Вы находитесь на странице: 1из 33

(HET ZELFSTANDIG NAAMWOORD,

HET SUBSTANTIEF)
7.
(eigennamen),
:
Jan - ,
Nederland -
.., (sortnamen), :
de leraar - ,
de stad -
..

(concreta), :
de student - ,
de tafel -
.., (abstracta), :
de vrijheid - ,
de breedte -
.. , e
(verzamelnamen of collectiva ), :
het leger - ,
het gezin -
.., (stofnamen), :
het goud ,
het water
..

, , ,
( ).

8. (het geslacht, het genus)



: (mannelijk), (vrouwelijk),
(onzijdig)
.
.
.

23

1 2

.
(de - , het -
), :
de vader - ,
de moeder - ,
het kind - .
.
3
. ,
.

,
,
( de),
,
het,
.
( )
(:
de vaders - ,
de moeders - ,
de kinderen - ).

(), .
het wijf - ,
het hoofd - ,
het meisje -
. .
hij zij
.
4
, (
).
( ) :
1. :
a) , :
de man - ,
de vrouw - ,
1

- ,
( ).
2
.
3
,
.
4
- , .

24

de hengst - ,
de merrie - ,
de haan - ,
de hen - ;
b) , ( ),
:
de zomer - ,
:de lente - ( ),
de mi - ,
de maandag - ;
c)
( ), :
de bank - ,
de fles - ,
de benzine - ,
de klei -
. .
2. :
a) ,
,
: -aar, -er,
-aard, -erd, -ing, -ling, -ik, -ier, -ist, -eur, -or , -ant, -ent, -aal, -aat,
-aris, -air, -eet ( ), -in, -es, -is, -egge (-ei), -ster
( ), :
de leraar - ,
de arbeider - ,
de boerin - ,
de lerares -
. . (. 12);
.
-in, :
de wolvin - ,
de berin -
. .

b) : -aan, -aar,
(-naar), -er, -ier, -aard, -aat, -ing, -ees ( ), -se (
), :
de Amerikaan - ,
de Nederlander - ,
de Aziaat - ,
de Bulgaar - ,
de Parijzenaar - ,
de Vlaming - ,

25

de Zweeds - ;
) -te, -de,
(
), :
de lengte - ,
de kou - ,
de liefde - ;
c) -ing, -st, -t ( ),

, :
de handeling - ,
de ontvangst - ,
de vlucht - ,
:
de dienst - ( );
) ,
, -ij, -erij, -ernij ( ),
:
de bedelarij - ,
de drukkerij - ,
de slavernij - ;
f)
-heid, -nies, -ie, -tie, -iek, -uur (), -age, -teit, -theek (
), :
de veiligheid - ,
de gevangenis - ,
de theorie - ,
de revolutie ,
de politiek - ,
de cultuur - ,
de bagage - ,
de universiteit - ,
de bibliotheek - .

-dom ( ), -schap ( ),
, :
de rijkdom - ,
de eigenschap -
. .

:
1. :
) ,
:

26

het paard - ,
het zwijn, het varken - ,
het veulen - ,
het kalf - ,
het lam - ;
b) , :
het volk - ,
het proletariaat - ,
het vee - ;
) , :
het koper - ,
het lood - ,
het robijn - (: de robijn - ),
het diamant - (: de diamant - );
d) ,
:
het water - ,
het graan - ,
het fluweel - ;
:
de turf - ,
de kool - ,
de inkt - ,
de wol -
;
) , , :
het westen - ,
(het) Moskou - ,
(het) Azie - .
:
de Krim - ,
de Elzas - ,
de Oekrane - ,
de Congo - .
2. :
) -je, -tje, -pje, -ken,
-ke, :
het boekje - ,
het balletje - ,
het bloempje - ,
het kindeken - ,

27

het manneke(n) - ;
b) -ge
-te, :
het gebergte - ,
het gevederte - ;
) -be, -ge, -ver, -onder,
-ont , :
het begrip - ,
het gebouw - ,
het verzet - ,
het onderwijs - ,
het ontslag - ,
het verraad - ;
d) -sel, :
het overblijfsel - , ,
het vijlsel - ();
) -eel, -ment, -um,
-al, -isme, -aat ( ),
:
het tafereel - ,
het experiment - ,
het centrum - ,
het journaal - ,
het materialisme - ,
het plakkaat - ;
f) -dom, -schap
, , ,
, :
het mensdom - ,
het gezelschap - o,
het priesterschap - ,
het hertogdom - ;
g) ,
, :
het zingen - ,
het weten - .

, :
het handboek - (. de hand + het boek).
:
het kerkhof - (. de hof),
het tijdstip (. de stip), het ogenblik (. de blik) - ,
28

het windas (. de as) - .


(,
, ),
:

de stof -
de atlas -
de veer - ,
de blik -
de patroon - ()
de want -

het stof -
het atlas -
het veer -
het blik -
het patroon - ,
het want - ( )

.
,
:
de/het afval - , ,
de/het altaar - ,
de/het figuur - ,
de/het gordijn - , ,
de/het hars - ,
de/het idee - ,
de/het zadel -
. . :
ter dood ( ) ten dode - .

9. (het getal, de numerus)



(het enkelvoud) (het
meervoud) .

(meervoudsvorming)

: -s -en
-n.
-s
, 1
(l, m, n, r) . , ,
-aar (), -aard, -age, -el, -er, -erd, -em,
-en (), -je (), -ier, -je, -tje, -pje, -sel (), -ster,
-tie (), :
1

c - c , .

29

de arbeider () de arbeiders,
de overwinnaar () de overwinnaars,
de luiaard () de luiaards,
de bandage () de bandages,
de beugel () de beugels,
de staker () de stakers,
de dikkerd () de dikkerds,
de bezem () de bezems,
de keten () de ketens ( ketenen),
de discussie () de discussies,
de vliegenier () de vliegeniers,
het boekje () de boekjes,
de naaister () de naaisters,
de natie () de naties ( natin)
;
de ra () de ras,
de eega () de eegas,
de kok () de koks,
de maat () de maats.
:
de amandel () de amandelen, de amandels,
de engel () de engelen,
de christen () de christenen,
de lauwer () de lauweren,
het middel () de middelen,
het wonder () de wonderen.
-en (-n)


, ( ) 1,
, -aan,
-aar (), -de (), -dom, -es, -ie (), -is, -ik, -in, -ing,
-ist, -ij, -ment, -nis, -schap, -sel (), -st, -t (), -teit, -tie
(), :
de boer () de boeren,
de bal () de ballen,
de stroom () de stromen,
de Amerikaan () de Amerikanen,
1

, :
de oom () de ooms,
de zoon () de zonen, de zoons
.

30

de leraar () de leraren,
de wonde () de wonden,
de rijkdom () de rijkdommen,
de dienares () - de dienaressen,
de theorie () - de theorien,
de abdis () - de abdissen,
de perzik () - de perziken,
de leeuwin () - de leeuwinnen,
de haring () - de haringen,
de monopolist () - de monopolisten,
de maatschappij () - de maatschappijen,
het experiment () - de experimenten,
de gebeurtenis () - de gebeurtenissen,
de wetenschap () - de wetenschappen,
het beginsel () - de beginselen ( beginsels),
de vangst () - de vangsten,
de hoogte (, ) - de hoogten ( de hoogstens),
de universiteit () - de universiteiten,
de natie () - de natin ( de naties).

. ,
-s -f, ( + r, l, m, n)
s, f z, v, :
de roos () - de rozen,
de muis () - de muizen,
de kolf () de kolven.
:

de kous () - de kousen,
de krans () - de kransen,
het kruis () - de kruisen (: kruizen),
de kans () - de kansen,
de lans () - de lansen,
de triomf () - de triomfen

.



-eren:
het kind () de kinderen,
het ei () de eieren,
31

het kalf () de kalveren,


het lam () de lammeren,
het volk () de volkeren (de volken),
het goed () de goederen,
het blad () de bladeren, blaren, bladen ( ),
het rund ( ) de runderen,
het gemoed (, ) de gemoederen.

. been () hoen () n
d:
het been de beenderen; . been benen (),
het hoen de hoenders, de hoenderen.


:
het bad (, , ) de baden,
het bedrag ( ) de bedragen,
het bevel () - de bevelen,
het blad () - de bladen,
het dak () - de daken,
de dag () - de dagen,
het dal () - de dalen,
het gat () - de gaten,
het gelag (, ) - de gelagen,
het glas (, ) - de glazen,
de god (, ) - de goden,
het gebed () - de gebeden,
het graf () - de graven,
het hol () - de holen
het lot (e ) - de loten,
het pad () - de paden,
het slot (, ) - de sloten,
de slag () - de slagen,
het vat () - de vaten,
het spel () - de spelen,
het schot () - de schoten,
de staf (, ) - de staven,
de tred () - de treden,
de weg () - de wegen.

:
de stad () - de steden,

32

het gelid (, ) - de gelederen,


het schip () - de schepen,
de smid () - de smeden.
-heid
-heden, :
mogelijkheid () - de mogelijkheden,
de grofheid () - de grofheden.
-ee, -ie
-n, ; :
de zee () - de zeen,
de knie () - knien,
-ie
-en, , :
het genie () - de genien.
( ) ,
-n,
-e (), :
de provincie () - de provincin
.
-oe, -o
-ien, :
de koe () - de koeien,
de vlo () - de vlooien.
-man,
, ,
lieden - lui (), :
de koopman () - de kooplieden, de kooplui,
de staatsman ( ) - de staatslieden,
de landsman () - de landslieden
.
:
de leenman () - de leenmannen,
de blindeman () - de blindemannen,
. :
de Engelsman () - de Engelsen,
de Fransman () - de Fransen.
,

33

,
( ), :
de appel () - de appelen, de appels,
de leraar () - de leraren, de leraars
. -s ,

-en.
:
het kleinood (, ) - de kleinoden de
kleinodin,
de lende () - de lenden de lendenen.
, , -
- :

de broeder
de heiden

de hemel
de wortel

de letter

het middel
de reden
het stuk

de tafel
de vader
de knecht
het wapen

de broeders (),
de heidens ()
( )
de hemels (),
de wortels (),
de letters (),
de middels (),
de redens (),
de stuks (,
),
de tafels (),
de vaders (),
de knechts (),
de wapens (),

de studie

de studies (),

de portier

de vizier

het been

de portiers (, ),
de viziers, de vizieren
(),
de benen (),

de broederen ();
de heidenen ();
de hemelen ();
de wortels wortelen
();
de letteren (,
);
de middelen ();
de redenen ();
de stukken ();
de tafelen ();
de vaderen ();
de klachten ();
de wapens, de wapenen
();
de studin, de studies
();
het portier de portieren
();
het vizier de vizieren
(, );
de beenderen (,
);

34

het blad

de bladen ( ),

het kleed

de kleden (),

de bladeren, blaren
();
de kleren, klederen
().



-e, -a, -o, -ee, -ie
-s -e(n), :
de dame () de dames,
de zone () de zonen, de zones.
, -a, -o -u,
-s , ,
-ee -ie, -e -en
a (), -e
, :

het thema () de thema`s,


de opera () de opera`s,
de piano () de piano`s,
de paraplu () de paraplu`s,
de melodie (e) de melodien,
het, de idee () de ideen,
het dictee () de dictees

.
.

het, de solo () de solo`s,

het saldo () saldo`s saldi

.
-ier
-s, , -en,
, :
het formulier () de formulieren,
de tuinier () de tuiniers.
-um
(-s)
-a, :
het museum () de museums, musea,

het gymnasium () de gymnasiums, gymnasia,

het sanatorium () de sanatoriums, sanatoria,

het centrum () de centrums, centra.


35

-us
-i, ,
-en, , :
de criticus () de critici,
de medicus () de medici,
het circus () de circussen,
de cursus () de cursussen,
de rebus () de rebussen.
-is ,
-en -es, :
de basis (, ) de basissen, bases;
de dosis () de dosissen, doses;
de crisis () de crisissen, de crises;
de index () de indexen, de indices.

36

,

,
.., :
de ouders - ,
de gebroeders, de gezusters, - , ,
de kosten - ,
de ingewanden - ,
de inkomsten - ,
de levensmiddelen - ,
de hersenen, de hersens - ,
de lieden - ,
de paperassen - , ,
de mazelen - ,
de pokken -
.
, :
de Alpen - ,
de Andes - ,
de Apenijnen - ,
de Aleoeten - ,
de Antillen -
.
. , , , , ,
,
, 1, :
de bril () de brillen,
de broek () de broeken,
de schaar () de scharen,
de slede () de sleden,
de poort () de poorten,
het horloge () de horloges.

,

:
) , :
het heelal - ;
1

37

) , :
het ijs - ,
het zilver - ,
de koffie - ,
de cognac - ,
de, het katoen - ,
het vee - ,
het mensdom - ,
het geboomte - , ;
) , :
de haat - ,
de onafhankelijkheid - ,
de warmte - ,
de dorst - ;
) , :
het gebrom - ,
het gepeins -
..
,
, , , , ,
, :
vier vat wijn - 1,
50 jaar - 50 ,
5 uur - 5 ,
drie kilo suiker - ,
10 meter stof - 10 ,
10 cent -10 ,
80 procent - 80 2,
3 centimeter - 3 c,
:
twee weken - ,
1

, ,
-., , ,
:

vier vat wijn - ,

drie flessen cola - ,


twee kopjes koffie - .

, ,
, , ,
, , :

80 procent van de bevolking heeft gestemd. - 80


.

38

tien dagen - .

.
, :
10 guldens -10 .

10. (de naamval, de casus)




: (-)
, , :
Jan is ziek - ;
Heb je Jan gezien? - ?;
Ik heb`t Jan gegeven. -
-s (
), :
(`s) broers jas - .
-s
.
, ,
,
, :
moeders verjaardag - .
Vondels werken - ,
Maries kamer - ,
Amerika`s expansie - .


z`n zijn ( ), d`r haar ( ),
, :
broer z`n jas,
moeder d`r verjaardag,
Vondel z`n werken,
Maria d`r kamer.
-s
, ., :
de heer des huizes - .

-s (
des, `s, eens mijns .,
.), :
in de loop des tijds - ;
de geest des oproers - ,
, :
39

een dronk waters - .


1 -s
, :
hij ging zijns weegs - ,
`s nachts - ,
`s winters - ,
blootsvoets - ,
.,.
, , ,
van,
-s ,
:
de moeder van mijn vriend - ,
de poten van de stoel - ,
de arbeiders van Nederland -
..

, :
uit gebrek aan geld - ,
de vrees voor de dood - .

der
( ener, dezer, mijner .,),
:
de geschiedenis der arbeidersbeweging -
;
het zinnebeeld der hoop - ;

de dageraad der vrijheid -

..
der
, :
de taal der gebaren - ;
de schakel der gedachten -
. .

.

:
ten gunste der armen - ,
van goeden huize -
..
1

. - .

40


aan
, :
Hij schrijft een brief aan zijn vriend. .
Hij zond zijn vriend een brief. .

door met. door

?; meet ?,
:
Deze brief is door mijn vriend geschreven.
;
De brief is met potlood geschreven. ao.

11. .
(woordvorming)
(afleiding) (samenstelling).
1
.

, , .
,
(). :
vader -,
moeder - ,
paard -,
eik - ,
boek -
.., , :
donker - ,
licht - ,
trots - ,
groen -
, ,
2 ( 3 ),
:
beet (, ) bijten (),
boog () buigen ()
..
1

- .
-

3
- ,
.
2

41

1
(2). :
3 4.
.

12.
-aar (-(e)naar), -er, - aard, -erd, -ling, -rik (-erik), -ier( -(e)nier), -ist,
-aan, - ant, - ent ( -man, - maker,
) ,
; -ist
;
-aan, :
de molenaar - ,
de werker - ,
de luiaard - ,
de lomperd - ,
de leerling - ,
de viezerik - ,
de vliegenier - ,
de pianist - ,
de communist - ,
de mohammedaan - ,
de aspirant - ,
de student - ,
de landsman - ,
de kleermaker -
..
. -aar ,
l, n, r (.
molenaar).
leraar - ,
minnaar - ,
dienaar -
zondaar - .
-er.
-erd -aard.
.
.
1

- ,

2
- .
3
- .
4
- .

42

-rik (-erik), -ling. C -ier ( )


. -ist, -ant, -ent.

-aar, -re, -aan ,


, :
Londenaar - ,
Amsterdammer - ,
Napolitaan - ,
-aan ,
:
Afrikaan -
.
()
:
-aal:
de generaal - ,
-aan:
de partizaan - ,
-ir:
de militair - ,
-arch:
de patriarch - ,
-aat:
de kandidaat - ,
-eet:
de profeet - ,
-eur:
de ingenieur -,
-or:
de doctor - (, !),
-ot:
de patriot ,
-loog:
de filoloog - ,
-noom:
de astronoom ,
-soof:
de filosoof - .
-es,-ster, -in, -e, -egge
, , :
de zangeres - ,
de werkster - ,
de typiste - ,
de dievegge - ,
de studente - ,
de waardin - .
43

: -in ,
, :

de leeuwin - ,
de tijgerin - .

-ij (-arij, -erij, -ernij) ,


, , , :
de bedelarij - ,
de boekbinderij - ,
de bakkerij - .
-el, -er, -sel, -werk, -tuig
, :
de lepel - ,
de loper - ,
het baksel - ,
het uurwerk - ,
het werktuig - , .
-ing, -nis, -sel, -age, -st, -tie(-ie) 1
,
, :
de omwenteling - ,
de ligging - ,
de gebeurtenis - ,
de geschiedenis - ,
het beginsel - ,
het verzinsel - ,
de lekkage -
(. :
de stellage - ,
het bossage - ,
de kunst - .
-tie, -ie , ,
, :
de natie - ,
de prestatie - ,
de installatie - ,
de theorie - ,
de sessie - .

-ment,
, :
het experiment - ,
1

- , .

44

het element - ,
het instrument - .
-heid, -te, -de, -teit, -dom, -schap, -isme
,
, :
de reinheid - ,
de grofheid - ,
de onafhankelijkheid - ,
de breedte - ,
de stilte - ,
de liefde - ,
de rijkdom - ,
de kwantiteit - ,
de kwaliteit - ,
de ouderdom - ,
de adeldom - ,
de wetenschap - ,
de vriendschap - .
: -dom, -schap
:
het mensdom - ,
het eigendom - ,
het broederschap - , ,
het gezelschap - , .
-age -te (
ge-), :
de takelage - ,
de pluimage - ,
de gemeente - ,
het gebergte - .

-isme , , , :
het feodalisme - ,
het positivisme - ,
het darwinisme - .
-je -pje, -(e)tje
, :
het tasje - ,
het bloempje - ( bloemetje),
het balletje - ,
het tafeltje - ,
het glaasje - ( het glas - ),
het blaadje - , ( het blad - ),
45

het papaatje - ( papa - ).


-je ,
( l, m, n, r), -pje
m, -tje
l, n,r m ( )
.

13.
aarts- (. -) ,
, , ,
:
de aartsbisschop - ,
de aartsvijand - ,
de aartsschurk - .
ge- ,
,
, :
de gezusters - ,
het gebladerte - ,
het getik - (),
. :
de gezant - ,
de gezel - ; .
oer- , , ,
:
het oerbos - ,
de oermens - .
af-, on-, wan-, mis- -
, :
de afgod - ,
de afgrond - ,
de afschuw - ,
de onzin - ,
de ongunst - ,
de wandaad - ,
de wanoogst - ,
het misbruik - .
oor- , :
de oorlog - ,
het oordeel - ,
de oorkonde - ,
de oorsprong - ,
46

de oorzaak - .
anti- , :
de antifascist - ,
de antipathie - ,
het antitankgeschut - .

14.

.

.



.

, :
de hoofdstraat (hoofd + straat) - ,
het vliegveld - ,
het edelhert - ,
de overjas - ,
de driehoek - .
,
, (.
vliegveld), (. edelhert), (. driehoek),
(. overjas).

-s-, -en-, -er-,
, :
de arbeidsbeweging - ,
de oorlogsstoker - ,
het volkslied - , ,
het Vredespaleis - ( ),
de heldendaad - ,
het woordenboek - ,
de kinderkamer - .
: -s- -s (. volkslied)
(. arbeidsbeweging), -en-
-en (. heldendaad),
(. woordenboek), -er-
(.
kinderkamer).
-s-, -en-, -er- .

47

,
, . :
het stadsnieuws - ,
de bewapeningswedloop - .

-e-, . :
de geboortedag - ,
de hanekam - ,
, :
de hogeschool - ,
, , , :
het pennemes - .
-s-
(
-s-), :
de landsman - ,
de landman - ,
de watersnood - ,
de waternood - .

()
( ).
. . :
de poortwachter - ,
de klanknabootsing - ,
de zeemogendheid - ,
de inhechtenisneming (. in hechtenis nemen) - ,
de inbeslagneming (. in beslag nemen) - ,
de zeventiendeeeuwer (de zeventiende eeuw) -
XXVII .
,
:
het skilopen - ,
het schaatsenrijden - .

:
het vreedzaam naast elkaar bestaan - .

15.
(
) .
.
, .

48


( ) .




, :
het lezen - ,
het zwemmen - .
. :
het leven - ,
het zijn - ,
het bewustzijn - ,
het weten -
..

, ,
:
het schrijven - ,
het eten - ( )
.
,
, :
het naast elkaar bestaan - ,
het tot stand brengen - ,
..



. ,
,
.


-e ( -en).
,
:
de (een) zieke (. . (de) zieken) - , ;
de (een) blinde - , ;
de (een) schone - ;
de (een) zwarte - ();

49

de (een) geleerde - ;
de (een) bediende - ;
de (een) dwaas - ( -e).

.
,
, ,
.
het,
-e, :

het onbewuste - ,
het ware - , ,
het beste - ,
het rood - ,

..

:
het nieuws - ,
het lekkers -
. -s
.
, , ,
, , :

het eigen ik - ,
het duizend - ,
het waarom - ,
het voor en tegen - ,
al die maren - ,
een luid hoera - .

(HET LIDWOORD, HET ARTIKEL)


16.
: (het lidwoord
van bepaaldheid) (het lidwoord van onbepaaldheid).
: de ( )
het, t ( ).
de, :

50

de man - ,
de mannen - ,
de vrouw - ,
de vrouwen - ,
het kind - ,
de kinderen - .
:
een n , :
een man - mannen,
een vrouw - vrouwen,
een kind - kinderen.
: t n
.
ten ter, :
ten slotte - , . ;
ter wille - , . ;
ter beschikking van - -
te
den (te + den ten) der (te + der ter).

de
die (, , ),
- een ().
het 3 .

.

.
het
( , ,
,
des, s, :
de heer des huizes - ,
s lands wijs, s lands eer - , ,
:
het boek - ,
de boeken - .
de ,
des s
( ) der (

). . :
de geest des oproeps - ,
twintig gulden s maands - 20 ,
het boek der natuur - ,
51

de som der delen - ,


de vriendschap der volkeren - .
des, s , der

, ,
o .

van, :
de ontvangst van een brief - ,
geschiedenis van de partij - ,
de staat van de oorlog - ,
de spelen van de kinderen - .
:

den (
de). den
( . :
Hij spreekt met den vader. .
Ik hoor den haan kraaien.
. .). den : .
Hij had den hoed weer opgezet. .
1947 .
-n ,
-n , ,
.

.

17.


.
:
1) ,
( ), :
Hij koos een hoed. De hoed is nieuw. . ()
;
Ik zal de brief lezen. (, );
Kijk, daar komt de trein. , (,
).
2) (
), , :
Verlies de moed niet. ;
De mens moet werken. ;

52

De hond is een huisdier. - .


3) ,
:
De zon schijnt. ;
De aarde is een bl. - ;
Het sneeuwt in de winter. .
4) , ( )
( )
(
,
,
), :
Wij studeren de Nederlandse taal. .

De man, die ik aansprak, is mijn buurman. ,


, - .
Hij is de beste student. .
De eerste dag van het jaar is n januari. - 1
.

: , , ,
, :
de Dnjepr - ,
de Oostzee - ,
het Ladogameer - ,
de Kazbek - ,
de Apenijnen - ,
het noorden -
..

:
1) ( ),
, ,
( ), :
Het is een nieuwe fiets. ;
Geef mij een boek. (-, );
Kijk daar komt een trein. , (-) .
2) ,
( ), :
Rotterdam is een (grote) havenstad. - ()
.
De tulp is een bloem. .
3) : er is (er was), er wordt .., :
Er was eens een man. - () ;
Er wordt hier een huis gebouwd. ;
Er woonde in de stad een schilder. .

53

:
1) ,
, :
Rembrandt is een der grootste schilders.
.
Nederland ligt aan de Noordzee.
.
Moskou is de hoofdstad van ons vaderland.
.
: het oude Moskou - ;
2) , ,
:
Waar is vader? ?
Moeder weet het niet. ;
3) ,
, :
Zij eten vlees. .
Wij drinken koffie. .
:
De koffie is heet. () ;
Het water van het meer is koud. .
4) , (
), :
Hij is advocaat. .
Zij is schrijfster. ;
5) , ,
, :
Vrede, vrijheid en nationale zelfstandigheid, dat zijn onze leuzen. ,
- ;
Wij strijden voor de wereldvrede. .
6) , :
Collega, hoe gaat het met u? , ?
7) , , ,
, :
Nederlandse Spraakkunst - ,
Trouw ( ),
:
De Telegraaf ( ),
Inleiding - ,
Postkantoor () - ;
8) ,
), :

54

moord en brand schreeuwen - ;


met raad en daad bijstaan - ;
op heter daad betrappen - ;
te vuur en te zwaard - ;
vis nog vlees - zijn ;
hals over kop - ;
bijvoorbeeld - ;
op school - .
( )
, ;
het zijn - ,
de (een) blinde - ,
het voor en tegen -
. .

55