You are on page 1of 12

Onderzoek van de mammae

Borstkanker is de meest voorkomende maligne

tumor bij vrouwen in Nederland. Daarnaast ko-

men er goedaardige tumoren in de borst voor.

De meeste tumoren worden door de vrouw

zelf ontdekt.

Cruciaal is steeds de vraag of een gevonden

tumor in de borst benigne of maligne van aard

is. De anamnese en een technisch goed en

systematisch lichamelijk onderzoek van de borst

en gerelateerde lymfklieren vormen de eerste

stap naar de diagnose.

Mammaonderzoek is geïndiceerd:

1. Bij

Bij ��het

het vermoeden

vermoeden op

op���� een

een pathologisch

pathologisch

proces in of gerelateerd aan de borst.

Bij borstklachten.

- Bij

borstklachten.

- ��lsls onderdeel

onderdeel van

van een

een routine

routine ��gynaecolo

gynaecolo--

gisch�� onderzoek bijvoorbeeld in de zwan-

gerschap of ter instructie voor zelfonder-

zoek.

2. ��lke

lke vrouw

vrouw moet

moet worden

worden gewezen

gewezen op

op het

het

belang van regelmatig zelfonderzoek van de

mammae. Dit kan vóór de menopauze het

beste geschieden op het zelfde tijdstip in de

cyclus, liefst preovulatoir.

3. ��et

et mammaonderzoek

mammaonderzoek bestaat

bestaat uit

uit inspectie,

inspectie,

palpatie en het onderzoek van de oksels.

1

Inspectie

• Voorbereiding

-

De onderzoekruimte

De

onderzoekruimte isis goed

goed verlicht

verlicht enen

verwarmd.

-

aat de

��aat

de pati

pati��nte

nte het

het bovenlichaam

bovenlichaam volledig

volledig

ontbloten.

-

��org

org voor

voor schone

schone enen warme

warme handen.

handen.

• Werkwijze

  • 1. rechts.

ergelijk steeds

��ergelijk

steeds links

links enen rechts.

  • 2. plaats ter

et onderzoek

��et

onderzoek vindt

vindt aanvankelijk

aanvankelijk plaats ter--

wijl de pati�nte recht vóór de onderzoeker

zit of staat met de armen hangend langs het

lichaam [1].

Inspectie • Voorbereiding - De onderzoekruimte De onderzoekruimte isis goed goed verlicht verlicht enen verwarmd. -

figuur 1

3. ��et et op: op: Mammae vorm, grootte � a �� symmetrie, zwellingen Huid kleur, versterkte
3. ��et
et op:
op:
Mammae
vorm, grootte � a �� symmetrie, zwellingen
Huid
kleur, versterkte unilaterale venente -
kening, intrekkingen � ‘dimpling’ �� , litte -
kens, beharing, sinaasappelhuid � ‘peau
d’orange’ �� , ulceraties, eczeem, verheven -
heden
Tepelhof
pigmentatie, grootte, kleur, vorm, zwel -
figuur 2
lingen

Tepel

stand, plaats, grootte, kleur, vorm,

pigmentatie, intrekkingen, schilfering, eczeem, roodheid, ontstekingsverschijn - selen, afscheiding: kleur, hoeveelheid. 4. ��et et ook ook
pigmentatie, intrekkingen, schilfering,
eczeem, roodheid, ontstekingsverschijn -
selen, afscheiding: kleur, hoeveelheid.
4.
��et
et ook
ook op:
op: de
de omgeving
omgeving van
van de
de mammae,
mammae, de
de
regio sternalis en de regio axillaris.
5.
��erricht
erricht dezelfde
dezelfde inspectie
inspectie van
van de
de mammae
mammae
waarbij de pati�nte achtereenvolgens de
volgende houdingen aanneemt.
-
��taand
taand of
of zittend
zittend met
met beide
beide armen
armen opgehe-
opgehe-
ven langs het hoofd [2].
-
��taand
taand of
of zittend
zittend met
met beide
beide handen
handen inin de
de zij
zij
figuur 3
en aangespannen mm.pectorales majores [3].

2

������� ��

- �������

���� ���

��� �������

��������� ����

���� ������������

������������ ����

de heupen, de armen langs het opgeheven

hoofd en haar handen steunend in die van de

onderzoeker [4, 5].

������� �� - ������� ���� ��� ��� ������� ��������� ���� ���� ������������ ������������ ���� de heupen,

figuur 4

������� �� - ������� ���� ��� ��� ������� ��������� ���� ���� ������������ ������������ ���� de heupen,

figuur 5

- ��iggend

iggend op

op de

de rug

rug [[��]. ].

�. ��et

et inin deze

deze vier

vier houdingen

houdingen op

op veranderingen

veranderingen

die kunnen optreden:

  • - contour contour

  • - ��aa��symmetrie ��symmetrie intrekkingen van

- intrekkingen

van de

de huid

huid enen��of

of de

de tepels.

tepels.

������� �� - ������� ���� ��� ��� ������� ��������� ���� ���� ������������ ������������ ���� de heupen,

figuur 6

3

Palpatie mammae

• Voorbereiding

De pati�nte ligt met volledig ontbloot bovenli-

chaam plat op de rug op de onderzoekbank [7].

Palpatie mammae • Voorbereiding De pati�nte ligt met volledig ontbloot bovenli- chaam plat op de rug

figuur 7

• Werkwijze

1. ��alpeer

alpeer met

met de

de vingertoppen

vingertoppen van

van de

de wijs-,

wijs-,

middel- en ringvinger. Maak roterende be-

wegingen met lichte compressie van mamma

weefsel tegen de thoraxwand.

2. Bij

Bij palpatie

palpatie van

van de

de buitenkwadranten

buitenkwadranten kan

kan een

een

vrouw die grote mammae heeft de arm aan

de zijde van de te onderzoeken borst onder

het hoofd leggen [8].

Palpatie mammae • Voorbereiding De pati�nte ligt met volledig ontbloot bovenli- chaam plat op de rug

figuur 8

4

3. ��alpeer

alpeer achtereenvolgens:

achtereenvolgens:

binnen-boven kwadrant

- binnen-boven

kwadrant [[��]]

binnen-onder kwadrant

- binnen-onder

kwadrant [1[1��]]

buiten-onder kwadrant

- buiten-onder

kwadrant [11]

[11]

3. ��alpeer alpeer achtereenvolgens: achtereenvolgens: binnen-boven kwadrant - binnen-boven kwadrant [[��]] binnen-onder kwadrant - binnen-onder kwadrant

figuur 9

3. ��alpeer alpeer achtereenvolgens: achtereenvolgens: binnen-boven kwadrant - binnen-boven kwadrant [[��]] binnen-onder kwadrant - binnen-onder kwadrant

figuur 10

3. ��alpeer alpeer achtereenvolgens: achtereenvolgens: binnen-boven kwadrant - binnen-boven kwadrant [[��]] binnen-onder kwadrant - binnen-onder kwadrant

figuur 11

5

buiten-boven kwadrant

- buiten-boven

kwadrant [12]

[12]

axillaire uitloper

- axillaire

uitloper [13]

[13]

de tepel

- de

tepel enen de

de tepelhof

tepelhof [14]

[14]

de omgeving

- de

omgeving van

van de

de borst

borst ��parasternaal

parasternaal

gebied��.

4. ��et

et op:

op:

pijn ��ontsteking,

- pijn

ontsteking, abces��

abces��

- tepeluitvloed

tepeluitvloed

consistentie van

- consistentie

van het

het mammaweefsel

mammaweefsel

buiten-boven kwadrant - buiten-boven kwadrant [12] [12] axillaire uitloper - axillaire uitloper [13] [13] de tepel

figuur 12

buiten-boven kwadrant - buiten-boven kwadrant [12] [12] axillaire uitloper - axillaire uitloper [13] [13] de tepel

figuur 13

buiten-boven kwadrant - buiten-boven kwadrant [12] [12] axillaire uitloper - axillaire uitloper [13] [13] de tepel

figuur 14

Tumoren �et op: - lokalisatie lokalisatie - grootte grootte ��geschat geschat inin centimeters�� centimeters�� - vorm
Tumoren
�et op:
- lokalisatie lokalisatie
- grootte
grootte ��geschat
geschat inin centimeters��
centimeters��
- vorm vorm
- consistentie
consistentie ��hard,
hard, vast,
vast, vast-elastisch,
vast-elastisch, elas
elas--
��s�h, w��k, ��u��u������)
- oppervlak
oppervlak ��glad,
glad, irregulair,
irregulair, korrelig,
korrelig, gelobd
gelobd����
- afgrenzing
afgrenzing t.o.v.
t.o.v. omgeving
omgeving ��scherp
scherp of
of on
on--
scherp��
- beweeglijkheid
beweeglijkheid t.o.v.:
t.o.v.: huid,
huid, onderlaag
onderlaag
- pijnlijkheid pijnlijkheid
figuur 15
- ‘dimpling’,
‘dimpling’, op
op tete wekken
wekken door
door de
de huid
huid over
over

de tumor tussen duim en wijsvinger naar

elkaar toe te brengen [I5]. 5. ��efen efen circulaire circulaire druk druk uit uit op op
elkaar toe te brengen [I5].
5.
��efen
efen circulaire
circulaire druk
druk uit
uit op
op de
de tepel
tepel [1[1��]] enen
observeer of er tepeluitvloed is op te wek-
ken.
�. ��et
et op:
op: hoeveelheid,
hoeveelheid, kleur
kleur ��bloed,
bloed, melk,
melk, pus
pus��. ��.
7.
��erricht
erricht dezelfde
dezelfde handelingen
handelingen aan
aan de
de andere
andere
borst.

figuur 16

7

Palpatie regionale lymfklieren

�ls er borstklachten zijn moet de onderzoe-

ker altijd de beide okselholten en de infra- en

supraclaviculaire ruimten palperen om vast te

stellen of er palpabele klieren zijn. �ymfklieren

liggen in losmazig bindweefsel en zijn daardoor

gemakkelijk wegdrukbaar en verschuifbaar. De

onderzoeker moet ze als het ware ‘vangen’ en

onder de vingers voelen wegglippen.

Indien lymfklieren palpabel zijn, beoordeel dan

grootte, consistentie en beweeglijkheid.

• Voorbereiding

Dit onderzoek

- Dit

onderzoek wordt

wordt inin liggende

liggende enen zittende

zittende

positie uitgevoerd [17-24]. De onderzoeker

staat naast of vóór de vrouw.

De linker

- De

linker okselholte

okselholte wordt

wordt met

met de

de rechter

rechter--

hand gepalpeerd en de rechter okselholte

met de linkerhand.

• Werkwijze

1. ��alpatie

alpatie oksel.

oksel.

- ��bduceer

bduceer het

het schoudergewricht

schoudergewricht van

van de

de

pati�nte ��°.

- ��alpeer

alpeer met

met vier

vier aaneengesloten

aaneengesloten vingers

vingers zozo

hoog mogelijk in de okselholte [17-2�].

Palpatie regionale lymfklieren �ls er borstklachten zijn moet de onderzoe- ker altijd de beide okselholten en

figuur 17

Palpatie regionale lymfklieren �ls er borstklachten zijn moet de onderzoe- ker altijd de beide okselholten en

figuur 18

Palpatie regionale lymfklieren �ls er borstklachten zijn moet de onderzoe- ker altijd de beide okselholten en

figuur 19

Palpatie regionale lymfklieren �ls er borstklachten zijn moet de onderzoe- ker altijd de beide okselholten en

figuur 20

8

- Breng Breng de de inin de de schouder schouder geabduceerde geabduceerde arm arm losjes tegen
-
Breng
Breng de
de inin de
de schouder
schouder geabduceerde
geabduceerde arm
arm
losjes tegen het lichaam van de pati�nte [21-
24].
-
��eef
eef lichte
lichte druk
druk tegen
tegen de
de thoraxwand
thoraxwand aan.
aan.
-
��alpeer
alpeer met
met de
de vier
vier licht
licht gekromde
gekromde vingers
vingers
voorzichtig maar stevig de ribben en de
intercostale ruimten af, van craniaal naar
caudaal en van voor naar achter.
2. ��et et op: op: tumoren tumoren ��lymfklieren lymfklieren��, ��, pijn. pijn. 3. ��erricht erricht dezelfde
2.
��et
et op:
op: tumoren
tumoren ��lymfklieren
lymfklieren��, ��, pijn.
pijn.
3.
��erricht
erricht dezelfde
dezelfde handelingen
handelingen aan
aan de
de andere
andere
oksel.

figuur 21

- Breng Breng de de inin de de schouder schouder geabduceerde geabduceerde arm arm losjes tegen

figuur 22

- Breng Breng de de inin de de schouder schouder geabduceerde geabduceerde arm arm losjes tegen

figuur 23

- Breng Breng de de inin de de schouder schouder geabduceerde geabduceerde arm arm losjes tegen

figuur 24

4. ��alpatie

alpatie achterste

achterste okselplooi.

okselplooi.

-

��aa achter

achter de

de pati

pati��nte

nte staan

staan

-

Neem de

Neem

de m.

m. latissimus

latissimus dorsi

dorsi tussen

tussen

duim en vingers en palpeer de gehele

achterste okselplooi aan beide zijden

[25].

5.

��et

et op:

op: tumoren,

tumoren, pijn.

pijn.

�. ��alpatie

alpatie voorste

voorste okselplooi.

okselplooi.

-

��aa vóór

vóór de

de pati

pati��nte

nte staan.

staan.

-

Neem de

Neem

de m.

m. pectoralis

pectoralis major

major tussen

tussen

duim en vingers en palpeer de gehele

voorste okselplooi.

Doe dit

- Doe

dit links

links enen rechts.

rechts.

7.

��et

et op:

op: tumoren,

tumoren, pijn.

pijn.

8. ��alpatie

alpatie infra-

infra- enen supraclaviculaire

supraclaviculaire

ruimten

-

-

��aa vóór

vóór de

de pati

pati��nte

nte staan

staan [2[2��,, 27].

27].

��alpeer

alpeer de

de mediale

mediale hoek

hoek van

van de

de supra-

supra-

claviculaire ruimte terwijl u achter de

pati�nte staat.

�. ��et

et op:

op: tumoren,

tumoren, pijn.

pijn.

4. ��alpatie alpatie achterste achterste okselplooi. okselplooi. - ��aa achter achter de de pati pati��nte nte

figuur 25

4. ��alpatie alpatie achterste achterste okselplooi. okselplooi. - ��aa achter achter de de pati pati��nte nte

figuur 26

4. ��alpatie alpatie achterste achterste okselplooi. okselplooi. - ��aa achter achter de de pati pati��nte nte

figuur 27

1 �

Mammaonderzoek bij klachten

� alpabele tumor

Indien bij palpatie van de mammae �door

de vrouw zelf of door een onderzoeker��

een tumor wordt geconstateerd, is het

van groot belang om vast te stellen of

deze maligne of benigne van aard is. �m

dat te beoordelen is goede kennis van de

relatieve waarde van elke diagnostische

bevinding �anamnese, lichamelijk onder-

zo�k, ����o���fi� , ��ho���fi� , �y�olo���)

van belang.

Door middel van fysisch diagnostisch

onderzoek alleen is het niet mogelijk met

zekerheid onderscheid te maken tussen

een maligne of benigne aandoening van de

borst.

�amen met de anamnese en eventueel

hulponderzoek zal de aard van de tumor

moeten worden vastgesteld.

�alpatie van een tumor kan informa-

tie geven over de volgende aspecten:

lokalisatie, grootte, consistentie, vorm,

oppervlak, relatie met de omgeving �huid

en onderlaag�� en pijnlijkheid. �en tumor

die sterk vergroeid is met zijn omgeving

is waarschijnlijk maligne. �ok een zeer

vaste consistentie en een onregelmatig

oppervlak kunnen op maligniteit wijzen.

�mgekeerd is een gladde, ronde of ovale

tumor die los van huid en onderlaag ligt

vaak goedaardig, zeker als de grootte

van de tumor wisselt met de menstruele

cyclus. �ijnlijkheid gepaard gaande met

lokale roodheid is verdacht voor een

gelokaliseerde ontsteking.

Ten slotte speelt de leeftijd van de vrouw

een rol. �nder de 3� jaar zijn maligne

tumoren in de borst zeldzaam. Boven de

5�jaar wordt de kans dat een palpabele

tumor maligne is steeds groter.

�alpatie van een tumor moet voorzichtig

gebeuren. Bij �te�� ruwe palpatie is het

bevorderen van hematogene en�of lymfo-

gene uitzaaiing niet uitgesloten.

�ls een palpabele tumor is vastgesteld is

het noodzakelijk na te gaan of er metasta-

sen op afstand aanwezig zijn.

Tepeluitvloed

�pontane uitvloed uit de tepel moet

nader onderzocht worden als deze

uit bloederig of sereus vocht bestaat.

Kleurloos of wit vocht is vrijwel altijd

goedaardig en een normaal uitscheidings-

produkt van mamma klierweefsel, zoals

dat postpartum in grote hoeveelheid

gebeurt. Dubbelzijdige afscheiding is vaak

hormonaal bepaald. �enzijdige bloederige

of sereuze afscheiding kan op een intra-

ductaal papilloom of carcinoom berusten.

Meestal betreft het echter een goedaardig

papilloom.

�ocht uit de tepel kan cytologisch wor-

den onderzocht op de aanwezigheid van

tumorcellen. Bij verdenking op een malig-

niteit is invasief onderzoek noodzakelijk.

Mastodynie

�= pijn in één of beide borsten��

�et is van belang of de pijn wisselt in

de loop van de menstruele cyclus. �ls

dat het geval is, gaat ze vaak samen met

een gespannen gevoel en een gevoel van

zwaarte in de mammae. Deze klachten

wijzen in de richting van mastopathie.

Indien de pijn gepaard gaat met een

palpabele tumor, moet deze tumor nader

onderzocht worden. �et is gebleken dat

pijn geen informatie geeft over het al dan

niet maligne zijn van een tegelijk bestaan-

de tumor.

11

Na een stomp trauma van de borst kan

deze pijnlijk zijn als gevolg van een contusie.

�aat pijn gepaard met locale roodheid,

dan kan er sprake zijn van een mastitis of

mamma-abces. Buiten het puerperium is dit

zeldzaam.

Tepel- en huidafwijkingen

Recent ontstane intrekkingen van de huid

of tepel zijn verdacht voor een onderlig-

������ ��l��������. Doo� fib�os����� ku����

de ligamenta suspensorii �Cooper�� schrom-

pelen. �ierdoor ontstaat tractie aan de huid

en worden intrekkingen zichtbaar �‘dim-

pling’�� die nader onderzoek rechtvaardigen.

‘�eau d’orange’ �sinaasappelhuid�� ontstaat

door oedeem van de huid veroorzaakt

door blokkade van de lymfvaten, veelal ten

gevolge van daar gelegen tumorcellen. De

huid ziet er uit als een miniatuur krater-

landschap, zoals de schil van een sinaasappel.

�ls de huid enigszins wordt samengeknepen

is dat vaak beter te zien.

Recent ontstane schilfering en roodheid van

de tepel zijn verdacht voor het tepelcarci-

noom van �aget.

�uidveranderingen aan de borst kun- nen natuurlijk ook onderdeel zijn van een gegeneraliseerde huidaandoening �eczeem, psoriasis, acne, etc.��.