen deze grondslagcijfers telkens voor vijf jaren worden
vastgesteld."
De onderstaande tabel geeft een overzicht van de bedragen der winstdeeling over
de laatste 18 jaren.
^
Boekjaar.

Dividend.
I

1902/03
1903/04
1904/05
1905/06
1906/07
1907/08
1908/09
1909/10
1910/11
1911/12
1912/13
1913/14
1914/15
1915/16
1916/17
1917/18
1918/19
1919/20
1920/21

totaal
loon.

|
f

8,2 /
8,7
8,7
9
6,5
7,8
9
9
7
8
11
11

391.500
437.946
421.754
471.818
509.006
540.341
603.750
646.780
ic 727.849
792.078
898.870
896.295
728.967
907.247
1.130.318
1.108.238
1.248.276
1.857.000
| 2.355.360

Werklieden| winstaandeel.
f

.,

Overschot-Winstaandeel.

T o t a a l

overs t u k g e l d

~~TT
1
Cedrag
|
_ *)|
=

m /o
v / h

l o o n

39.500 f
37.908 f
1.592 I 0.4 /
40.000
43.892
_
_
46.000
36.300
9.700
2.3
60.000
40.800
19.200
4
'
68.000
44.163
23.837
4.7
80.000
53.528
26.487
5
92.000
61.405
30.595
5.3
88.000
65.773
25.106
4
104.000
70.145
34.000
5
110.000
81.754
39.600
5
128.000
89.905
44.800
5
98.000
76.622
22.400
2.5
104.000
72.400
31.600
4
168.000 .,
96.304
71.700
8
174.000
97.526
76.500
6.6 '
144.000
89.264
55.402
5
156.000
93.708
62.413
5 ]]
29 /
15 >/i /
L
250.695
13 V, "
29 >/
16/
.. 306.266
13
0

*) Dat dit verschil niet overal geheel uitkomt is het gevolg van eene afronding.

103

HOOFDSTUK VL

I N S T E L L I N G E N IN H E T B E L A N G V A N H E T P E R S O N E E L . ')

In een gedenkboek omtrent de Machinefabriek Gebr. Stork 6 Co. moeten de Instellingen in het belang van het Personeel eene voorname plaats innemen. Immers, vanaf de
stichting der fabriek was het doel, eene onderneming te vormen, waarin het maatschappelijk belang van allen, die er aan verbonden waren, zoo goed mogelijk werd behartigd, den stichter en den lateren leiders, naast den bloei der onderneming, hoofdzaak.
Dadelijk bij de oprichting der fabriek werd een Ziekenfonds" in het leven geroepen,
dat door de firma werd beheerd en aan zijne leden tegen eene storting van 2/o van hun
loon kostelooze geneeskundige hulp en uitbetaling van het halve loon als ziekengeld
verzekerde. Daar de fabriek in die eerste jaren met verlies werkte, kon aan de oprichting
van verdere fondsen niet worden gedacht.
Zoodra de uitkomsten van het bedrijf dit door een matig winstcijfer mogelijk maakten,
werd overgegaan tot de stichting van een pensioenfonds. Dit fonds, dat in 1881 werd
gesticht, was het eerste werklieden-pensioenfonds dat in Nederland door een werkgever
werd gevormd. Tezamen met het ziekenfonds werd het, nadat dit laatste gereorganiseerd was, onder het beheer gebracht van een Bestuur, waarvan de leden voor de
meerderheid door de werklieden, voor de minderheid door de firma werden gekozen.
In dit jaar werd de grondslag gelegd voor de Vereeniging tot Behartiging der
') In dit hoofdstuk zijn een aantal afbeeldingen uit het bedrijf der fabriek opgenomen.
104

Belangen van het Personeel der Machinefabriek Gebr. Stork & Co.", waarbij alle leden
van het vaste personeel zijn aangesloten, en die de instellingen in het belang van het
personeel omvat.
Al spoedig breidde zich de werkkring der jonge vereeniging uit, want reeds in het
eerste jaar van haar bestaan werden het 7 cents uitkeeringsfonds" en het Doktersfonds" gesticht. In 1883 werd de Kern", de vertegenwoordiging van het personeel, in
het leven geroepen, met het doel, overleg met haar te plegen omtrent vraagstukken,
die de stoffelijke en zedelijke belangen van het personeel, en den bloei der fabriek
raakten. Van hetzelfde jaar dateert de Spaarkas voor minderjarigen". In 1883 volgde
het Weduwen enWeezenfonds" en in 1887 de regeling betreffende de uitkeering bij
ongevallen". In 1888 werd de eerste bad- en zweminrichting geopend.
De verkregen uitbreiding maakte het noodig Koninklijke Goedkeuring op de statuten
aan te vragen, om daardoor rechtspersoonlijkheid aan de vereeniging te verschaffen.
Deze werd verleend bij Kon. Besluit van 1 Nov. 1890.
Het arbeidsveld der Vereeniging breidde zich snel uit. In hetzelfde jaar 1890 werd
voor het eerst verslag uitgebracht omtrent de Vrijwillige Spaarkas, eene instelling,
gegroeid uit de gelegenheid tot sparen met genot van 5L rente, die vanaf de oprichting
der fabriek had bestaan. Bij het 25-jarig bestaan der fabriek te Hengelo, in 1893, schonk
defirmaaan de Vereeniging het Vereenigingsgebouw, en kort daarna werd het Jnvaliditeits-, Wedu wen- en Weezenfonds ' opgericht. In 1895 werd aan de Vereeniging toegevoegd de zoogen. Vierde Afdeeling", een buitengewoon ondersteuningsfonds,
waarvan de inkomsten uit vrijwillige giften bestaan, en waaruit steun wordt verleend
aan weduwen en weezen of invaliden, die geen of niet voldoenden steun uit de andere
fondsen kunnen verkrijgen. In 1896 werden de beambten in de Vereeniging opgenomen,
en werden de statuten dienovereenkomstig gewijzigd. Het lidmaatschap der Vereeniging
werd daarbij voor alle leden van het vaste personeel verplichtend gesteld (behoudens
105

het recht der firma, sommigen van de rechten en verplichtingen van een of meer afdeelingen uit te sluiten).
In 1898 moest het door de eerste badinrichting in beslag genomen terrein voor
fabrieksuitbreiding worden gebruikt en werd overgegaan tot stichting van de tegenwoordige badinrichting, op een terrein, in de onmiddellijke nabijheid der fabriek.
In 1902 ontstond het Drayerfonds" uit een legaat van wijlen Mevr. Drayer-Braat,
weduwe van den eersten Vertegenwoordiger der firma in Nederlandsch-Indi, die bij
haar overlijden een bedrag van f 10.000 aan de Vereeniging naliet, waarvan de nadere
bestemming door de firma zou worden aangewezen. In overleg met het Bestuur werd
besloten dit fonds te doen strekken tot het geven van een toeslag op sommige lage
pensioenen.
In 1906 vierde de Vereeniging haar 25-jarig bestaan, met een algemeen feest in het
Vereenigingsgebouw. Bij deze gelegenheid schonk de firma haar een kapitaal van
100.000.' onder voorwaarde, dat zij voor deze som commanditaire vennootein de
firma worden zoude, en aan hare leden certificaten van aandeel in die commanditaire
deelneming, elk groot f 100., zoude uitgeven. Dit bedrag was in 1909 geheel in certificaten aan het personeel uitgegeven, en werd later belangrijk vergroot.
In het jaar 1911 nam de Vereeniging voor eene som van f 150.000, deel in het pre106

Gezicht in de gereedschapmakerij.

ferente aandeelen kapitaal en bovendien voor 150.000. in eene obligatieleening der


Hengelo'sche Bouwvereeniging", ten behoeve van den bouw van het tuindorp Het
Lansink".
In 1912 werd door den Heer D . W . Stork, ter gelegenheid van zijn 40-jarig jubileum
als firmant van Gebrs. Stork & Co., het Studiefonds gesticht, dat aan jeugdige Twentenaren van bijzondere geestesgaven steun kan verkenen bij hunne studie.
In het voorgaande gaven wij een kort geschiedkundig overzicht van het ontstaan der
verschillende instellingen onzer Vereeniging". Een tabel achter in dit boek geeft een
overzicht van den groei der fondsen en spaarkassen. W i j willen thans nog in het kort
iets omtrent elk der instellingen mededeelen, en behandelen daarbij achtereenvolgens:
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.

De Vertegenwoordiging van het Personeel


De deelneming in het kapitaal der Machinefabriek Gebrs. Stork 6 Co,
Het Ziekenfonds.
De Kapitaalvorming voor den ouden dag.
Het Ouderdoms-, Invaliditeits-, Weduwen- en Weezen-pensioenfonds.
Het buitengewoon Ondersteuningsfonds.
Het Studiefonds.
107

8.
9.
10.
11.
12.
13.
14.

De Spaarkassen.
Het Vereenigingsgebouw.
De Badinrichting.
Geneeskundige dienst, Veiligheid en Hygine.
Ontwikkeling en ontspanning.
Vacantie en Vacantie-tehuizen.
De Fabrieksbode, het officieel orgaan der Machinefabriek.

li

DE VERTEGENWOORDIGING V A N HET PERSONEEL.

Het Personeel wordt officieel vertegenwoordigd door twee verschillende lichamen.


Het Bestuur der ,, Vereeniging tot behartiging der belangen van het Personeel"
bestaat uit acht personen, waarvan de Voorzitter en twee leden door de Directie
worden aangewezen, terwijl de overige zes leden door en uit de meerderjarige leden
van het vaste personeel worden gekozen. Bij dit Bestuur berust het toezicht op het
beheer der fondsen en instellingen. In zijne wekelijksche vergaderingen worden alle
personeelbelangen, die daarmede verband houden, besproken en beslist.
De eigenlijke fabrieksvertegenwoordiging berust bij de zoogen. Afdeelingsbesturen,
waarvan de leden door en uit de meerderjarige leden van het vaste personeel van elke
afdeeling worden gekozen (ca. 1 lid op elke 75 man) terwijl de voorzitters en secretarissen door de Directie worden aangewezen. Door de afdeelingsbesturen worden geregeld alle quaesties besproken, die de bijzondere belangen hunner afdeelingen raken.
Gezamenlijk vormen de afdeelingsbesturen, met de leden der Directie en eenige hoofdbeambten, de Kern.
In de vergaderingen dezer Kern, die uit ca. 40 personen bestaat, worden alle belangrijke quaesties, die het geheele personeel betreffen, behandeld. Door de Directie worden
geene belangrijke besluiten betreffende het personeel of de arbeidsvoorwaarden genomen, zonder voorafgaande bespreking met de Kern. De verslagen van de Kernvergaderingen worden gepubliceerd in het wekelijks verschijnende fabrieksblaadje ,,de
Hengelosche Fabrieksbode".

2.

DE DEELNEMING IN HET KAPITAAL.

Teneinde het personeel in de gelegenheid te stellen, deel te nemen in het kapitaal


der fabriek, is door de aansprakelijke vennooten der toenmalige commanditaire vennootschap bij gelegenheid van het 25-jarig bestaan der Vereeniging in 1906 een bedrag
van 100.000 eerst bij wijze van proef, daarna definitief geschonken, onder voorwaarde, dat de Vereeniging voor deze som commanditaire deelgenoote in de zaken
der firma werd, en zij dit kapitaal, verdeeld in certificaten op naam a f 100, a pari
voor leden van het personeel beschikbaar stelde.
108

Gezicht in de werkplaats voor licht plaatwerk.

Deze 100.000 waren in 1909 geheel onder het personeel geplaatst. In dat jaar
vergrootte de Vereeniging hare deelneming met 50.000, in 1913 weder met 100.000,
en in 1917 met 150.000, zoodat zij thans voor 400.000 deelgenoote is. Onder het
personeel is hiervan tot een bedrag van 289.000 aan certificaten geplaatst.
De oorspronkelijk geschonken som van 100.000 dient thans als waarborgsom,
om den certificaathouders zooveel mogelijk de terugbetaling a pari te waarborgen.

3.

H E T ZIEKENFONDS.

Het lidmaatschap van het Ziekenfonds is verplichtend voor alle werklieden-leden


van het personeel; zij hebben 2V /o van hun loon te storten.
Bij ziekte wordt 80 / van het loon uitgekeerd, behalve aan leerlingen, wier loon
12 ct. per uur bedraagt of minder; zij ontvangen slechts 50 / van hun loon. Gedurende
den eersten dag der ziekte heeft men geen recht op uitkeering.
Het ziekenfonds betaalt gedurende een ziektetijd van drie maanden; ingeval de
ziekte langer aanhoudt, moet een bijzonder fonds te hulp komen. N a hervatting van
het werk moeten 78 dagen verstrijken, alvorens opnieuw ondersteuning wordt verleend.
0

109

Behalve de gewone uitkeering bestrijdt het Ziekenfonds verder alle kosten van
dokter, geneesmiddelen en consult van specialiteiten, terwijl de kosten van ziekenhuisverpleging grootendeels, en de kosten van brillen, breukbanden, kniekousen, kunstledematen, etc. voor de helft door het fonds worden gedragen.

4.

KAPITAALVORMING VOOR DEN OUDEN DAG.

De vaste werklieden zijn verplicht in dit fonds 3 /o van hun vaste loon te storten.
Dit bedrag komt echter niet in een algemeene fondskas terecht, doch ieders storting
wordt individueel tegoed geschreven. De eigen storting geschiedt op het zoogenaamde
hoofd A . Aan het einde van elk jaar voegt de firma hierbij een bedrag, gelijk aan
de totale storting der werklieden. Ook dit bedrag wordt op naam van de werklieden
afzonderlijk geboekt, op hoofd B. Over beide hoofden wordt den werklieden een
rente van 5 / tegoed geschreven.
Uitkeering heeft plaats, wanneer een lid door lichaamsgebreken of langdurige ziekte
verhinderd wordt zijn gewoon handwerk te blijven verrichten, vrdat hij recht heeft
op invaliditeitspensioen. Het Bestuur beslist op welke wijze deze uitkeering plaats
vindt, d.w.z. in eens of in termijnen, of door aankoop eener lijfrente of op andere wijze.
Voor hen, die na het bereiken van hun 60 jaar pensioen trekken uit het onder 5
genoemde fonds, wordt het geheele tegoed A + B in de kas van dat pensioenfonds
gestort. De werklieden hebben dus de keus, om f op 60-jarigen leeftijd of later hun
gevormde kapitaal A + B op te nemen en daarvoor bijv. een lijfrente te koopen, f
hiervan afstand te doen en verder pensioen te trekken uit het pensioenfonds.
Voor werklieden, die de fabriek verlaten, gelden wat betreft het fonds tot kapitaalvorming in hoofdzaak de volgende bepalingen.
Zoodra iemand, die minder dan drie achtereenvolgende jaren aan de fabriek is
geweest, ophoudt lid van de Vereeniging te zijn, wordt hem binnen vier maanden
daarna hoofd A uitbetaald. Hoofd B vervalt dan aan het reservefonds van deze
afdeeling.
Is het uitgetreden lid langer dan drie achtereenvolgende jaren aan de fabriek geweest, zonder dat hem een invaliditeitspensioen is toegekend, en verlaat hij de fabriek,
dan heeft hij hetzij direct, hetzij later het recht hoofd A met de daarop gekweekte
rente te verlangen. Eischt hij dit niet op, dan blijft ook de aanspraak op hoofd B behouden, onder voortdurende bijschrijving van 5 /o rente. Deze oud-leden hebben recht
op uitkeering van hun heele tegoed, hetzij in eens of op andere wijze na het bereiken
van den 60-jarigen leeftijd. Bij invaliditeit vr het 60 jaar kan het Bestuur hun
eveneens de beschikking over hun tegoed op hoofd B toestaan.
Bij overlijden, zoowel van een lid als van een oud-lid, hebben de nabestaanden
recht op uitbetaling van het tegoed A en B.
0

ste

stc

110

5.

HET OUDERDOMS-, INVALIDITEITS-, W E D U W E N - EN


WEEZEN-PENSIOENFONDS.
(DE 3de AFDEELING.)

De inkomsten dezer afdeeling bestaan uit:


a. een vaste contributie der leden van 3V, / van het loon, met dien verstande, dat
niemand een lager loon dan 520 en een hooger loon dan 6.000 per jaar zal geacht
worden te verdienen.
b. een bijdrage der fabriek, gelijkstaand met het totale bedrag der onder a genoemde
contributie.
c. vervallen bedragen uit het fonds voor kapitaalvorming, zooals hierboven vermeld.
Vanwege dit fonds worden pensioenen verleend aan:
a. leden, die den 65-jarigen of een jongeren, doch minstens 60-jarigen leeftijd hebben
bereikt, en die hun tegoed in het onder 4 genoemde fonds voor kapitaalvorming in het
pensioenfonds storten.
b. leden, die door een ongeval in en door den dienst buiten hun schuld invalide
worden, waartegenover het hun volgens de ongevallenwet toekomende in de kas van
het fonds vloeit.
c leden, die minstens 10 jaren aan de fabriek zijn werkzaam geweest, en die minstens
30 jaar oud zijn bij invaliditeit, niet veroorzaakt door een ongeval aan de fabriek.
0

111

Gezicht in de pijpenbuigerij.

d. weduwen en weezen van leden, die tijdens hun dienstbetrekking aan de fabriek
gestorven of met toekenning van pensioen invalide geworden zijn.
Bij het verlaten van de fabriek vr den 60-jarigen leeftijd heeft terugbetaling van de
zelf gestorte contributie plaats, na aftrek van een percentage voor administratiekosten
en risico, zonder bijberekening van rente. Evenwel kan een vertrekkende opzijnwensch
lid blijven van dit fonds tegen betaling der voorgeschreven contributie, zoowel van hem
zelf als van de fabriek. Hij verliest dan evenwel het recht op invaliditeitspensioen.
Het ouderdomspensioen bedraagt 60% van het vaste loon en het invaliditeitspensioen
hoogstens 2 k /o van het vaste loon voor elk dienstjaar, dat iemand na zijn 20 jaar onafgebroken in de fabriek is geweest, tot een maximum van 24 dienstjaren. Is de invaliditeit een gevolg van een ongeval in en door den dienst dan ontvangt hij een minimum
pensioen van 20 dienstjaren, en een maximum pensioen van 28 dienstjaren.
Deze pensioenen gelden voor personen, die bij betaling der genoemde contributin,
vanaf hun 20 jaar in dienst der fabriek zijn. Zij, die later in dienst komen, betalen voor
hetzelfde pensioen eene hoogere contributie, of wel genieten een verminderd pensioen.
De uitkeering aan weduwen en weezen is afhankelijk van het bedrag, waarop de man
en vader aanspraak had kunnen maken, indien hij op het tijdstip van zijne laatste contributie-betaling volkomen invalide ware geworden. Ingeval het overlijden in en door den
dienst is veroorzaakt, wordt een hooger pensioen uitbetaald.
l

ste

112

6.

HET BUITENGEWOON ONDERSTEUNINGSFONDS.


(DE 4de AFDEELING.)

In gevallen, waarin de overige fondsen niet voorzien, en wanneer het Bestuur het
wenschelijk acht, komt dit fonds, welks inkomsten uit winstaandeel en schenkingen
bestaan, te hulp.
7.

HET STUDIEFONDS.
(DE 9de AFDEELING.)

Het studiefonds werd door den Heer D . W . Stork in Augustus 1912, ter gelegenheid
van zijn 40-jarig jubileum als firmant van Gebr. Stork 6 Co., gesticht.
Het fonds heeft ten doel, jongelieden van beiderlei kunne, in Twente woonachtig,
die zich door karakter en geesteseigenschappen onderscheiden, steun te verkenen bij
de opleiding tot verschillende maatschappelijke beroepen en betrekkingen.
Bij gelijke aanspraken genieten leden van het personeel der Machinefabriek Gebr.
Stork 6 Co. of hunne kinderen den voorrang, daarna inwoners der gemeente Hengelo.
Het fonds staat onder beheer van een commissie van vijf leden, welke door de
Directie wordt benoemd.
113

Jaarlijks wordt door deze commissie, in de maand April, herhaalde oproeping gedaan
van gegadigden voor het ontvangen van een studievoorschot; de leeftijd van hen die
zoo'n voorschot ontvangen, moet als regel tusschen 15 en 20 jaar gelegen zijn.
Door degenen, die een voorschot ontvangen hebben, wordt, nadat zij eene bezoldigde betrekking van meer dan 100. per maand hebben erlangd, jaarlijks 10 /o
van hun salaris aan het fonds afgedragen. Wanneer het bedrag van het ontvangen
voorschot zonder rente is afbetaald, of wel in geval 10 jaren sedert de beindiging der
opleiding, waarvoor het voorschot is verleend, zijn verloopen, wordt het voorschot
geacht te zijn terugbetaald. Het totale bedrag der jaarlijksche voorschotten zal 5000
niet te boven gaan. Met goedvinden van den stichter kan dit bedrag worden overschreden, hetgeen dan ook in de laatste jaren tengevolge der tijdsomstandigheden
geregeld is geschied. Bij voorkeur komen zij voor een studievoorschot in aanmerking,
die eene vakopleiding wenschen in nijverheid, handel en landbouw.
In de ruim negen jaren van zijn bestaan verleende het fonds studievoorschotten aan
totaal ca. 60 jongelieden. Onder hen, die door het studiefonds in staat gesteld werden
te studeeren bevinden zich een werktuigk. ingenieur, 7 technici met diploma eener
Middelbare Technische School of Duitsch Technikum, 2 gediplomeerden eener Landbouwschool, 2 gediplomeerden eener kunstnijverheidsschool, 2 gediplomeerden met
middelbare onderwijsacten, etc, terwijl een aantal jongelieden door lessen in staat
worden gesteld in hun beroep een beter inzicht te verkrijgen. Thans studeeren met
hulp van het fonds nog 6 jongelieden aan eene Middelbare Technische School, 2 aan
een Conservatorium voor Muziek, n aan eene Handelshoogeschool, etc. etc.

8.

DE SPAARKASSEN.
(DE 7de AFDEELING.)

a. Vrijwillige spaarkas.
Over de in deze spaarkas belegde gelden wordt een rente van 5 /o berekend. Zoowel de fabriek als de Vereeniging zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de terugbetaling
der inlagen en renten.
b. Spaarkas voor minderjarige werklieden.
Volgens art. 1 van het reglement dezer spaarkas is haar doel:
ten eerste te voorkomen, dat de jonge werklieden, tengevolge der in evenredigheid
hunner behoeften te hooge loonen, zich behoeften scheppen, waaraan zij later, gehuwd
zijnde, niet kunnen voldoen, zonder de belangen van het huisgezin te schaden, en ten
tweede, hen tegen den tijd van een eventueel huwelijk eenig kapitaal te doen sparen.
Dit doel wordt op de volgende wijze bereikt. Zoolang de minderjarige werklieden
minder dan 8. per week verdienen, wordt hun het volle loon uitbetaald. Van hetgeen zij boven dat bedrag verdienen, wordt tot 't bereiken van het 20*** levensjaar
30 /o ingehouden en op naam van den jongen werkman in deze spaarkas geboekt, ter114

Het Vereenigingsgebouw.

wijl met goedvinden der ouders nog 30 7 daarvan ingehouden en op naam dezer
laatsten wordt te goed geschreven.
Behoudens bijzondere omstandigheden, zooals behoeftigheid van het gezin, mag
over het ingehouden loon en de a 5 / gekweekte rente eerst bij meerderjarigheid
beschikt worden.
Bij overlijden wordt het tegoed aan de nabestaanden uitgekeerd. Een jonge werkman, die de fabriek verlaat, kan zijn geld eerst bij zijn meerderjarigheid opeischen,
behoudens in dringende gevallen, ter beoordeeling van de Directie.
c. De premie-spaarkas.
Teneinde het doorsparen na het 20 jaar te bevorderen, bestaat er verder eene
zoogen. premie-spaarkas", waarop de jonge werkman op dien leeftijd zijn tegoed kan
doen overboeken. Spaart hij daarop op denzelfden voet door, tot zijn huwelijk of zijn
28 levensjaar, dan ontvangt hij behalve 5 / rente op laatstgenoemden leeftijd eene
premie van 25 7 over zijn geheele besparing, zonder rente.
0

9. HET VEREENIGINGSGEBOUW.

Het Vereenigingsgebouw werd door de firma aan de Vereeniging geschonken bij


gelegenheid der feestelijke viering van het 25-jarig bestaan der fabriek, in September
115

De badinrichting.

1893. Het is in de nabijheid der fabriek in een gezellig aangelegden tuin met muziektent, tennisveld en banken gelegen, en bevat vooreerst een groote zaal, ruimte biedend
voor 800 a 1000 personen, die voor algemeene bijeenkomsten, voordracht- en muziekavonden gebruikt wordt. Verder bevinden zich in het gebouw nog kleinere lokaliteiten
voor bijeenkomsten, en een caf. Eene leeskamer voor het personeel, die langen tijd
in het gebouw bestond, werd opgeheven toen in 1919 eene Openbare Leeszaal werd
opgericht, die tijdelijk in daarvoor verbouwde localiteiten van het Vereenigingsgebouw
werd ondergebracht, totdat zij in een eigen gebouw zal kunnen worden gehuisvest.
10.

D E BADINRICHTING.

Behalve de gewone waschinrichtingen met kleerenkasten, die in afzonderlijke ruimten


nabij de werkplaatsen aanwezig zijn, is te zamen met een bevriende fabriek in 1899 een
badinrichting met 19 kuipbaden en 18 douches gesticht en in eigendom aan de Vereeniging" overgedragen. Zij is ook voor het publiek toegankelijk en het personeel krijgt
n bad in de week gratis. Voor de werklieden onder 18 jaar is dit wekelijksche bad
verplichtend gesteld.
Gedurende 1921 werden in het geheel 49.390 baden gebruikt, waarvan 21.215 door
het personeel onzer fabriek.
116

11. GENEESKUNDIGE DIENST,


HYGINE EN VEILIGHEID.

Aan de fabriek bevindt zich eene geheel volgens nieuwere eischen ingerichte
ver bandkamer, waar gedurende den werktijd steeds een der beide, aan de fabriek
verbonden, verpleegsters aanwezig is, en
waar de fabrieksdokter dagelijks op bepaalde tijden de behandeling van alle
lichte kwetsuren controleert, en ernstige
gevallen zelf behandelt. Bij iedere verwonding, hoe gering ook, in de fabriek
opgeloopen, is ieder verplicht zich naar
de verbandkamer te begeven voor eene
antiseptische behandeling, ten einde mogelijke infectie te voorkomen.
Voor de behandeling der oog-ongevallen is een goed ingerichte oog-kamer
aanwezig, waar een oogarts, eveneens
dagelijks, de voorkomende gevallen behandelt.
Met het oog op ernstiger ongevallen
zijn een aantal leden van het personeel geschoold in eerste hulp bij ongelukken".
Zij zijn leden der afdeeling Hengelo van
het Nederl. Roode Kruis" en vormen
eene transport-colonne voor zwaar gekwetsten. Gelukkig behoort de noodzakelijkheid, hen daarvoor te alarmeeren, tot
de hooge uitzonderingen.
De zorg voor hygine en veiligheid in
de werkplaatsen en op het fabrieksterrein
is, behalve aan de chefs, opgedragen aan
de veiligheidscommissies" der verschillende afdeelingen. Deze bestaan uit werklieden der afdeeling, welke door de Directie worden gekozen uit eene door het afdeelingsbestuur opgemaakte voordracht
en staan zij onder leiding van den afdeelingschef. De taak van de leden dezer
Commissies is, de aandacht te vestigen op

De verbandkamer.

De oogkamer.

De transportcolonne.

117

alles, wat met de eischen van veiligheid en hygine in strijd is; bijv. het ontbreken van
beveiligingen aan machines, verzuimen wat betreft het gebruik van veiligheids-brillen,
slechten toestand van ladders of staaltouwen, etc, waaromtrent zij rapport kunnen
indienen bij den bedrijfschef. Omgekeerd kan deze hun rapport vragen omtrent den
veiligheidstoestand op een bepaald gebied in hunne werkplaats.
Door middel van een kaart-systeem ontvangt de Bedrijfschef dagelijks vanuit de
verbandkamer een overzicht van alle voorgekomen ongevallen. Desgewenscht ontvangt hij van de veiligheidscommissies omtrent bepaalde ongevallen nader rapport,
en een goed overzicht over de in elke werkplaats voorgekomen ongevallen levert
hem stof tot opdrachten aan- en besprekingen met de veiligheidscommissies. Zoo wordt
met medewerking der werklieden zelve zoo goed mogelijk tegen het voorkomen van
ongevallen gewaakt.
Met het oog op brandgevaar bezit de fabriek
eene vrijwillige fabrieks-brandweer, welke geregeld
hare oefeningen houdt.
12. ONTWIKKELING EN ONTSPANNING.

Behalve de in het hoofdstuk Onderwijs" beschreven onderwijs-instellingen, waaronder ook


sport en spel, voor de leerlingen, bestaan er aan de
machinefabriek een aantal instellingen, welke de
ontwikkeling en ontspanning, ook van het oudere
personeel, ten doel hebben.
L De Leesavond. Gedurende de wintermaanden
houdt elke veertien dagen de Leesavond" een bijEene oefening der fabrieksbrandweer.

oonlrnm<;f

waar rlnnr oon Hor lorlon van rlo nit-or.fi/>

of beambten van de fabriek onderwerpen van actueelen of populair-wetenschappelijken aard worden behandeld. Van dezen Leesavond
kunnen alle werklieden der fabriek lid zijn tegen betaling eener contributie van \2 h
ct. in de week gedurende het winterhalfjaar, welk bedrag, vermeerderd met een gelijke
bijdrage der fabriek, in den zomer voor een uitstapje van eenige dagen wordt besteed.
De leesavond telt geregeld 150 of meer leden, welke de bijeenkomsten getrouw
bezoeken.
l

II. Voordrachten. In den winter vinden in het Vereenigingsgebouw eens per maand
voordrachten plaats, die behalve voor het personeel, tegen een kleinen toegangsprijs
ook voor het overige publiek toegankelijk zijn. Als sprekers dezer voordracht-avonden,
waarop eveneens meestal populair-wetenschappelijke onderwerpen worden behandeld,
treden veelal op hun gebied bekende personen uit den lande op, terwijl sommige
avonden ook aan de muziek zijn gewijd. De regeling berust bij eene Voordrachtcommissie", bestaande uit beambten en werklieden.
118

III. Stork-Wallerfonds voor concerten en ander kunstgenot. Dit fonds werd


door den heer en mevrouw C. F. Stork-Waller in Aug. 1913, bij hun 25-jarig huwelijk,
gesticht. Het stelt zich ten doel eenige malen per jaar bijzonder mooie concerten t
doen houden, die om de daaraan verbonden hooge kosten niet door de voordrachtencommissie Kunnen worden georganiseerd.
Eene commissie van drie personen,
behoorende tot het personeel der fabriek,
of daarmede in betrekking staande, voert
het beheer van dit fonds en bepaalt in
overleg met de stichters, hoe de jaarlijksche bedragen besteed zullen worden.
I V . Muziekvereeniging. De aan de
fabriek verbonden muziekvereeniging
Armonia", die onder leiding staat van
een bekwamen dirigent en geregeld
's avonds hare oefeningen houdt, geeft
in het Vereenigingsgebouw of's zomers
in den daarbij behoorenden tuin hare uitvoeringen. Tot het aanschaffen der instrumenten verleent de fabriek haar steun.
V Gymnastiekvereeniging. De
Gymnastiek-vereeniging Hercules" is
eene bloeiende vereeniging, die afdeelingen voor veteranen, dames, turners en
adspiranten telt. Hare oefeningen vinden
plaats in het goed ingerichte gymnastieklokaal der fabrieksschool, en hare uitvoeringen in het Vereenigingsgebouw en bij
feestelijke gelegenheden schenken zij aan
velen eene aangename ontspanning.

Vacantie-tehuis te Schoorl.

13. VACANTIE E N
VACANTIE-TEHUIZEN.

Alle werklieden genieten minstens vier


en een halven vacantiedag per jaar, met
behoud van loon. Daarvan valt V vacanVacantie-tehuis te Velp.
tiedag op Zaterdagmorgen vr Pinksteren, en n dag op Dinsdag daarna, terwijl ieder de drie overige kan nemen, wanneer
hij wil, voorzoover het belang der fabriek daardoor niet wordt geschaad.
Voor hen, die langer dan 10 jaar aan de fabriek verbonden zijn, wordt dit aantal
119

vacanticdagen vermeerderd met Va dag voor elke 5 dienstjaren, te beginnen na afloop


der eerste 10 dienstjaren en tot een maximum van 35 dienstjaren.
De beambten genieten eene jaarlijksche vacantie, waarvan de duur verband houdt
met hun salaris.
Ten behoeve der beambten en hunne gezinnen bezit de fabriek twee vacantietehuizen, te Velp en te Schoorl, waar gedurende de zomermaanden een groot aantal
beambten-gezinnen ontspanning vinden.

14.

OFFICIEEL ORGAAN.

lederen Zaterdag verschijnt de Hengelosche Fabrieksbode, waarin alle kwesties


worden besproken, die voor het personeel van belang zijn, waarin verslag wordt gedaan van de besprekingen in de verschillende lichamen van vertegenwoordiging, verder
van den stand der fondsen, het bezoek der lessen, de ontwikkeling der fabriek, en
waarin artikelen van allerlei aard verschijnen, die geacht kunnen worden het personeel
in het algemeen te interesseeren.

120

HOOFDSTUK VIL

H E T ONDERWIJS.

Op den gedenkdag van het vijftigjarig bestaan der firma Gebr. Stork & Co., op
4 September 1918, werd het gebouw, waarin de instellingen van onderwijs der fabriek
sedert zijn ondergebracht, plechtig ingewijd. Zeker was dit op dezen dag een schoone
hulde aan de gedachte, die de stichters bezielde bij de oprichting der fabriek, en die
werd uitgesproken in C. T. Stork's eenvoudig verhaal Hoe de Machinefabriek in de
wereld gekomen is", verteld bij gelegenheid van het 25-jarig bestaan der firma: Een
fabriek te stichten, waarvan elke arbeider in de gelegenheid werd gesteld, zich te ontwikkelen naar de mate van zijn aanleg". Dat was C . T . Stork's streven. Hoe dat streven
door hemzelf en zijn opvolgers is opgevat, daarvan legde de inwijding van het schoolgebouw op den gedenkdag getuigenis af.
Reeds in 1860 werd door de firmanten der Weefgoederenfabriek, de latere stichters
der Machinefabriek, eene fabrieksschool gesticht, de eerste hier te lande. Zeker was
dit voornamelijk op voorstel van C . T . Stork, die op zijn reis naar Zwitserland in 1854
bijzonder werd getroffen door het hooge peil van onderwijs in dat land, voornamelijk
door eene voor dien tijd zeer mooi ingerichte school te Winterthur.
N a de oprichting der Machinefabriek in 1868 diende deze school, die door meester
Bonke" geleid werd, voor beide fabrieken. Toen deze grooter werden moest men de
scholen scheiden. De Kon. Weefgoederenfabriek kreeg een eigen school, en de Nederlandsche Katoenspinnerij, evenals de firma G . Dikkers & Co., sloten zich, wat het onderwijs betreft, bij de Machinefabriek aan. De Heer C. Biese werd in 1889 hoofd dezer
fabrieksschool, en leidde haar aanvankelijk alleen, later met een, nog later met twee
en drie onderwijzers, tot hij in 1914 zijne functie overgaf aan den Heer J. Esendam.
De heer Biese bleef daarna nog korten tijd lid der schoolcommissie om zijne adviezen
voor ons onderwijs ten beste te geven, tot hij in 1919 uit Hengelo vertrok. Zeer veel
heeft ons onderwijs aan hem te danken. Hij was een uitstekend onderwijzer, die bovendien de gave bezat de jongens te begrijpen en hun vertrouwen en genegenheid te
121

winnen. Zoo heeft hij een groot aantal jongens tot jonge mannen helpen vormen, en
hun iets medegegeven voor het leven: meer dan schoolwijsheid.
Zijn opvolger, de Heer Esendam, die reeds jaren lang zijn krachten als onderwijzer
aan de school gegeven had, legde in 1919 zijn functie neer, om zich in zaken te begeven.
Hij werd opgevolgd door den Heer E . H . ter Horst, die thans als hoofd der fabrieksschool met drie onderwijzers het onderwijs leidt.
Omstreeks 1880 werd op initiatief van den Heer Strumphler, technisch directeur der
fabriek, een teekenschool aan het gewone herhalingsonderwijs toegevoegd; deze stond
onder leiding van den Heer E . Egler.
Ook dit teekenonderwijs, waaraan later nog een technische cursus werd toegevoegd,
heeft zich zeer ontwikkeld, en thans wordt het teeken- en technisch onderwijs, onder
leiding van den heer G . J. van der Linde, gegeven door 21 onderwijzers, allen technici
der fabriek. In de laatste jaren werden aan het onderwijs nog toegevoegd administratieve cursussen voor jonge kantoorbeambten, en lessen in sljd en timmeren voor
de fabrieksjongens, terwijl reeds sedert vele jaren gymnastiek-lessen worden gegeven
aan de jongens, die zich daarvoor aanmelden.
De lokaliteit van het onderwijs hield met deze voortdurende uitbreiding geen gelijken
tred. De Ned. Katoenspinnerij verleende lange jaren gastvrijheid in hare schoollokalen,
maar op den duur voldeden deze niet aan de hoogere eischen die men langzamerhand
aan het onderwijs van zooveel jongens moest gaan stellen. Voor de natuurkunde-lessen
boden tijdelijk de vroegere kantoorlokalen der firma G . Dikkers & Co een niet te slechte
plaats. In de groote zaal van het Vereenigingsgebouw werden de teekenlessen gegeven
maar er waren groote bezwaren verbonden aan het geven van onderwijs aan meer dan
100 jongens tegelijk, door vier onderwijzers, in n lokaal. Bovendien moesten, bij het
122

toenemend leerlingen-tal langzamerhand


klassen in andere lokalen (Kantoorlokalen
der Machinefabriek en der firma G . Dikkers & Go.) worden ondergebracht.
De bouw van een goede school vormde dus een lang gekoesterd plan. Den
doorslag hiertoe gaf een bezoek van Hare
Majesteit de Koningin in 1914 - weinige
dagen voor het uitbreken van den oorlog
dat speciaal onze inrichtingen van onderwijs, en ons tuindorp gold. Bij dit bezoek kon aan Hare Majesteit reeds een
voorloopig schetsplan van het gebouw'
worden vertoond. Dit plan werd uitgebreid en voltooid door den architect
Karei Muller; de bouw begon in 1917 en
was op den gedenkdag, 4 September
1918, voltooid.
Het zoude ons hier te ver voeren, de
inrichting van het schoolgebouw uitvoerig te beschrijven. Behalve een aantal
lokalen, die voor den tijd van 10 jaren
aan de gemeente zijn in bruikleen gegeven ten behoeve eener H . B. S., bevat
het vier leslokalen, waaronder een goed
ingericht natuurkunde-lokaal, een tiental
ruime teekenlokalen, een groot gymnastieklokaal, etc. etc. Bijzondere zorg is
besteed aan het intrieur van dit gebouw, dat aan vele jongens vanaf hun 13'tot
hun 19* levensjaar, 5 a 8 uren per week
een frissche en ruime en ook aesthetisch
welverzorgde omgeving biedt. Het kan
niet anders, of dit moet op de vorming
van hun karakter in deze jaren van groote
ontvankelijkheid een goeden invloed uitoefenen.
Iedere jongen, die als leerling aan de fabriek wordt toegelaten, moet den leeftijd
van dertien jaar hebben bereikt, en voldoen aan een zoogenaamd fabrieksexamen" dat de volgende opgaven omvat:

Natuurkundeles.

Teekenles.

Gang der fabrieksschool.

123

'1 1. Een eenvoudig dicte.


\ 2. Een opstel, naar een voorgelezen kort verhaal.
j 3. Het beredeneerd oplossen van een viertal eenvoudige rekenkundige vraag\
stukken.
/ 4. Iets omtrent de beginselen der Aardrijkskunde,
l 5.

Geschiedenis.
' 6.

Natuurkennis.
/ 7. Het beantwoorden van eenige vragen, naar aanleiding van een voorge'
lezen, eenvoudig fragment.
Dit eenvoudig examen, waarbij dus een onderzoek wordt ingesteld naar de resultaten van het onderwijs der afgeloopen lagere school, is voor de fabriek van zeer groot
belang. Het waarborgt een behoorlijken verstandelijken aanleg der jonge krachten.
Weliswaar zoude in de eerste jaren, waarin aan de jongens aanvankelijk loopjongenswerk, later eenvoudige fabrieks-werkzaamheden worden opgedragen, een wat geringer
verstandsvermogen niet altijd storend werken. Maar omstreeks den dienstplichtigen
leeftijd wordt gebrek aan aanleg een groot bezwaar. Onbegaafde jongens zouden zich
met eenvoudig werk, en dus met een laag loon moeten blijven vergenoegen. De stichting van gezinnen door deze jonge werklieden zoude bovendien, tengevolge van de
onmogelijkheid, hun een flink loon uit te betalen, aanleiding geven tot ongewenschte
sociale toestanden. Het fabrieksexamen behoedt de fabriek voor eene geregelde aanvulling van haar personeel met zulke onbegaafde jongens afgezien nog van de
storing, die hunne aanwezigheid in den voortgang van het fabrieksonderwijs zoude
teweegbrengen.')
Alvorens als leerling in de fabriek te worden opgenomen, worden de geslaagde candidaten onderworpen aan een geneeskundig onderzoek. Lichamelijk geheel ongeschikten worden afgewezen. Zooveel mogelijk wordt daarbij evenwel rekening gehouden
met het feit dat de afwijkingen vooral op dezen leeftijd dikwijls niet van blijvenden aard
zijn en worden de jongens in twijfelachtige gevallen aangenomen, om na het einde
van den loopjongenstijd, dus voordat hunne eigenlijke vakopleiding begint, herkeurd te
worden. Bij de keuze der werkplaats wordt met het resultaat van dit geneeskundig
onderzoek rekening gehouden, zoo noodig in overleg met den fabrieksgeneesheer.
Het fabrieks-onderwijs, waaraan alle jongens, die beneden den leeftijd van 16 jaar
worden aangenomen, moeten deelnemen, staat onder toezicht van de door de Directie
benoemde Commissie van Toezicht op het fabrieksonderwijs" waarin hoofdbeambten,
beambten en werklieden zitting hebben, en die uit ca. 8 personen bestaat. Deze Commissie vergadert maandelijks, terwijl de leden volgens maandrooster twee aan twee
belast zijn met het schoolbezoek.
Het algemeene gezichtspunt, dat door de Commissie van Toezicht en de onderwijzers
steeds in het oog wordt gehouden, kan in het kort aldus worden samengevat:
Het onderwijs moet de leerlingen ontwikkelen tot goede vaklieden, maar evenzeer
kennis bijbrengen voor hun leven buiten de fabriek. Het moet zooveel mogelijk aan"3
jj
w
.
c
^
o

*) In den laatsten tijd worden bovendien proeven genomen met psychotechnisch onderzoek" der aspirant-leerlingen.

124

knoopen bij de praktijk van het leven


van een werkman in fabriek, huisgezin,
omgeving en staat."
De bemoeiingen van schoolcommissie
en onderwijzers wat betreft het leerprogramma zijn steeds gericht op vervanging
van leerstof door andere, die beter aan
dezen eisch voldoet.
In het volgende worden de verschillende afdeelingen van ons fabrieksonderwijs en daarmede in verband staande
instellingen in het kort behandeld.
De Herhalingsschool (4 klassen a 9
maanden) onderhoudt de in de lagere
school opgedane kennis en vult deze aan.
Er wordt onderwijs gegeven in lezen,
schrijven, rekenen, Nederlandsch, Aardrijkskunde, Vaderl. Geschiedenis, Zingen
(alleen in de eerste klasse) en ook reeds
in de beginselen van Meetkunde, Algebra
en Natuurkunde. Groot gewicht wordt
vooral gehecht aan het lees-onderwijs,
waarbij de leerstof zooveel mogelijk moet
bijdragen tot de algemeene kennis der
jongens. Ook de leerstof voor Nederlandsch en schrijven wordt met het oog
hierop zorgvuldig gekozen, terwijl de
voorbeelden voor het reken- en wiskundeonderwijs zooveel mogelijk uit de praktijk van fabriek en huishouden worden
genomen.
D e Vakschool (3 klassen a 9 maanden) sluit aan op de herhalingsschool.
Er wordt onderwijs gegeven in: Meetkunde, Natuurkunde, Lezen en Algemeene kennis". Dit laatste, zeer gewichtige leervak omvat de behandeling van
allerlei voor de jongens belangrijke onderwerpen, omtrent regeering en staat,
handel, nijverheid en verkeer, hygine

Gymnastieklokaal.

Bewaarschool.
125

enz., o.a. het gezamenlijk lezen van de courant. Voor de oudste jongens der vakschool
vallen enkele lessen in de avond-uren. Gedurende de maanden Juni en Juli (in Augustus
hebben alle jongens vacantie) vervallen deze avondlessen, en vormen de jongens dezer
klassen groepen, die onder leiding der onderwijzers en van chefs openluchtspelen beoefenen (voetbal, korfbal, hardloopen,
etc.) of wandel- en fietstochten ondernemen. Deze uitspanning zelve, en de
prettige omgang tusschen jongens, onderwijzers en chefs, waartoe zij aanleiding
geeft, zijn van niet te onderschatten nut.

Bewaarsch ooi-klasse.

De Teekenschool (5 jaren) beoogt de


oefening der jongens in het opmeten en
teekenen van onderdeden van machines
en ketels, en de ontwikkeling van hun
technisch voorstellingsvermogen. N a de
nefenina in het aebruik van teekenae.

reedschap volgt het in teekening brengen


van eenvoudige machinedeelen, afgewisseld door de beginselen der projectieleer.
Voor iederen jongen bewegen deze teekenoefeningen zich zooveel mogelijk op het
gebied der werkplaats, waarin hij werkzaam is, waarbij de onderwijzer gelegenheid
vindt de bijzonderheden van het eigen vak met de jongens te bespreken. Vooral wordt
er naar gestreefd den jongens goede,
voor de fabricage geschikte schetsen te
leeren maken. Bovendien worden handteekenlessen gegeven aan de jongens, die
hiervoor den meesten aanleg vertoonen.
De technische lessen (1 jaar) worden
slechts gevolgd door de beste oudere
leerlingen van vak- en teekenschool. Zij
geven zich vrijwillig hiervoor op, doch
hunne toelating tot de lessen is afhankelijk van de beslissing der schoolcommissie,
Tuin der bewaarschool,

in

r\\7or\on

mt>r Vior Vionfrl

Af>r f>olrf>n~

school. In deze lessen wordt de theorie


van stoomketel en stoommachine op eenvoudige wijze gegeven en worden gemakkelijke vraagstukken uit de op machine en ketel toegepaste sterkteleer behandeld.
Deze jongens volgen bovendien een technische teekenles, waarvan de leerstof ontleend is aan het in de theoretische uren behandelde.
De lessen in kennis van materialen en bewerkingen (2\' jaren) worden gevolgd
door alle jongens van de beide hoogste klassen der vakschool. Bij de vorming der
2

126

Het jaarlijksche jongensfeest.

klassen is voor deze lessen evenwel rekening gehouden met de werkplaats, waarin de
jongens werken, waardoor het mogelijk wordt de werktuigen en werkmethoden hunner
eigen werkplaats klassikaal met hen te behandelen. Vooraf wordt den jongens van
bereiding en eigenschappen van het ijzer en der voornaamste overige in hun vak voorkomende materialen een overzicht gegeven.
De administratieve cursus geeft aan het jonge kantoorpersoneel gelegenheid zich
verder te bekwamen. Hij omvat lessen in boekhouden, handelsrekenen, Nederlandsch,
Fransch, Duitsch en Engelsch; handelscorrespondentie in deze vier talen; stenografie
en machineschrijven.
De gymnastieklessen, waaraan door het ruime, modern ingerichte gymnastieklokaal
eene bijzondere attractie wordt verleend, geven aan de jongens, die zich vrijwillig aanmelden, gelegenheid tot lichaamsoefening. De leerlingen dezer lessen zijn adspirantleden der aan de fabriek verbonden gymnastiek-vereeniging Hercules", en kunnen, na
dezen voorbereidenden cursus doorloopen te hebben, als gewone leden tot deze vereeniging toetreden.
127

Dc sljd- en timmer-lessen worden gevolgd door een 150-tal jongens, die zich
vrijwillig hiervoor hebben aangemeld. De onderwijzers der dagschool, die hiertoe
bevoegdheid hebben, leeren hun, bijgestaan door eenige vaklieden uit de timmerwerkplaats der fabriek, hoofdzakelijk de vervaardiging van nuttige gebruiksvoorwerpen en
aardig houtsnijwerk.
De arbeids- en teekenwedstrijd. Ieder jaar wordt een arbeidswedstrijd gehouden,
waarbij de jongens ieder een of meer onderdeden van in de fabriek in bewerking
zijnde machines of ketels (of ook uitsluitend voor den wedstrijd gekozen werkstukken)
als proefstukken te vervaardigen krijgen. Een commissie van werklieden, voor elke
werkplaats door de vertegenwoordigers der werklieden uit een door de Directie opgemaakte voordracht gekozen, houdt het toezicht op dezen wedstrijd en beoordeelt het
werk te zamen met eenige chefs. N a afloop van den arbeidswedstrijd worden de proefstukken in de groote zaal Van het Vereenigingsgebouw ten toon gesteld en deze tentoonstelling, waar van eiken jongen ook de beste, in den afgeloopen cursus der
teekenschool geleverde, teekening wordt uitgestald, geniet steeds een zeer druk bezoek van ouders en belangstellenden. Iedere jongen, wiens werkstuk of teekenwerk
in den afgeloopen cursus, in verband met vlijt en gedrag, werd beloond met een
cijfer, dat een vastgesteld minimum overschrijdt, ontvangt daarvoor een prijs, (zooveel mogelijk gereedschap; ook boeken, messen, schaatsen, etc.) die hem op de prijsuitdeeling door een der Directeuren persoonlijk wordt overhandigd.
Deze arbeidswedstrijd, waarvan de resultaten, met het oordeel van onderwijzers
en chefs omtrent de met de jongens opgedane ervaringen, ieder jaar zorgvuldig
worden geboekt, is van groote waarde voor de fabriek, omdat een goede orinteering omtrent den aanleg en eigenschappen der jonge werkkrachten daardoor zeer
wordt bevorderd.
Het getuigschrift. Bij gelegenheid der prijsuitdeeling wordt aan de jongens, die
den dienstplichtigen leeftijd hebben bereikt en het onderwijs en de opleiding in de
fabriek met voldoende en goed gevolg hebben genoten, een getuigschrift uitgereikt
met het praedicaat: voldoende", goed" of wel uitstekend". Bovendien ontvangen
de jongens bij een uitstekend getuigschrift een zilveren- en bij een goed getuigschrift
een nikkelen horloge met inschrift.
De school-bibliotheek* Aan de school is eene bibliotheek van jongenslectuur verbonden, die door de onderwijzers wordt beheerd. Er wordt groote waarde aan gehecht,
dat de boeken door de onderwijzers zelve worden uitgegeven, waarbij rekening gehouden kan worden met den persoonlijken aard van iederen jongen, en waarbij
schadelijke invloeden door te veel of ongeschikte lectuur zooveel mogelijk kunnen
worden tegengegaan. Behalve ontspannings-litteratuur bevat de bibliotheek ook technische boeken, waarvan door de jongens in overleg met de onderwijzers kan worden
gebruik gemaakt.
128

Het jongensfeest. Ieder jaar wordt in de maand September, voor alle jongens der
school, behalve zij, die wegens slecht gedrag worden uitgezonderd, een openlucht-feest
gehouden op een buitengoed in de buurt van Oldenzaal. Aan dit feest, waarop de
jongens zich met allerlei wedstrijden en volksspelen vermaken, wordt ook door een
groot aantal ouderen, leden van allerlei commissies, deelgenomen. De regeling en
leiding berust bij eene feestcommissie, bestaande uit beambten en werklieden.
De jongenstuinen. Een gedeelte van het terrein der fabriek is tot het verbouwen
van groenten en vruchten geschikt gemaakt. Hier hebben een 40-tal jongens eener
openbare school eigen tuintjes waarin ze onder leiding van het Hoofd dier school en
een tuinman werkzaam zijn.
De bewaarschool. In het tuindorp bevindt zich eene Bewaarschool, die onder het
bestuur der Vereeniging tot Beh. d. Bel. v.h. Personeel" staat, en die sedert jaren
door meer dan honderd kinderen wordt bezocht. Niet alleen kinderen van leden van
het personeel, doch ook andere kinderen, hoofdzakelijk van bewoners van het Tuindorp, worden er opgenomen. Naast eenige goede leslokalen bezit de school een speeltuin met overdekte galerij, en gesloten zand-veranda, die ook des winters aan de
kleintjes eene goede speelplaats biedt. De school, die door eene hoofd-onderwijzeres
met eenige helpsters wordt geleid, staat onder dagelijksch beheer van eene Commissie,
bestaande uit echtgenooten van beambten en werklieden.
De naai- en ver stelles. In een afzonderlijk, in het gebouw der bewaarschool daarvoor ingericht, lokaal worden in middag- en avonduren naai- en verstellessen gegeven,
waaraan door een 50-tal meisjes wordt deelgenomen.
Een tabellarisch overzicht van het fabrieks-onderwijs bevindt zich achter in dit boek.

129

H O O F D S T U K VUL

TUINDORP HET LANSINK".

De sterke ontwikkeling der industrie, welke een zeer snelle vermeerdering der bevolking van Hengelo ten gevolge had, deed reeds vele jaren vr het uitbreken van den
oorlog een gebrek aan goede arbeiders- en beambten-woningen ontstaan. Om in dit
gebrek zoo goed mogelijk te voorzien besloten de leden der firma Gebr. Stork 6 Co.
door den aanleg van een tuindorp voor arbeiders en beambten eene prettige, frissche
omgeving te scheppen. Reeds in 1867was door hen de HengeloscheBouwvereeniging"
gesticht, die in den loop des tijds een aantal huizen bouwde en verhuurde, op verschillende plaatsen in de gemeente.
Het zoude ons hier te ver voeren over den financieelen opzet, het Bestuur en de inrichting dezer Vereeniging uit te weiden. In een afzonderlijk werkje getiteld: Tuindorp Het Lansink" vindt men al deze bijzonderheden uitvoerig beschreven.
Wij vermelden slechts, dat twee bevriende fabrieken (de N . V . G . Dikkers & Co. en
de Nederlandsche Katoenspinnerij, beide te Hengelo) hare financieele medewerking
verleenden, en dat de Bouwvereeniging, die in 1911 met den bouw van het tuindorp
begon, tot 1917 haar woningbouw zonder hulp der overheid kon voortzetten. Vanaf
dat jaar werd door Rijk en Gemeente steun verleend voor een gedeelte der woningen,
om den zoo dringend noodigen voortgang in den bouw onder de zeer bezwarende omstandigheden van den oorlog mogelijk te maken.
Thans zijn ruim 460 woningen gereed, terwijl het geheele terrein van het tuindorp
db 35 H . A . groot is.
Het doel der onderneming: goede en gezonde woningen, te midden van een prettige
omgeving", staat overal op den voorgrond.
De straten zijn 1043 M . breed, en bovendien is het groote meerendeel der huizen
door 5.7 M . breede voortuintjes van de straten gescheiden. Bovendien bevindt zich
achter bijna ieder huis nog een tuin van gemiddeld 1520 M . lang.
130

C. T . Storkstraat.

Teneinde een waarborg te hebben voor een aardig geheel worden de vrtuintjes
den eersten keer aangelegd door en voor rekening van de Bouwvereniging, terwijl
door een jaarlijkschen wedstrijd met bekroningen voor de mooiste tuintjes de bewoners worden aangespoord, aan de verfraaiing en het onderhoud der tuintjes zorg
te besteden.
De wegen zijn alle gemacadamiseerd en voorzien van eene rioleering, waarop alle
huizen zijn aangesloten.
In het centrum van het thans gereed zijnde dorp vormt een dorpsplein het kruispunt
van twee hoofdstraten. Aan de eene zijde bevindt zich een overdekte winkelgalerij met
arcaden, aan den anderen kant een bijzonder geslaagd complex van twee winkelhuizen,
waartusschen eene poort met doorkijkje in het groen der achtertuintjes.
Een tiental oude eiken, zorgvuldig uit het vroegere landschap gespaard, en daarbij
nog de doorkijkjes in de straten, vol afwisseling en frissche kleuren, maken het C. T.
Storkplein" zeker tot een der aantrekkelijkste punten van het dorp.
Op een der hoeken van het plein is een aardig hotel gebouwd dat, smaakvol
ingericht, en voorzien van een ruime eetzaal, een caf met biljart, enz., logeergelegenheid biedt voor een twintigtal gasten. In het bijzonder voor die bewoners van het tuindorp, wier huizen geen logeerkamer bevatten, was de bouw van dit hotel een waardevolle aanwinst.
131

C. T. Storkplein.

Bij den bouw der huizen is zooveel mogelijk gestreefd naar afwisseling in vorm en
groepeering. D i t komt niet alleen aan de fraaiheid van het dorpsbeeld ten goede, maar
heeft bovendien ten gevolge* dat woningen van alle huurprijzen door elkander komen
te staan. D e huurprijzen wisselen af tusschen f3. en f 20. per week, en zoo wonen
dus menschen van verschillende financiele draagkracht naast en door elkander, hetgeen ook uit een maatschappelijk oogpunt door de bouwvereeniging is bedoeld.
A a n de bezwaren, die verbonden zouden kunnen zijn aan het samenwonen in dezelfde
omgeving van menschen uit verschillende maatschappelijke kringen, wordt blijkens de
ervaring voldoende tegemoet gekomen doordat gemiddeld niet meer dan 30 woningen
per H . A . zijn geplaatst en door eene doelmatige beplanting, die, waar het noodig is,
voor behoorlijke afscheiding zorgt. H e t tot heden verkregen resultaat in het Tuindorp
is bijzonder goed, en rechtvaardigt w e l de verwachting, dat deze schikking ook op den
duur geheel zal voldoen.
Bij het huren der woningen geniet het personeel der bij de bouwvereeniging aangesloten fabrieken de voorkeur (behoudens de uitzonderingen, die door Rijk en Gemeente
v o o r de met overheidssteun gebouwde woningen zijn voorgeschreven); de bewoning
van het Tuindorp staat evenwel v o o r iedereen open.
E e n overzicht over den loop der bevolking van het Tuindorp in de afgeloopen jaren
geeft het volgende lijstje:
132

Aantal
,.

,.

19121191311914 [ 1915 [ 19161191711918 [ 1919 [ 1920 1921 [ 1922

gezinnen
mannen
vrouwen
kinderen
inw.pers

op 1 Jan.
..

.,

Totaal . . . .
Aantal geboorten
"

afgevallen

66 I 118 I 220
64 117 212
66 118 220
148 250 462
19 40 | 70 |
;

3
1 0

I SIS
g
4 |

964
2 2

2611
251
259
547
691

3071
293
298
618
117

3321
314
322
701
1801

3621
346
352
705
183

363
351
356
786
225

3981
389
388
845
264

473
469
472
816
222

1126 1231 1326 1517 1586 1718 18861 1979


35
^
^
^ \
4 6

2 |

288
275
283
601
721

3 g

8 |

4 Q

6 [

14

12

13

Omtrent het inwendige der woningen werd bij den aanvang van den bouw overleg
gepleegd met vertegenwoordigers van beambten en werklieden. Op deze wijze verkreeg men gegevens omtrent de eischen, die in Twente aan eene goede woning worden
gesteld, en dienovereenkomstig zijn de plannen uitgevoerd.
Alle woningen bezitten eene woonkamer van minstens 16 M . oppervlak, en een
keukentje, dat met opzet zoo klein is gehouden, dat er niet in kan worden gehuisd,
zoodat de familie gedwongen is in de woonkamer te leven. Behalve de woonkamer
bevindt zich bijna overal beneden nog eene kleine, zoogen. mooie kamer". Naast
de keuken ligt eene kleine bijkeuken of bergplaats, en alle huizen bezitten eenen kelder
(die bij de goedkoopste huizen met goed gevolg is aangebracht in den vorm van een
2

133

kelder-kast in de bijkeuken, welke slechts 1 M . diep in den grond is ingegraven).


Op de bovenverdieping bevinden zich de slaapkamers (aanvankelijk twee, later bijna
overal drie in getal) en bovendien is daar steeds eenige bergruimte voorhanden.
De huizen, waarvan de huur vr den oorlog meer dan f 4.50 per week bedroeg
(thans meer dan 6.), hebben een eigen badkamer; bij alle goedkoopere huizen is een
bad in de keuken aangebracht onder het aanrecht, dat omhoog geklapt kan worden.
Bij deze laatste huizen is het bad in de huishuur inbegrepen.

Tuindorp en Gieterij.
134

Tuindorp en drijfwerkfabriek.

Alle huizen hebben closets met waterspoeling.


De tuinen komen alle uit op een tuinpad, zoodat er gelegenheid is voor eenen achteringang, die vooral in de goedkoopste huizen meer wordt gebruikt dan de voordeur.
In den aanvang is als algemeene regel aangenomen, niet meer dan twee woningen in
een blok te vereenigen. Het is evenwel gebleken, dat de voordeden, die hieraan zijn
verbonden, niet opwegen tegen de kosten, die deze regel veroorzaakte. Daar de woningen alle aan de achterzijde, vanuit de tuinpaden, goed toegankelijk zijn en de breede
straten en tuinen vr en achter een prettig, ruim uitzicht bieden, bleek het bezwaar
tegen het bouwen van meerdere huizen in n blok niet groot en is men er toe overgegaan tot vier, als uitzondering zes, woningen onder n dak te vereenigen.
Over de uitvoering der woningen vermelden wij nog het volgende:
Bijna alle huizen zijn van twee halfsteens-spouwmuren gebouwd, die bij goed geventileerde spouw zeer tot de droogte der huizen bijdragen. De keuken, bijkeuken en w c
hebben overal steenen vloeren. De gangen zijn overal met tegelvloeren uitgevoerd; in
de duurdere woningen de keuken en w. c. eveneens.
De hoogte der verdiepingen wisselt af van 2.70 M . tot 3.10 M .
Alle huizen hebben dakbeschot. De verlichting is als regel electrisch, terwijl gas
wordt aangebracht voor keuken en bad, op wensch ook voor verlichting.
Ten einde een denkbeeld te geven van het tuindorp en zijne verschillende woningtypen volgen hierachter eenige dorpskiekjes en foto's en plannen van woningen van
verschillende huurprijzen, en een situatieplan.
135

ARBEIDERSWONING.

SITUATIE-PLAN V A N H E T TUINDORP H E T LANSINK

DE O N T W I K K E L I N G DER VEREE NIGING" V A N A F D E OPRICHTING.


Ziekenfonds

Suppletiefonds

ROFK
DUcIVJAAR.

Jaar''onf
vanoste

Jaar'f

[aar,f

S C h e

! Jaarl"
T

h i k

Jaar'""f

i k S C h e

bU

"

'al

o k t

Jaar"
"

eS

.
f i
Kapitaalvorming
_fonds| v. den ouden dag.
Jaar"
^

i k S C h

Saldo

i k S C h e

Saldo

h O O M

h 0

Leden- 'I Jaar- I Jaar- I Saldo


JaarJaarSaldo
'
^ ' i ^ e opuit, hjksche lijksche op uit.
*tao
f
<*
Dec.
ontuitDec.
1

t a

1T

Oud Weduwen- I Strumphleren Weezenfonds


fonds.

Weduwen- en
W ^ e ^ s

r s

D e C

'

vangsten

Saldo
o ultimo
December

O^erW,
W

Jaar
lijksche
in-

gaven

Buitennewnm,

^validiteit,,

S^T""

I Jaar
I Saldo
lijksche ( op uit.
uitDec.

komsten

On

7
t * e
F

i
i
i
B k l
. W l ' ^
M^k che op uit. Ujksche l^ksche

kolen gil l ^

gaven

i
"'
Ii he

^
opuit.

I a

opultC

Z, ~.

ko

' AFDEELtNG
Vrijwillige spaarkas

jksc

ks he

Uj

" ~
I
lijksche

G e m l d d d d

bedrag v,d

tjlg ^

i ^

1881

a ld

9ld-

i n

in gld. j | in gld. [ in gld.

1912!

2078

1882

2001

2041

1883

2290

2407

1884

3068

2294

773

1885

3172

2883 1

289

2874

2918

-39

370

530

-159

717

5821

6065

-222 I

742

9082

10153

387

gedekt ||

1888

4513 I 3689

823

47311

4842

-110

4485'

6055

-570

5353,

5185

6440 | 7884

1894

6553

1895
1

898
1899

1
9

9
3

)904
1905

^ j

-1444

j
,

10776
12462

672

219

453

! 799

152

1100

328

1285

780

504 li

51

299

853

330 , 1 2 4 1

1083

662 [

42

261

634

31317

36627

355

1263

1014

910

30

184

481

,36874141335

367

1325

1047

1189 j

21

253

249

39

308

-19*

1000

51

345

-345

993

54840

60698

400

1669

1395

1789 - 3 4 5

282

"628*

977

61481

68369

410

1784

1405

2168 |

441

-186

943

2059

67520

74072.

414

1844

1390

2621 - 1 8 6

457

-644

885

2102

74180

80206

1361

4346

1913

20497

18328

4537

2169

229184 234984

200758 201764

-n 8*

4 3 9 7 8 251328

41

25756

-484oj

5958

2 ^ 9

1917
1918

34029
34776

29889
4,40
48378 - 1 3 6 0 1

6288
,

303027 329786
309796 347141

1919
1920

54397

47530

6867

77750
93649

55251
65196

22498
28452

90 3

nPU

Boeki
a a r

^ 5792

1882

11887

1883

19553

!, 1891

195918

130299

1892
1893

RQt

opuit.
[BoekDec.
jaar.
in guldens.

146623

I 1901

493781

1902

574907

i 1903

644423

1422080

1912

1589513

,! 1913

1724567

1914

1859821

1915

1996418

1916

2130649

1884

29242

1894

163572

1904

713952

1885

39310

|j 1895

195620

1905

773787

1886

49751

|j 1896

235779

1906

940578

1887

62707

jj 1897

280822

1907

1007557

1917

2367231

1888

76048

j'

1898

328184

1908

1102064

1918

2550983

1909

1205741

1919

2666116

1910

1305267

! 1920
| 1921 |

2922438
3327249

1889

87145

1899

380341

1890

100679

| 1900

433724

ttlll

3581
4

| |

61 |

1932 15225

72

7829

' '

4 2 4 6

18768

2368|

Hijschw.

'

110 j!

_
_

227

7 9

35467

22021

54757

255

24974

65249

291

0667

130422

1796

20

2276

23

9204

526
407
502

501
10427
7630
5726
8179
542 10292 , 3 9 7 7 10218 11938
5 2 0 10273 14614 6057 20495

29

5358^5422

6339

44
35

41
64
98

_
_
-

leum fabriek

jaar, teruggebracht
t 0 t

"

2 1

\ '

'i

a r i

e n

leeft

i)d-

_
- I

, 000
0 0

993

U0083

997

241

14

SS

30
1

2483

38

* Deze bedragen inclusief


Premie spaarkas.

'
1,1
3169 ,

6
5

104504

"

60326 i

7 3 4 2 5

"

1
1

8
8

8
9

1
2

I
I

6
8

6
2

4
9

of
1916

3
323 !
1

8
3

15511

.'

1 2 7 5 9

62838

10
"

"
fiQ

"

204
296
244 4 6 ^ 2
3
*352400 L 4 M 7 78
4nn
352400|238841 575784 [ 400
f In dit jaar hebben diverse
spaarders hun inleg gedeeltelijk teruggenomen ter belegging in certificaten der
I
machinefabriek

904
9

I I

50^00

28

235
1

_
~

ii4^ns

257

?"
^
l
T

Zt
f
Z

'

95829 2330

,6098

I
Z

'

326

H 0 3 8 6 ,13511 312979
160764 137853 33S8QI

* \

_
Z f

985
8

san

67308 199992

WH !oS

, 9 0 9 Volgens de W e t op het arbeidscontract werd het aandeel


ouders alsmede het eigen
aandeel der spaarders boven 21
jaar, overgebracht op de Vrijw.
Spaarkas en de verplichting

tot sparen tot dusverre loopene

347

123193 105858 250367

6275

55017 141766

IS^SSiJ

I
~
_

4002

S
4352

4539

4 i

9577
5059,1
2167

10551

885

\Zl

'

I065

3 0 6 5

533

10402

"

69201 f 8 5 5 5 5 , 2 5 4 1 2

~
~

?S

80

'

\*

81

fifi1

]H\

219

43940

101

24163

49814

22166' 35604

^462

32499

67283

24201

'

561

firma

202

79

^1

417

'

7491! 14876

103

52^62

412

======

5 2 7 6 2

4472

8463

tot het

, .
.... ' , ,
.
,
1919 Uitgestelde afloopend
contnb
over enkel
jaren door de
betaald, 50-jarig jubi-

'

36279j' 17585! 33569

50078

8743

9 2 2

'

"

035

5 0

10773

7642

firma.

i>

113

10086

' T" \

ld

70

1 3 7

'0366
7 8 0 5 9 0

JAAR.

^7

* g . ^
i

geboekt.

89999 13691

112

1 3 1

1 9 2 4 1

4062

S
1

345

0 5 0 7

421

^
9

Tl
i n g l d

=-

~ ^

~
~

ROFIf

, betaZg
strekte ! van

Dec.

9 2 2 32868 76303,
340 li
45319 35153 86469
355
4451
2280 20940
115
67
40750 30826 96393
366
5391 3551 22780
120
78 I 48580 39696 105277
363 ,
3 4 2 9
2 5 6 4 3
9
1
76
49383 46355 108305
363
"
3550 29639
103
83
57736 55620 110421
371
"
9!
54430 49533 115319
369
67
53291 51451 1 , 7 1 5 8
385
0062
100
67
59018 56279 119898
358
10370 12292 11429 40924
98
73
67076 65842 121132
371
10405 11979 7585 45319
108
84
63882 55514 129500
330

~
1

4 2 8 1

~ " < ~

^
1

Tat"
^d.
,

T TT

78

"

op uit. Dec.

Tl

'vT-

78

. |

44

122

118

J
o

19181

,'^0
| ,0609

7092

17563

6206

3439

S ? S

2948

5898

28

5056

11

39

5287

28

4449

2183

457

g l d

Kani
Z

t a

de vrijwillige spaarkas over-

1 1

SfifiJS
UT. lil

i n

^dSndT

^ , X , * .


van den

In 1890 werd 1 4 6 6 0 . - n a a r

3 6

1 8

T
1

g l d

U6

414
938

32 8
295
o

4901

"~

An7797

343297 113402 1599056


13157 12324
>
' ' 5 3 8 6 19904
| 343495 | 80366 20437191| , ,
,
,
3
9

\\ Zl

l n

64773 125149

S?
7

S
,o
1 Anna

42855

I B A

359S

1911

"

Wllll

Saldo
opuit".
Dec.
in guldens.

" ^

2723

290
272!

afd.
S

^'J

11

1881

2QTQ2

.
^
= = = = = = = = = =

2 9

l?

1266

KAPITAAL DER VEREENIGING.


D

P
I
n

i}
Ij
opuit".
Boekopuit, i Boekiaar.
Dec.
jaar.
in guldens.
in guldens.
a

23

Zr, ~

1234
17QS

1063

.^44

149 2 7 36
SJ 28 S
21621 ' 336450
g

7,729

7 7 ,
6

g2

1 f K

~ ~ '~ ^
-

Om

3 0
3 6 ? 49
06
42 6
5
1406189,427060,1511
r ; M , r , x ^
0

IfiPlTlir

947

af de oprichting der

Y^ft,
r

b e t a l i n

AFDEELING | 9e AFDEELING

chinefabr. G. S. & Co.


Aantal
I Garantie
C e r l a en
k
"

Geruiddeld

" ( 5 5 3 ^

Gelegenheid tot sparen van-

; od-Weduwen- er,

340 3

"\

3283
56942
3994
9 14
9
106 9
760
336 3
926
6 3 9

20916

280246 2925?4

1916

oj

5 ^
5 902
4
72114
?0

in g l d - j i ^ g ^ d j ^ ^

8 l d

1895 ontstaan uit

YuZ"

'

1150

259300 265929

de samenvoeging van

~~

""1
3
Fonds opgenomen
Fonds op2466
in de 4e afdeeling.
genomen
26266
*Het tekort gedekt
i de 4e
333 0
door de
firma.
afdeeling.
34926

. ju g,d.

1AQ71

j"

906

214301 218665

-IS

1921

-3454
4

Fonds opgenomen
in de 4e afdeeling.

4164

255

1952

1308

19795

1516 1

H74 3

1272

880

1224

185371 185561

'

~
Z

389 1 1431

4062

369,1392

-145

54531

i 1H

^ ^ ^ L ^ n ^

47138

13057

16340

49155

1908

. _

42939

in ld

1687
1

in gld

1605

818

172875 172558

3771

-893 |

1911

11976 12870

338!

1907

15105 13743

21277(245261

in gld.

26239131125

25

in gld.
_

327

1906

1910

in gld.

14593

1964
-2194!
932

Z UloS

in gld.

19227

10321 12286
10833 13027
1 1 8 . 6 10884

13203

in gld.

~ T ~

109i

81841 89623, 4 4 0
89506 9 8 7 4 2 . 4 6 1
98372 110518
501
, 0 6 0 0 4 119366
556
H 3 8 1 7 128345
603
2929
124077 139197
653
2920
132972 148468
689
3588
144891 159392
718
3573
153974 164172
747
3671 160939 165224
740
739
168551! 169628
799

18 Ij
-35o|

in gld.
in gld.
in gld.
=
=
=
=

o3o'

1 3

1 7

317

2143
2224
2427

867
135

278

961

1 5 5

-2881

0 5

-2075

6006 ,
7593

10957
12112

8740 I - 2 3 1 0

6874
17728

901
1902
1

168,j

6841

6429

1897

8054

| 609
d

1889

1 5979|

667

1762

1892.

in gld.

84

3348 1 3 6 1 3 | - 2 6 5 )

1893

in gld.

4325,2562

in guldens

375

1887

1890

in gld.

291

1886

1891

r e n t < !

"165
-116

Jaar- I Saldo
Ujksche opult.

rieken
=====

^ ^ J ^ ^

^aijerfonds

derste^on'

7 5 8
2

|
2146
4474
0

1 9 1 7

^18
1

1920
9

1921

O V E R Z I C H T V A N H E T FABRIEKSONDERWIJS.
DUUR
van den
CURSUS,

AFDEELINGEN.

ITIJD, waarop I
j de lessen worden gegeven.

UREN
per
WEEK.

3 ]AAR
I.

Herhalingsschool.

'

Gedurende

(4 klassen a
den
, ; Verplichtend |
, , iufcDii-Tnn /e, jeenteKi..
9 maanden) j W E K K l l j U
,
g

2 /.! J A A R
(3 klassen a

9 maanden)

Gedurende
den

Vakschool.

J a a r

i
5 UUR.

Verplichtend

~
,aar.

WURKlljD
j

Teekenschool.

5 JAAR

AVONDLESSEN

|
IV.

Technische les.

V.

Lessen in kennis
V

1 JAAR

van materialen
en bewerkingen.

VI.

AVONDLESSEN

VII. Lessen in Timmeren


en Sljd.

I t a e f

VIII. Gymnastieklessen.

n b e

i MIDDAG,

a a l d

AVONDESSEN.

3 a 4 JAAR

Verplichtend, |
voor de
leer ingen der
vakschool.

t a

'^ l
n

' ^

. ,

a c u l t a t l e h

jaar
1419

XlVaUUR-

Facultatief.

"

( 2

">

360 leerl. totaal.

Eenvoudige kennis van Stoomketel en Stoommachine, met


j eenvoudige berekeningen. Het werk dezer leerlingen in de teekenschool houdt verband met deze lessen.

30 leerlingen.

Eenvoudige technologie van het ijzer; andere materialen.


Bespreking van hetgeen in de werkplaats geschiedt, ter verkrijomtrent het waartoe" en waarom
der bewerkingen in het eigen vak. Elke klasse is samengesteld
i
eenzelfde werkplaats.
V m

m e e r d e r

e e r l i n g e n

90 leerlingen,

i n z i c h t

72 leerlingen.
j

H-19

( 3

"

6 4

/ e

Boekhouden en Handelsrekenen.
Moderne talen en Handelscorrespondentie.
Stenografie en Machineschrijven.

"

Meetkunde
alleen eenvoudige vlakke meetkunde.
ie klasse :
leerlingen.
Natuurkunde. . . . in de hoogste klasse: Electriciteit.

Lezen
in de hoogste klasse: de Zwolsche Courant.
Algemeene kennis. (Staatsinrichting, hygine, etc.)
Totaal 105 leerlingen.
Alle vakken gedurende n uur per week.
I
Oefeningen naar voorbeeld: Opmeten en teekenen van ma- l e k l . 96 leerl. (5 parallel kl.)
chinedeelen. (Groote waarde wordt gehecht aan goede schetsen!) 2e 84 (5

)
Eenvoudige projectieleer: In de hoogste klassen zooveel moge- ,3e 82 (4

)
lijk opgaven die verband houden met het eigen vak (ketel- 4e
64 ,, (3

)
makers, modelmakers, vormers, enz.)
->e ,, ou ,, \L
,,
,, ;
Handteekenen: Teekenen van draadfiguren, bloklichamen
386 leerl totaal
en machinedeelen.

: v^ '
'
1 UUR ;
diq
voor elk vak.
kantoorpersoneel, j
a

I Z A T E R D . - \ ~7Z~Z
i

17-19
jaar.

Richt zich
naar de
AVONDeischen
| LESSEN
van het vak |

Administratieve
Cursus.

jaar.

Theorie
J ^"
*
2Va U U R . \
*
Tech. teekenl.
oudere
2 UUR.
leerlingen.

_
AVOND-

2" IAAR
/ J A A K

^ r ,

* UUR
Verplichtend
2een 3e k l . : j
5 UUR.

] 0 6
6 5

Rekenen . . . . . 1 en 2
}lA, " ' 1 " " " ^
Nederlandsch
1 Meetkunde. . . 1
,
Zingen (alleen le kl.) Va Natuurkunde. . 1
j
Algebra
tot en met vierkants vergelijkingen.

U ( J [ R

'
III.

:
le kl. 125 leerl. (4 parallel kl.)
Lezen
1 uur p. w. Aardrijkskunde 1 uur p. w.
_ ^
_
^
Schrijven (alleen lekl.) Va
Vad. Geschied. 1
L "
"
"
2 g

n_1fi

AANTAL LEERLINGEN
C U R S U S 1921 1922.

LEERSTOF.

= = = = =

Ie klasse:
\
TJ
!

II.

Verplichtend j L E E F T I J D
of
der
Facultatief, j leerlingen.

j g a r

I De vervaardiging van practische houten gebruiksvoorwerpen, j

: Bovendien: houtsnijles aan wie zich daarvoor opgeven.


Vrije- en Ordeoefeningen.
Turnoefeningen aan werktuigen.

84 leerlingen.

ALGEMEENE GEZICHTSPUNTEN.

^ W T . T
,
u uu
n w
A
11.
Bij het geheele onderwijs wordt zooveel mogelijk V E R B A N D gezocht met de W E R K P L A A T S , en met hetgeen de jongens in hun L A T E R P
. L E V E N noodig hebben Bi, het onderwns
in R E ' K E N E V A L G E B R A ' , M E E T K U N D E en N A T U U R K U N D E worden zooveel mogelijk Voorbeelden en
S C H R I J V E N en N E D E R L A N D S C H E T A A L worden zooveel mogelijk voorbeelden gekozen uit het D A G L L 1 J K S U H L C V t i l N . (Dneven, .aressen, r i i w i e i i > ,
y
T

^ ^ ^ . ^ ^

Inrichting

^ ^ J ^

i ^ ^ ^ X ^ ^ ^ ^

bestaande uit Hoofdbeambten, beambten en werklieden der Fabriek, welke maandelijks vergadert, heeft de hoofdleiding van het onderwijs.

SITUATIE-PLAN DER MACHINEFABRIEK.

INHOUD.

INLEIDING
HOOFDSTUK
HOOFDSTUK

.'
L
II.

H O O F D S T U K III.
H O O F D S T U K IV.

HOOFDSTUK

V.

HOOFDSTUK VI.

bladz.

C. T. STORK, T E R H E R D E N K I N G O P ZIJN H O N DERDJARIGEN GEBOORTEDAG .

GESCHIEDKUNDIG OVERZICHT
VERTEGENWOORDIGINGEN IN NEDERLANDSCHINDI E N H E T B U I T E N L A N D
D E P R O D U C T E N D E R FABRIEK
1. Stoommachines voor landgebruik
2. Stoommachines voor scheepsgebruik
3. Stoomturbines voor land- en scheepsgebruik en waterturbines
4. Stoomketels
5. Centrifugaal- en schroefpompen
6. Machinerien voor de suikerindustrie .
7. Compressoren en vacuumpompen . . . . . . . .
8. Drijfwerken
9. Ijzergieterij en laboratorium
10. Hijsch- en transportwerktuigen

13

23

27
28
31

LOONSTELSEL E N WINSTDEELING
INSTELLINGEN IN H E T B E L A N G V / H . PERSONEEL.
1.
2.
3.
4.
5.

De vertegenwoordiging van het personeel


De deelneming in het kapitaal
Het ziekenfonds
Kapitaalvorming voor den ouden dag
Het ouderdoms-, invaliditeits-, weduwen- en weezenpensioenfonds
6. Het buitengewoon ondersteuningsfonds

34
40
47
55
90
92
94
96
100

104

108
108
109
110

111
113

7.
8.
9.
10.
11.
12.
13.
14.
HOOFDSTUK

Het studiefonds
De spaarkassen
Het vereenigingsgebouw
De badinrichting
Geneeskundige dienst, hygine en veiligheid
Ontwikkeling en ontspanning
Vacantie en vacantie-tehuizen
Officieel Orgaan

bladz.

,,

VII. H E T ONDERWIJS

H O O F D S T U K VIII.

121

T U I N D O R P HET L A N S I N K "

130

S I T U A T I E P L A N V A N H E T T U I N D O R P HET L A N S I N K "
S T A A T B E T R E F F E N D E D E O N T W I K K E L I N G D E R VEREENIGING" . .

113
114
115
116
117
118
119
120

141

142

O V E R Z I C H T V A N H E T FABRIEKSONDERWIJS

144

SITUATIEPLAN DER MACHINEFABRIEK

145

K . I. v. I. B i b l .
Aang! /Geschenk
Datum:

\ T -I