You are on page 1of 7

OPDRACHT IMPROVISATIE

Stand-up - Najib Amhali:


Cabaret - Youp van t Hek:
Improvisatiekomedie - Hans Teeuwen
De opdracht: bekijk de drie filmpje hieronder en schrijf een tekst van 250-500
woorden waarin je vergelijkt hoe de drie vormen verschillend of juist hetzelfde
zijn.
Geef voor alle dingen die je opmerkt voorbeelden of uitleg.
Hier zijn aantal suggesties voor dingen waar je op kan letten,
Kijk naar het schema theatrale aspecten

Theater-spel
HET LICHAAM VAN DE ACTEUR
mimiek (gezichtsuitdrukking),
gebaren en bewegingen (zoals het trommelen met de vingers voor een
nerveus type, of het waggelen van een dikke dame)
lichaamshouding (zoals een stijve nek voor een koppig persoon, of het
ingezakt zitten van een sloom figuur)
handeling (roken, neuspeuteren, op het horloge kijken)

STEMGEBRUIK VAN DE ACTEUR


Door middel van het stemgebruik geeft de acteur mede vorm aan zijn
personage.
- volume (hard of zacht)
- het accent (stads- of streekaccent)
- klankkleur (hoog en licht of zwaar en donker).
- intonatie (veel of weinig variatie in toonhoogte)
- het gebruik van klemtonen
- timing (langzaam of snel, pauzes)

- veel of weinig emotie in de stem


MISE-EN-SCENE
Hiermee bedoelt men het gebruik van het speelvlak door de acteurs, zoals de
plaatsing van personages in het speelvlak, de blikrichtingen en het bewegen van
de personages ten opzichte van elkaar en ten opzichte van het speelvlak (de
looplijnen). Ook het op- en afgaan van de personages hoort tot de mise-enscne.
SPEELSTIJL
Onder speelstijl verstaat men een wijze van spelen, die over het algemeen
kenmerkend is voor een bepaald theatergenre zoals melodrama (soap), realisme,
absurdisme, slapstick of episch theater.
De speelstijl kan ook gekoppeld zijn aan het regieconcept van de regisseur.

THEATERVORMGEVING - materialen / technieken

DECOR Dit is de toneeltoerusting waarmee de plaats van handeling wordt


voorgesteld, ook projecties kunnen tot het decor behoren.
KOSTUUM Onder kostuum verstaat men de kleding die hoort bij het personage
en bij de context van het toneelstuk.
GRIME EN HAIR STYLING Dit gaat over de opmaak van het gezicht van de
acteurs en hun haardracht: schmink, pruiken en littekens.
REKWISIETEN Rekwisieten zijn voorwerpen die in een voorstelling gebruikt
worden door de spelers, zoals een pen of een zwaard. Ook stoelen en tafels die
op een toneel staan zijn rekwisieten.
ATTRIBUTEN Een attribuut is een speciaal rekwisiet, dat bij een rol hoort, zoals
een liniaal voor een strenge juf, een scepter voor een koning, de lier van Apollo,
de sleutels van Petrus. Daaraan kun je het personage herkennen.

BELICHTING Door middel van belichting van de speelplek zorgt men voor
zichtbaarheid van wat zich afspeelt, maar ook voor een bepaalde sfeer.
Belichting kan de aandacht van het publiek op een bepaalde handeling richten.
Bijv. kleur en de intensiteit van het licht.
MUZIEK Theatervoorstellingen kunnen worden begeleid door muziek, die net als
belichting, voor een sfeer of bepaalde emotie kan zorgen. Denk aan
bombastische muziek om een opschepper te karakteriseren, of minimalistische
muziek als ondersteuning van een sterfscne.
De filmpjes: Stand-up - Najib Amhali: http://www.youtube.com/watch?v=--BcDIL37ZQ

Cabaret - Youp van t Hek: http://www.youtube.com/watch?v=xAVajrRNuD8

Improvisatiekomedie - Hans Teeuwen: http://www.youtube.com/watch?v=-VvS7qDGfl0

9 Betekenis: welke betekenis geef je de voorstelling?


Amusement, vermaak

Autobiografische betekenis Doorbreekt taboes,


provocatie

Stelt politieke of
maatschappelijke items
aan de orde

Morele boodschap

Theatraal spektakel

Roept emoties op

Houdt publiek een spiegel


voor

Roept vragen op

TEKST VERGELIJKING 3 CABERATIERS:

TUSSEN DE 3 CABERATIERS ZIJN VEEL VERSCHILLEN, VOORAL DE SOORT HUMOR IS


VERSCHILLEND. ZO GAAT NAJIB ZIJN VOORSTELLING MEESTAL OVER VOLKENSOORTEN MET IN DE
HOOFDROL: ILSAMITISCHE MENSEN. DE VOORSTELLING VAN YOUP GAAT VAAK OVER
ALLEDAAGSE DINGEN ZOALS EEN STAPELBED, IN ZIJN VOORSTELLING GEEFT HIJ XZIJN
PERSOONLIJKE MENING HIEROVER. DE VOORSTELLING VAN HANS TEEUWEN GAAT VAAK OVER
DINGEN WAAR MENIG MENS HET NIET ELKE DAG OVER HEEFT, HANS TEEUWEN ZOEKT DAN OOK
GRAAG DE GRENZEN OP TUSSEN WAT ER WEL EN NIET GEZEGD KAN WORDEN. EEN
OVEREENKOMST IS DAT HET LIJKT ALSOF ALLE DRIE DE CABERATIERS ZICH COMPLEET THUIS
VOELEN OP HET PODIUM. ALLE DRIE DE CABERATIERS MAKEN GEBRUIK VAN MUZIEK: HANS
HEEFT ZIJN EIGEN LIEDJES EN OOK YOUP IS BEKEND VAN ZIJN LIEDJE FLAPPIE DAT GAAT OVER
EEN JEUGDHERINNERING VAN ZIJN KONIJN. NAJIB IS ERG MUZIKAAL, HIJ DRUMT EN ZINGT. YOUP

HEEFT EEN ZWARE HAAST EENTONIGE STEM, NAJIB DAARENTGEN HEEFT JUIST EEN WAT HOGERE
STEM EN GEBRUIKT VEEL INTONATIE. HANS SCHREEUWT HEEL VAAK EN HIJ LAAT NOOIT PAUZES.
NAJIB MAAKT WEL VEEL GEBRUIK VAN PAUZES. DAT DOET HIJ MEESTAL NA EEN GRAP ZODAT HET
PUBLIKE TIJD HEEFT OM OVER DE GRAP NA TE DENKEN. ALLE DRIE DE CABERATIERS MAKEN
GEBRUIK VAN DE VOORSTE RIJ VAN HET PUBLIEK. ALS JE OP DE VOORSTE RIJ ZIT BIJ 1 VAN DE 3
DAN BEN JE AAN DE BEURT ALS ER EEN PLAGENDE OPMERKING WORDT GEMAAKT. OOK HEBBEN
ZE ALLE DRIE VAAK ALLEDAAGSE KLEDING AAN EN DAT ZORGT OOK VOOR EEN HUISELIJKE SFEER.
DECORS ZIJN OOK VAAK NIET AAN DE ORDE BIJ DEZE DRIE CABERATIERS.

OPDRACHT MASKERSPEL

De basis van de westerse theatergeschiedenis ligt bij de oude Grieken. Theater


was bij hun erg belangrijk. Dit kun je nog steeds merken aan het feit dat er veel
Griekse theaters zijn overgebleven. De woorden drama, komedie en tragedie
stammen ook uit die tijd.
Acteren genoot in Griekenland een hoog aanzien. Als je kijkt naar de afbeelding
van het Griekse theater hiernaast, kun je zien dat het lastig is om in zon grote
ruimte voor zo veel mensen te spelen. Voor de acteurs leverde dit problemen op,
want hoe kon je jezelf goed zichtbaar en verstaanbaar maken voor het publiek
op de achterste rijen?
De oplossing lag in de kostuums. Deze waren erg uitbundig. Zo droegen de
acteurs felgekleurde kleding en plateauzolen om groter te lijken. Ook werden er
maskers gebruikt. Het voordeel van maskers was dat deze de stem versterkten
en dat je een duidelijke mimiek op dat masker kon aanbrengen die van ver te
zien was. Het nadeel was echter dat deze mimiek niet veranderd kon worden.
Daarom moet je met een masker op vooral met je houding en gebaren acteren.

Opdracht
Bekijk de maskers op de volgende pagina en beantwoord de onderstaande
vragen:
1. Wat is dit voor een personage (man of vrouw, beroep, emotie)
2. Hoe zou je deze emotie en dit personage met je lichaam kunnen uitdrukken?
Beschrijf dit door wat te zeggen over de houding (bijvoorbeeld rechtop,
ingedoken, krom), de gebaren en de handeling (bijvoorbeeld met een vlag
zwaaien of een boterham eten).

Personage: man, bewaker,


Uitdrukken: boos, achterdochtig, klein met een kromme rug en trollenkleding.

Personage: man, heerser, rijk

Uitdrukken: blije man, vriendelijk, dure kledij, slim

Personage: enge man, huurmoordenaar, schijnheilig

Uitdrukken: lange man met een eng lachje, erg slim, overtuigend

Personage: bange vrouw, vrouw van de koning

Uitdrukken: kleine vrouw met grote voeten, is snel bang, doet geen vlieg kwaad

Personage: man, zanger, gepassioneerd,

Uitdrukken: grote man met veel haar, zingt in de concertzalen, erg geliefd door het publiek